De geschiedenis van de Avesta.

 

Het doel van mijn werkstuk, dat ik ging maken in aanloop van mijn opleiding tot mazdaznan leraar, behandelt enige vragen, die ik mijzelf het afgelopen jaar (2006) stelde. Wie zijn de Mazdayasians? Waar ligt de bron van hun leer? Hoe herken ik deze leer in het huidige Mazdaznan?

Al speurende in oude Mazdaznan literaire werken, en daarbuiten, stuitte ik op onderlinge verschillen, maar ook veel overeenkomsten.

Waardoor waren de verschillen ontstaan? Hoe verhielden deze zich binnen het Zarathoestrisme? Belangrijk was het voor mij ook om de verschillen in de betekenis van het Haoma te ontdekken. Wat is de zuivere waarheid van het Haoma? En hoe kan ik deze vinden? De uitdaging voor mij is een antwoord te vinden. Mijn leraarschap werd bevestigd door de toemalige  kalantaar van Mazdaznan voor het Nederlands talig gebied, Dhr. Tammo Sypkens. Op 15 juli 2011 na 5 jaar studie, kreeg ik mijn diploma en mag mijzelf Mazdaznan leraar en gezondheidkundige noemen.

 

 

Perzische_Rijk_539-330_v.Chr.jpg

 
4+4 copia.jpg

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Relief_Farvahar_Persepolis.jpg

 

 

Inleiding

deel 1,

Ariërs
Pre Zoroastrian Ariers
Gaya Maretan
Mazdayasnians
Het vaderland van de Ariërs
De mondelinge traditie
Pogingen om de mysteries van de zoroastrians te ontgrendelen
MAZDAYASNI  AHMI

 

 

deel 2,

 

Avesta

Aredvi Sura Anahita

Zoroaster

Avesta Zend

De Sassaniden Avesta

De vernietiging van de Avesta

 

 

deel 3

 

Haoma

Sacred Haoma

Ab-Sohr

Het Haoma vraagstuk

                                                                                                                               

 

deel 4


Het begin der dingen

De Zarathoestrrische Iraans-Perzische literatuur

De Bundahesh

"Ahoe Vairya"

ASHA

"Amesha Spentas"

Fravashis

Angro mainyoes

Ahriman

Spenta MainyuAngra Mainyu

De reine Gayomard

De schepping der aarde

De mazdeisme leringen 

 

 

deel 5

 

De zeven ontwikkelingsfasen van mens en aarde

Het heilige getal 7

De Mazdaznan familie

Chakra's

Mazdaznan klierkunde

Syncretisme

Sleutels van ontwikkeling 

 

 

deel 6

De Leer van Zarathoestra

Zarathoestra

Het Zoroastrianisme

Het Christendom beinvloed door het Zoroastrianisme

 


Conclussie

Woordenlijst

Bronnen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Perzische_Rijk_539-330_v.Chr.jpg

 

 

 

Inleiding

 

Op mijn zoektocht neem ik u mee naar de volgende onderwerpen beginnende bij het eerste hoofdstuk, naar de Hoog vlakten van Tibet, naar het Zend-volk de Avestaners in Aryana, die zich de Ariërs noemen. Mensen van het Arische volk een relatief klein land aan de rand wat eens een grote Arische natie zal zijn: The Iranyan kingdom. Een volk dat hoogtijdagen kent tijdens de Sassaniden periode. Die zich later nomaden/ handelaren over de wereld verspreidden. Al snel zouden zich in de vroegste perioden onderlinge verschillen in de ontwikkeling van de leer duidelijk worden. Er ontstaat een kloof binnen het Avestische volk. De Avestaners die naar het westen trokken deelde zich later in twee takken: de  Iraans-Ariërs en de Semieten tak in Mesopotamië. De Veda ariërs gingen naar India..

 

De opeenvolgende invasies van Perzië of Iran heeft geresulteerd in de vernietiging van het grootste deel van de Zoroastrian geschriften de Avesta. Samenvoeging van de Avesta en de Pahlaviteksten vond plaats onder het bewind van de Sassanidische koningen.

De geschiedenis van Iran kan met recht de bakermat van de beschaving

De handel met China was ten tijde van Alexander lansg de zogenaamde Zijderoute begonnen. Maar tijdens de Hellenitische periode begon de handel pas echt door te breken. De handel over land bewerkstelligde fascinerende culturele uitwisselingen. Het Boeddhisme kwam via India overwaaien, terwijl het Zoroastrisme zich naar het westen uitbreidde. Dit beïnvloedde uiteindelijk het Jodendom en het Christendom.

 

Bij de Parsen in Surat vond Anquetil Duperron, die zich in 1755 als gewoon soldaat door de Indiase Compagnie had laten aanwerven ten einde in India oude handschriften te kunnen verzamelen, de Pehlevi-Zend-Avesta, die hij in 1761 naar Europa bracht. Rond de tijd dat Westerse reizigers en schrijvers werden geconfronteerd met handgeschreven manuscripten van de Avesta, waren filologie en taalkunde disciplines. Westerse geleerden begonnen enthousiast te reconstrueren en vertaalde de tekst. De belangrijke Zend-Avesta geschriften bestond uit 2 op perkament geschreven delen, die in het Iraans-Perzisch gebied in de stevig versterkte gewelven van een Iraanse tempel werden bewaard.

 

Het 2e hoofdstuk: behandelt het Haoma vraagstuk. Dit hoofdstuk gaat over mijn zoektocht naar de bron  van waarheid, omtrent het haomaritueel dat door de eeuwen heen door de opvolgers van Zarathoestra Spitama na hun eigen waarheid is ingevuld, maar niet overeenkomen met de Mazdayasnian oer-leer, zoals deze van oorsprong was.

In dit hoofdstuk neem ik u mee, met behulp  van Dr.Warnar Moll, uit Amsterdam, met wie ik over dit onderwerp correspondeerde, en die voor de wetenschappelijke invulling borg staat. Toevalligerwijs was Dr.Warnar Moll op mijn site gestuit en het ‘toeval’ wilde dat hij de kant van het ritueel van het Haoma bestudeerde, en contact onderhield met Mr. K.Ed Eduljee, Zoroastriaan, oprichter van het Herritage Instituut, Vancouver, Canada.Waar ook ikzelf o.a.mijn informatie bron vond. Toeval!!! Terwijl mijn ingang van het Haoma, innerlijke ondersteund wordt middels oefeningen en gebeden een proces is van wedergeboorte.

 

Niettegenstaande vond ik het interessant en waardevol om door deze stof heen te gaan. Maar juist het innerlijke proces daarin vindt ik mijn verbondenheid. De innerlijke vorm is van alle uiterlijk heden ontdaan, hier vind ik de eigen verantwoordelijkheid die men heeft te nemen, zoals Ainyahita deed, door de keuze te maken haar familie te verlaten en in de eenzaamheid de kudde van haar vader te hoeden, en zichzelf de vraag stelde hoe de natuur zich heeft ontwikkeld. Hier voel ik de kracht van de eenvoud en het nemen van de eigen verantwoordelijkheid. Hier zie ik de takken van de geurige Baresman hangen die de vertrekken vullen met een heilige geur. Hier zie ik de nomaden met een bundel baresman meevoerend op hun tocht. Wetende dat dit heilige kruidt hen zal bijstaan, daar waar men toepassingen heeft ter ondersteuning in tijde van ziekte, en gezondheid.

 

Het 3e hoofdstuk verhandelt over de Mazdaische legendes

De Zarathoestrische-Iraans-Perzische literatuur is geïnspireerd geweest door de geestrijke leringen in de Zend-Avesta die betrekking hebben op de schepping van hemel en aarde, de gedachte van het eeuwig leven, het herstel en de opstanding van de mens en de vereffening of transmigratie, en die de weg wijzen naar de enige poort waar de mens doorheen moet gaan om de majesteit en de heerlijkheid van de Heer God Mazda deel te hebben. Anquetill Duperron vond de oude Pehlevi-Zend-Avesta geschriften. Die hij in 1761 naar Europa bracht met een paar Indiase dichtwerken

van de Zend-Avesta, de Bundehesh en de Dinkhard, die een zeker overzicht over de verloren gegane gedeelte van de oorspronkelijke Avesta verschaffen en in zekere mate een goede aanvulling zijn voor de ons tot nu toe bekende brokstukken van de Avesta.

 

Hoofdstuk 4, verhandeld de ontwikkeling van mens en aarde met een verslag van de geestrijke leringen van Rudolf Steiner.

Verder zullen we het getal 7, in verschillende vormen bestuderen en de overeenkomsten ontdekken met de Mazdaznan leringen.

En moeten erkennen dat, de menselijke ontwikkeling af hangt

van de toestand van zijn hersenen en de zenuwsystemen. Wat in de mens geschiedt, straalt vanzelf uit in de gemeenschap.

In de 7 sleutels van ontwikkeling, geef ik de belangrijke stappen aan die de mens neemt op weg naar het hogere doel. Deze tredes zijn herkenbaar in de symboliek van de Mazdayasian leer.

 

Het 5e hoofdstuk

In de Gatha’s is Ahura Mazda de ene grote oorzaak, de bron van al wat is, het begin en het einde, de “schepper” van alle zienlijke en onzienlijke dingen, de eeuwige, de allesomvattende, de alomvertegenwoordige en onveranderlijke, volstrekte liefde en rechtvaardigheid. Ahura is de eeuwige wet, die de mens geopenbaard word door de mathra-spenta, het heilige woord. Volgens deze wet wordt het heelal geschapen, en vanaf het beginvan de schepping van de mens openbaart het zich. Deze wet, de daena

 

Het Zoroastranisme is een oude religie die gesticht door Zarathoestra in het oude Aryan. Het Zoroastrianisme is de oudste beoefende monotheïstische godsdienst (geloven in God) De Zoroastrian geschriften zijn de Avesta.De Zoroastrian geloofsbelijdenis zij aan het leven gebaseerde uitdragingen van: goede gedachte, goede woorden en goede daden.De Zoroastrian opvattingen en wijsbegeerten zien de schepping als een gelijktijdig naast elkaar bestaande dualiteit. 

Mainyu het spirituele bestaan en Gaeta ( Gaethya ) het materiële of het fysieke bestaan. Het spirituele is de basis voor het materiële bestaan

 

De Iraanse dichter Ferdausi’s (935 – 1020)  schrijft zijn boek “Sjahannama “, boek der koningen, Zarathustra vertelt koning Vishtasp “ Kijk op de hemelen en de aarde God, Ahoera Mazda creëerde ze niet met stof en water. Kijk naar het vuur en zie daarin hoe zij tot stand is gebracht”. Vuur is een overgang tussen het spirituele en materiele bestaan. De universele wetten Asha beheersen/regelen de orde in het spirituele en materiële bestaan. De mens is samengesteld uit een zowel de geestelijke en materiele bestaan.Asha  is beschikbaar, middels onze individuele keuze om orde op zaken te stellen middels onze gedachten, woorden en daden.

 

Het 6e hoofdstuk:

Door het Paulinisme werd weliswaar een eenheidskerk geschapen die elk ongeveer1200 door de reformatie weer in twee delen gesplitst werd. De avestanische oerreligie en het oerchristendom, die van haar aanhangers nog een persoonlijke inzet verlangden (oefening, dieet), verloren hun invloed op het volk in de loop der eeuwen steeds meer en verkommerde tenslotte. Alleen in stilte, in kleine kring, konden de getrouwen de waarheid verder overleveren. Ook wij Mazdaznan behoren tot die getrouwen, ondanks de onheuse gebeurtenissen in Nicea, waardoor het oerchristendom in de huidige verkeerde richting gedrongen werd. Laat het daarom onze opgave zijn de mensheid te tonen, dat de meestergedachte, zoals Dr.Ha’nish ons die bracht, de eerste en enige nachristelijke boodschap is, die de mensen terugleidt naar de bronnen van ware religie.Zelfs wanneer door de oekomenische gedachte de scherpe kantjes van de christelijke kerken wat verdwenen zijn, blijft toch nog een diepe kloof bestaan tussen de avestanische Mazdaznan gedachte en het paulinische christendom

 

 

Afbeeldingsresultaat voor ariers

 

 

 

Ariërs

Wie waren deze Ariërs? (in het Iraans Aryans)

De Avesta-Ariërs en de Veda Ariërs

Hoog Tibet, omstreeks 6000 voor Christus vinden we op de hoogvlakte van Iran  reeds een hoogbeschaafd volk, te midden waarvan Zarathoestra leefde en leerde. In hun taal, de Zendtaal/Zandtaal, schreef hij het heilige boek de Avesta. De ontwikkeling van het volk neemt vorm aan en wordt Mazdayasni /Mazdayasians genoemd: leerlingen van Mazda, Ahoera Mazda.

Het is niet onwaarschijnlijk dat nomadische stammen via de Kaukasus regio naar Azië trokken. De Kaukasus is een gebied dat grenst aan het uiterste zuid-oosten van Europa en het westen van Azië. De Kaukasus is een regio met een buitengewone grote diversiteit aan etnische en culturele groepen. Door de eeuwen heen kruisten er grote handelswegen van de Middellandse Zee tot China en van het Oosten tot de Aziatische wereld. Bevolkingsgroepen vanuit Azië, het middenoosten en Europa vestigden zich in grote getale in het Kaukasus gebied. Bovendien was het strategisch gelegen berggebied voortdurend voorwerp van inzet van terroriale conflicten tussen de omringende mogendheden, te weten o.a. het Perzische Rijk.

 

Het hoogland van Iran ook wel het Iraans plateau genoemd, is een streek in Iran en delen van Afghanistan, Pakistan, Turkmenistan en Zuid Azerbeidzjaan. Het is een deel van de aardkorst dat ingeklemd ligt tussen de Anatolische plaat, in het westen en de Arabische plaat in het zuiden. De Indische plaat in het noorden. Aan de noordzijde bevindt zich de Elboers, aan de westzijde het Zagrosgebergte en in het oosten de Hindukoesj. Iran, in de oost-Iraanse dialecten als Aryana uitgesproken, is de naam die sinds de oudheid aan de door de Iraanse tak van de Indo-Europeanen bewoonde regio werd gegeven en betekende zoveel als “land van de Ariërs”.

De bewoners waren nomaden die via de zijderoute vanuit de Kaukasus de bakermat van de Westerse beschaving die aanvangt 3000 v. Chr. met het schrift. De Kaukasus is een gebied dat grenst aan het uiterste zuidoosten van Europa en het westen van Azië. De Kaukasus is een kruispunt van culturen en religies en talen.

 

De nomadische stammen volgden hun leiders en  komen uiteindelijk op het zuid-oostelijke deel van het Iraans plateau aan. (Hoog Tibet)

Het vertrek van het jongste en blanke volk uit Aryana trekt westwaarts, eerst naar Chaldea en Mesopotamie (Irak), dan over geheel Klein-Azie. Dan langs de kusten van de Middellandse Zee. Klein-Azie grenst aan het zuidoosten van Irak, en is het uiterste westen van Azië

Voor deze stammen waren ‘water’ en ‘vuur’, de belangrijkste elementen, beide waren onontbeerlijk, voor de Indo-europese nomaden in deze periode. Water zorgde ervoor dat mens en dier niet omkwamen van de dorst. Het vuur gaf de nomaden de mogelijkheid, om hun voedsel te bereiden, en wilde dieren op een afstand te houden. Bovendien was het warmte, tegen de koude wintermaanden.. Voor het aanmaken van vuur, gebruikten de nomaden de zogenaamde “ slapende vuren” die ze met zich meevoerden. In zowel water als vuur herkenden de nomaden de Godinnen Apas en de god Atar.De nomaden herkenden ook hun goden in andere natuurvormen, zoals de zon, de maan, de aarde, en de verschillende winden.. De nomaden stelde de wereld voor als een platte schijf, met daarop zeven verschillende gebieden, de zogenaamde Karshavars. Het grootste gebied Khavaniratha, is omringd door de andere gebieden, die elk afzonderlijk van elkaar door water gescheiden zijn. In het water bevindt zich de “boom van alle zaden”. Ieder jaar wordt aan de rand van Khavaniratha, een gevecht gevoerd tussen de goede god Tishtriya en de demon Apaosha, in de gedaante, van een witte en een zwarte hengst. Tishtriya zou winnen, wanneer er gedurende het jaar voldoende aan hem geofferd werd.

Na zijn overwinning, stort hij zich in de zee Vourukasha, waarbij de golven in merries veranderen, waardoor er water in overvloed ontstaat. De “boom van alle zaden” staat ook in de Vourukasha, waardoor het water vruchtbaar wordt. Maar ook water met zaden, dat opgenomen wordt in de wolken door de god Vata, en deze over de zeven Karshavars verspreidt, waardoor het nieuwe jaar nieuw leven in zich droeg. De Karshavar Khavaniratha bezat als enige gebeid een hoge berg, Hara.. Omdat de zon zich rond de berg bewoog, kende de aarde, volgens de nomaden een dag en een nacht. De natuur wet die deze beweging en daarmee de veranderingen van seizoenen met zich mee bracht noemde men Asha, wat orde, gerechtigdheid, of waarheid betekent.

Bij de nomaden hechte men grote waarde aan reinheid. Gebruikte voorwerpen konden na de schoonmaak ritueel weer gewoon voor andere doeleinden gebruikt worden. De nomaden hadden niet veel ruimte voor het meenemen van heilige attributen Zarathoestra verafschuwde, bloedoffers, het ritueel slachten van dieren, plengoffers, afgoderij en lijfstraffen.deze straf zien we zich voordoen in een latere periode van het Zorastrianisme, met vaak dodelijke afloop, waar de goden Mithra (afspraak)en varuna (eed) een rol speelden. Maar de profeet Zarathoestra kon echter niet voorkomen, dat zijn opvolgers deze ontwikkelingen toestonden. In het Mazdaïsme is het respect voor de gehele natuur, dus ook de mens heilig.

 

De Avestaners die naar het westen trokken deelde zich later in twee takken: de  Zarathoestrische of Mazdayasians en de Semieten tak in Mesopotamië. De Veda ariërs gingen naar India. We moeten niet vergeten dat het een grote multi-etnische groep was, die allen hun wortels hadden in de oude Arische volksgeloven. En veel overeenkomsten hebben met de Veda’s van de Hindoes. 

De Indo-europese groep waarvan de leden in de Zoroastrian geschriften worden beschreven, de ‘Avesta’, en de andere groep die in de Hindu geschriften de ‘Rig-Veda’ voorkomen. De Indo-europese groep welke de leden de Avesta opstelden en de oude Hindu geschriften de Rig-Veda, noemde zichzelf Aryans (Airya/Airyan in de Avesta, Arya/Aryan in de Rig-Veda.

 

De taal van de twee geschriften zijn vergelijkbaar, maar zijn niet aan elkaar identiek, waarmee wordt aangegeven, dat op het moment van het schrijven, de mensen van de Avesta en de Rig-Veda verwant waren, in zoverre buren van elkaar waren. Vergelijkbaar met twee provincies binnen een land, waar het volk twee dialecten spreekt van dezelfde taal.

‘Indo-europese, is de naam die taalonderzoekers gegeven hebben aan de gezamenlijke oertaal, waarvan de meeste Europese talen afstammen.

Het Indo-Iraans, behoort tot de Indo-europese taal familie en binnen deze taalfamilie is het een onderdeel van de tak van de Iraanse of Arische talen.

 

Op het moment dat het nomadische volk zich vestigt op het Iraans plateau wordt de taal Indo-Iraans. Het Oud Perzisch ontwikkelt zich dan uit het  proto-Indo-Iraans. Het midden-Perzisch, ontwikkelt zich in de Sassanidische tijds periode’.

Op het moment dat de oudste delen van de Avesta en Rig-Veda werden samengesteld waren de Aryans bewoners van het Arische land Airyana Vaeja of Airyana Dakhyunam in de Avesta, Arya Varta in de Rig-Veda’s. Toegevoegd: De Aryans waren de groep van de Indo-Iraanse familie die afkomstig waren uit Airyana Vaeja/ Arya Varta, het Arische vaderland.

De twee Indo-Iraanse groepen, waren dichte buren maar ze scheiden zich in  Indiërs en Iraniërs, wat we nu kennen als Iran en India. Wat de oorzaak van deze scheiding lijkt te zijn geweest waren hun religieuze overtuigingen, deze werden tegenstellingen van elkaar, maar met een gedeelde overtuiging en met gemeenschappelijke wortels.

 

De prehistorie van de Ariërs/ Aryans

De prehistorie van de Ariërs is te vinden in de Avesta, de heilige Zoroastrische geschriften. (o.a. in Zamyad Yasht 19), in Midden-Perzische teksten, van de Iraanse dichter Hakim Abul-Qasim Mansur (later bekend als Ferdowsi Tusi), en voltooid rond 1010 CE.en in de Hindoe geschriften, de Veda’s

De betekenis van de prehistorie in deze teksten, is een samenvatting van menselijke ontwikkelingen. Het individuele bewind van een legendarische Arische koning, soms duizenden jaren lang, bevat ontwikkelingen die overeenkomen met archeologische en historische tijdperken als de steen en het ijzeren-tijdperk.

Zo loopt bijvoorbeeld de ontwikkeling tijdens de eerste Arische koning Gaya Maretan parallel met wat archeologen en historici noemen de steentijd. Daarom kan verwezen worden naar het legendarische bewind van Gaya Maretan als het stenen tijdperk van de Arische geschiedenis.

Gaya Maretan
Gaya betekent leven en maretan betekent sterfelijk. In sommige bronnen is Gaya Maretan de eerste sterfelijke of menselijk wezen.

Ferwodowsi’s Shahnameh, aangevuld met de Farvardin Yasht 13,87, vertelt dat de
Arische prehistory begon met Gaya Maretan, oprichter van de Arische natie.
Mensen leefden in de bergen (Hara Berezaiti, de Hara Bergen), en droegen dierenhuiden en bladeren. Ze verzamelden vruchten en andere planaardige voedingsmiddelen. Dieren werden voor het eerst gedomesticeerd, en het hoeden van vee begon.

Tijdens het tijdperk van Gaya Maretan, werden religie en religieuze riten ontwikkeld. Volgens de Avestan en de Shahnameh, was Gaya Maretan een Mazdayasni, een aanbidder van Mazda of God. In de oudste Hindou geschriften, de Rig Veda, aanbidding van de opperste God, Asura Varuna, of polytheïstisch ‘meergoden’ verering onder de Ariërs. Zie hiervoor bij Arische religies: Aryan
godsdiensten en oorlogen.

De Shahnameh vertelt ons dat Ahriman, de leider van de Deva aanbidders jaloers was op Gaya Maretan en wilde Gaya Maretan’s troon, de troon van de Ariërs grijpen. Als gevolg hiervan, ontstaan de eerste godsdienstoorlogen vond in deze
periode plaats tussen Mazda en Deva aanbidders.

In eerste instantie waren de Deva aanbidders overwinnaar in een strijd waarin Gaya Maretan’s zoon Siyamak werd gedood. Gaya Maretan verzamelde een leger onder het bevel van zijn kleinzoon HAOSHYANGHA (Hushang), en versloeg de Deva
aanbidders. Na deze tweede slag vestigde zich de Mazdayasnian zich als een dominante religieuze groep tussen de Mazda en Deva aanbidders. De twee groepen bleven in elkaars nabijheid samenleven. Later aan het einde van de Jamshidi?Yima tijdperk, zou de dominantie verschuiven naar de Deva aanbidders,waarna het heen en weer zou gaan bewegen tussen de twee groepen.

De ontwikkelingen leiden naar het ontstaan en de oprichting van een nationaal bestuur met een erfelijk koningschap en een Koninklijke lijn. In dit systeem van bestuur hadden de Arische koningen een heilige verantwoordelijkheid om mensen te beschermen, het vaststellen en handhaven van de wet, de menselijke ontwikkeling te stimuleren en de vooruitgang van de samenleving te leiden naar
een beter leven. Wanneer Arische koningen dit heilige vertrouwen uitdroegen dan waren zij al regerend in genade en overeenstemming met hun Khvarenah.  khvarenah Khvarenah of khwarenah is een Avestan taal woord voor een Zoroastrische begrip letterlijk aanduiding "heerlijkheid" of "pracht", maar opgevat als een goddelijke mystieke uitstraling, Goddelijk persoon. Deze ethische overeenkomst zien we
heden ten dage terug als een sociaal contract.

 

Pre zoroastrian religie, Mazdayasni, Mazda aanbidding:

In de Avesta boek van Yashts, vers 13.87 van de Farvardin Yasht, en evenals in de Perzische Denkard op 3.35: vermelding van Mazda, God werd aanbeden door de Ariërs ten tijde van de eerste Arische koning Gaya Maretan. Met andere woorden vanaf het begin van de Arische geschiedenis. Deze verklaring wordt bevestigd door de dichter Ferdowsi’s epos, de Shahnameh, en door de Midden Perzische Zoroastrische teksten. In deze teksten waren de Gaya Maretan en zijn volk de eerste Mazdayasnians= Mazda aanhangers, de aanbidders van God= Mazda. Het woord ‘Mazda’ wordt gerelateerd aan het Sanskriet ‘Medha’ de betekenis intelligent en wijs. Het woord Mazda werd gebruikt om God, de schepper, door wijsheid, de Goddelijke gedachte. Mazda=God.

Paoiry-Tkaesha
In de aanhef van de AvestPaoiryo-Tkaesha Farvardin Yasht en de Yasht’s vers 13, 150 vertelt dat Gaya Maretan en de andere Pre-Zoroastrische Mazdayasni ‘Paoiryo-tkaesha ’beschermers van de oorspronkelijke oude wet werden genoemd. Om de vroege Mazda eredienst te onderscheiden van de latere Zoroastrische Mazda aanbidding, zullen we de originele Arische religie, Mazdayasni Paoiryo-Tkaesha- noemen.

Ahura-Tkaesha

De Farvardin Yasht's verzen 89 & 90, vermelden dat in de Arische geschiedenis, Zarathushtra de Ahura-Tkaesha,  de wetten van de Heer (Ahura) verkondigde. Het woord 'Mazda' was gerelateerd aan het creatieve aspect van de godheid en als de ultieme uiting van  wijsheid, het woord 'Ahura' als heerschappij over de schepping door middel van orde en wetten, die zijn aangeboren in elk deel en deeltje van de schepping (cf. Fravashi).

Zarathustra gebruikt deze twee begrippen om een geloof omschreven als Mazdayasno Zarathustrish Vidaevo Ahura-Tkaesho, dit betekent dat de Heer (Ahura), een Mazda-aanbidding verkondigt in tegenstelling tot de daeva wetten. Daeva’s= gevallen engelen, die met Angro Mainyoes de getrouwen ten val trachten te brengen.

Omdat de pre-Zoroastrische religies Mazdayasni werden genoemd, hebben veel auteurs verondersteld dat Zarathoestra de hervormer was van een mazdayasni religie die hem voorafging, in plaats van de stichter van een nieuwe godsdienst.

Zarathustra en zijn volgelingen hebben gebruik kunnen maken van eerdere elementen van een eerdere religie of religies, en deze hernieuwd in het zoroastrisme hebben opgenomen. Denk hierbij aan Ainyahita. Maar de radicale aard van zijn leer ongeacht het gebruikelijke woord voor goddelijkheid, dat verschillend beleefd werd, was het al moeilijk genoeg om naar Zarathustra luisteren.

Er zijn nog andere reden om aan te nemen dat Zarathustra een hervormer was. Zijn concept van een Mazdayasni was heel anders dan de vorige begrippen als Mazdayasni.
Er is een verklaring voor deze beweringen:

While Zarathushtra may have used previous concepts and while his followers may have incorporated elements of a previous religion, or religions, back into Zoroastrianism, Zarathushtra's teachings were different enough for him to have initially experienced great difficulty in getting others to listen to him.

Eerste, Mazda-yasni direct vertaald betekent gewoon God aanbidden in plaats van de naam van een religie. Er was geen onderscheid in goed of kwaad, alles was een eenheid. In de latere periode werd de werelds oudste (Zoroastische) monoistische religie door de onderlingen strijd dualistisch. Dit dualisme is in alle huidige religies die hun bron vonden in het Zarathustrisme/Zoroastrisme terug te vinden. Belangrijk is dat we weer tot de eenheid terugkeren, van de naar een alles omvattende eenheid. Zonder de schaduw te benoemen, blijven we dat doen dan zal deze schaduw er altijd zijn. Kijk naar de realiteit, de dualiteit heeft tot op heden veel verwarring, scheiding, onrust, en oorlogen gebracht!

Het Heilige boek Avesta van Yashts, evenals delen van andere Avestan boeken, geven ons aan dat de pre-Zoroastrische Mazdayasni overtuigingen, vergelijkbaar zijn met de overtuigingen uit het Oude Testament van de christelijke Bijbel. 

Zie ook de prehistory van de zoroastrian religie.

 

Het vaderland van de Ariërs

Het vaderland van de Ariërs, of Arisch land heette Airyana Vaeja of Airyanam Dakhyunam in de Avesta en Arya Varta in de Veda’s.

De boeken van de Avesta, alsmede de Pahlavi teksten, zoals de Bundahishn, vertellen ons dat Airyana Vaeja het Arische vaderland, waar Zarathoestra’s vader woonde (20.32) en waar Zarathoestra zijn overtuigingen uitsprak.

In de tekst zijn ook de naburige landen opgenomen. Deze verwijzen samen naar de bodemgesteldheid en het weer in Airyana-Vaeja, het geeft ons aanwijzingen over de locatie van het oorspronkelijk Arisch vaderland, alsmede informatie over de Arische mensen en hun buren en relaties.

De oudste vermelding van het vaderland vinden we in het hoofdstuk van de Avesta dat de meest intieme kennis van Zarathustra en zijn eerste volgelingen weer geeft. De Farvardin Yasht (hfdst.10 van het boek van Yasht) De yashts lijsten van namen van personen die de eerste toehoorders en leraren van Zarathoestra’s leer waren in Airyana Vaeja. (De zogenaamde Airyanam Dakhyunam in de Yasht)

Naast de inwoners van Airyana Vaeja, zijn sommige van de eerste toehoorders van aangrenzende landen. De Farvardin Yasht (13,143 en 144) deze noemt 4 gebieden: Tuirya (Turan) Sairima, Saini en Dahi. Latere teksten vertellen ons dat de grens tussen de Arische natie en Turan de Oxus of UMA Darya rivier was, deze loopt van de Pamirs naar het Aralmeer.

Bij de latere toehoorders “en docenten” wordt vermeld koning Vishtasp (13,99) Hoewel latere teksten vermelden dat Vishtasp koning was van Bakhdi, nu, vandaag de dag Balkh in Noord Afghanistan. In de Farvardin Yast, word Bakhd niet in de lijst van naties vermeld. Latere teksten echter zeggen dat in een aanvulling op Airyana Vaeja, Zarathustra’s verspreiding van de boodschap in Bakhdi/Balkh, Zarathustra gedood werd door een Turanian. Het is mogelijk dat de naam Bakhdi later is toegevoegd.

In latere teksten is de UMA Darya rivier de grens van het oude Bakhdi. Een deel van de UMA Darya rivier loopt ten Noorden van het huidige Balkh. Balkh is direct ten Zuiden van Samarkand over een Oost-Oostverbinding van de Pamir bergen. Samarkand en Balkh zijn een van de eerste landen die vermeld staan in de Avesta de Vendidad. In de Vendidad worden alle gebieden genoemd, ook het huidige Iraanse plateau.

 

De mondelinge traditie

Zarathoestra gebruikte de in zijn geheugen opgeslagen wijsheden voor het onderwijs, doormiddel van hymnen genoemd de Gatha’s. De Gatha’s vormen de kern van de Avesta. Aanvullingen gingen door Zoroastrian conform deze traditie. Wanneer priesters werden ingewijd in de Godsdienst, hadden zij de taak om de Avesta, met name de Gatha’s en de liturgie te onthouden. Deze methode bleek zeer effectief te zijn, bij het behoud van de leer. Want wanneer de taal van het reciteren (voordragen, opzeggen) door de mensen veranderde, veranderde de betekenis van de woorden en ging verloren, zodoende kon de mondelinge traditie staven op oude waarheden.

Zend: Na scheiding van de groepen, Indo-Ariërs en de Indo-Veda’s, werd het Avestische canon dat was samengesteld uit Oost-Arische dialecten gesloten. Na de kloof, werden aanvullingen op de Avesta in de vorm van verklaringen, interpretaties en commentaren in combinatie met het Avestisch heilig schrift Zend of Zand genoemd. Het zend of Zand, werd samengesteld in talen die voerbaar waren na de omverwerping van de Macedonian heerschappij van Alexander de Grote door de Parthen. Deze commentaren werden in een relatief moderne taal geschreven te noemen het Pahlavi of midden Perzisch, de taal van Perzië en Iran uit de 2e tot de 7e eeuw van onze jaartelling

 

Pogingen om de mysteries van de zoroastrians te ontgrendelen  

De Zoroastrian geschriften en commentaren in de Avesta ‘Zend’ zijn blijven bestaan door toedoen van de priesters die de passages in de oorspronkelijke taal hadden onthouden. Niettemin zijn er 1700 opgeslagen teksten verloren gegaan. Wat bleef waren de opgeslagen teksten en ruwe vertalingen van vorige vertalingen. Deze vertalingen zijn beïnvloed door de adviezen van hun dag.

Rond de tijd dat Westerse reizigers en schrijvers werden geconfronteerd met handgeschreven manuscripten van de Avesta, waren filologie en taalkunde disciplines. Westerse geleerden begonnen enthousiast te reconstrueren en vertaalde de tekst. Hoewel er aanzienlijke vooruitgang is geboekt in het blootleggen van de betekenis van de Avestische teksten, is er nog steeds grote onenigheid over de betekenis van de vele Avestische woorden en passages. We kunnen nooit terug naar de ware betekenis en de wijsheid van de oudere passages.

 

MAZDAYASNI  AHMI

( Ik ben een aanbidder van Mazda/God)

 

pre-Zoroastrian Aryan Godsdiensten

De informatie bronnen over de pre-Zoroastrische Arische religisch zijn de Zoroastrische en Hindoeistische geschriften: de Avesta en de Veda’s respectievelijk de Midden Perzische Zoroastrische teksten van de dichter Ferowsi’s, de Shahnameh.

De beschrijving van de oude Arische religies, de namen van hun goden, en de groepen die hen aanbaden, zijn niet in deze informatie omschreven. Echter bij het lezen van de teksten, komen sommige gemeenschappelijke thema’s naar voren, thema’s die ons in staat stellen om de vroege Arische religieuze overtuigingen, gewoonten en groeperingen te kunnen begrijpen, evenals de relatie tussen de verschillende Arische groepen.        

oorlog_goden.jpg

               

Afbeelding: Gevechten tussen de deva's en asura's. De kosmische oorlogen tussen de goden waren symbolisch voor de aardse oorlogen tussen de twee groepen. 

Bekeken worden drie primaire pre-Zoroastrian Arische in de bronteksten genoemde godsdiensten:Mazda aanbidding, daeva of deva aanbidding en asura aanbidding. 

 

1. Mazda aanbidding

Mazdayasni

In de Avesta boek van Yashts, vers 13.87 van de Farvardin Yasht, en evenals in de Perzische Denkard op 3.35: vermelding van Mazda, God werd aanbeden door de Ariërs ten tijde van de eerste Arische koning Gaya Maretan. Met andere woorden vanaf het begin van de Arische geschiedenis. Deze verklaring wordt bevestigd door de dichter Ferdowsi’s epos, de Shahnameh, en door de Midden Perzische Zoroastrische teksten. In deze teksten waren de Gaya Maretan en zijn volk de eerste Mazdayasnians= Mazda aanhangers, de aanbidders van God= Mazda.

Het woord ‘Mazda’ wordt gerelateerd aan het Sanskriet ‘Medha’ de betekenis intelligent en wijs. Het woord Mazda werd gebruikt om God, de schepper, door wijsheid, de Goddelijke gedachte. Mazda=God.

Paoiry-Tkaesha
In de aanhef van de AvestPaoiryo-Tkaesha Farvardin Yasht en de Yasht’s vers 13, 150 vertelt dat Gaya Maretan en de andere Pre-Zoroastrische Mazdayasni ‘Paoiryo-tkaesha ’beschermers van de oorspronkelijke oude wet werden genoemd. Om de vroege Mazda eredienst te onderscheiden van de latere Zoroastrische Mazda aanbidding, zullen we de originele Arische religie, Mazdayasni Paoiryo-Tkaesha- noemen.

Ahura-Tkaesha

De Farvardin Yasht's verzen 89 & 90, vermelden dat in de Arische geschiedenis, Zarathushtra de Ahura-Tkaesha,  de wetten van de Heer (Ahura) verkondigde. Het woord 'Mazda' was gerelateerd aan het creatieve aspect van de godheid en als de ultieme uiting van  wijsheid, het woord 'Ahura' als heerschappij over de schepping door middel van orde en wetten, die zijn aangeboren in elk deel en deeltje van de schepping (cf. Fravashi).

Zarathustra gebruikt deze twee begrippen om een geloof omschreven als Mazdayasno Zarathustrish Vidaevo Ahura-Tkaesho, dit betekent dat de Heer (Ahura), een Mazda-aanbidding verkondigt in tegenstelling tot de daeva wetten. Daeva’s= gevallen engelen, die met Angro Mainyoes de getrouwen ten val trachten te brengen.

Omdat de pre-Zoroastrische religies Mazdayasni werden genoemd, hebben veel auteurs verondersteld dat Zarathoestra de hervormer was van een mazdayasni religie die hem voorafging, in plaats van de stichter van een nieuwe godsdienst.

Zarathustra en zijn volgelingen hebben gebruik kunnen maken van eerdere elementen van een eerdere religie of religies, en deze hernieuwd in het zoroastrisme hebben opgenomen. Denk hierbij aan Ainyahita. Maar de radicale aard van zijn leer ongeacht het gebruikelijke woord voor goddelijkheid, dat verschillend beleefd werd, was het al moeilijk genoeg om naar Zarathustra luisteren.

Er zijn nog andere reden om aan te nemen dat Zarathustra een hervormer was. Zijn concept van een Mazdayasni was heel anders dan de vorige begrippen als Mazdayasni. Er is een verklaring voor deze beweringen:

Eerste, Mazda-yasni direct vertaald betekent gewoon God aanbidden in plaats van de naam van een religie. Er was geen onderscheid in goed of kwaad, alles was een eenheid. In de latere periode werd de werelds oudste (Zoroastische) monoistische religie door de onderlingen strijd dualistisch. Dit dualisme is in alle huidige religies die hun bron vonden in het Zarathustrisme/Zoroastrisme terug te vinden. Belangrijk is dat we weer tot de eenheid terugkeren, van de naar een alles omvattende eenheid. Zonder de schaduw te benoemen, blijven we dat doen dan zal deze schaduw er altijd zijn. Kijk naar de realiteit, de dualiteit heeft tot op heden veel verwarring, scheiding, onrust, en oorlogen gebracht!

Het Heilige boek Avesta van Yashts, evenals delen van andere Avestan boeken, geven ons aan dat de pre-Zoroastrische Mazdayasni overtuigingen, vergelijkbaar zijn met de overtuigingen uit het Oude Testament van de christelijke Bijbel. 

 

2. Daeva of Deva aanbidding

Opmerking: De woorden Deva(Vedische Sanskriet), Daeva(Avestan Oude Iraans) en Div(Midden en modern Perzisch) worden in het algemeen beschouwd als varianten van hetzelfde woord, worden op soortgelijke soortgelijke wijze toegepast, maar er zijn momenten dat ze verschillende betekenissen hebben. Deva: de Deva zijn goden van de Hindoe geschriften. 

Interpretatieproblemen

Het is waarschijnlijk dat de daeva s ooit de "nationale" goden waren van pre-Zoroastrians de Mazdayasnians. Hoewel met het getuigenis van de Gathas, waar de daeva s, hoewel afgewezen, waren het nog steeds blijkbaar goden was het een conflict tussen twee groepen van de daeva’s en de asura’s, dus ook in conflict met Ahura Mazda en ahura’s in het algemeen.

Een Daeva is in de Avestische taal een wezen van stralend licht, een boven natuurlijke entiteit met aangename kenmerken.

This essential contradiction has yet to be conclusively explained. Deze essentiële tegenstrijdigheid is niet overtuigend uit te leggen.Given the fragmentary and discontiguous information in the sources, it is an extremely difficult issue. In het algemeen, is de afwijzing van de daeva’s gekoppeld aan de hervorming van Zarathoestra. Na de scheiding van de Oer-Ariers. Indo-Ariers/Iraan-Ariers.

 

In vergelijking met het Vedische gebruik

De Indo-Arische Deva is thematisch anders in vergelijk tot de Avestische Daeva. In de Rig-veda (10.124.3), zijn de deva’s de jongere goden, constant in een concurrerende strijd met de asura’s, de oudere goden.

Dit thema wordt namelijks in de Iraanse teksten ook gebruikt. De daeva in conflict en verzet tegen Ahura Mazda en ahuras. Dit is de taalkundige overdracht van de Vedische “s”en de Iraanse “h”(Ahura tot Asura), zoals in de etymologie van het woord “hindoe”, en Sindhu. 

De Zoroastrische ahura (opnieuw verwant aan de Vedische asura’s) zijn slechts vaag gedefinieerd. Ook van  het gebruik van asura in de Rig-veda is onsystematisch en inconsequent. En het kan nauwelijks worden gezegd het bestaan van een categorie goden tegen de Daeva’s waren te bevestigen. Inderdaad wordt de Rig-vedische deva verscheidende malen toegepast op de meeste goden, waaronder veel van de asura’s. Deze verwarring kan voortkomen uit de historische oorsprong van zowel Zoroastrische en Vedische cultuur, die een zeer gelijkaardige ccultuur en taal hadden, ze waren namelijk verwanten Ariërs. Pas later zou er een scheiding ontstaan.

Bovendien vond de demonisering van de asura’s in India en de demonisering van de daeva’s in Iran plaats. Zo kunnen de daaraan verbonden kenmerken niet gebonden worden aan de Indo-Iraanse dialecologie. 

 

3. Asura aanbidding

De Rig-veda of andere hindoeïstische religieuze geschriften noemen een reeks godheden drager van de titel asura.

Het woord Asura is de Vedische equivalent van de Avestische Ahura. In de Avesta, is dit God of Mazda.

Het is relevant om op te merken dat in de oudere Veda, de Rig-veda, de term asura of heer wordt gebruikt (zoals in de Avesta) voor individuele goden en voor mensen. Maar nooit voor een groep van goden. Met andere woorden, asura is niet als een soort halfgod te defineren. Het is eerder een titel. In de Rig-Veda wordt de term deva gebruikt voor zowel individuele goden en de groep van deva (visve devah). Met andere woorden, wordt deva gebruikt als titel – een superieure God – en zoals de naam voor de groep goden. Sommige goden met de titel asura wworden ook wel aangeduid als deva. Deze nomenclatuur veranderingen in de latere Vedisch teksten, waar het woord asura wordt gebruikt als titel en als de naam van een groep goden, die zich had ontwikkeld tot demonen.  

Er is een aanzienlijk verschil in de manier waarop asura’s worden behandeld in de oudere en jongere Vedische teksten en het verschil kan ons helpen begrijpen van de manier waarop het Arische religies zijn geëvolueerd. 

In de vroegere Veda’s wordt gezegd dat de deva’s en asura’s zijn geboren uit een gemeenschappelijke ouder, maar de asura’s waren de oudere (purva-deva) en de sterkere broers en zussen en verdiende meer respect dan de deva’s.

In de latere vedisch teksten te beginnen met de Atharva Ved, worden de asura’s in het meervoud als een groep van goden vernoemd. Het is dan ook in deze teksten dat de asura;s worden afgeschilderd als zijnde de tegenstelling staand tot de deva’s. Bij conflicten tussen de twee, zouden de asura’s altijd zegevieren. De deva wonnen echter toen zij een list verzonnen door de hulp van een weldoener/bedrieger zoals Vishnu. 

In de post vedische teksten zoals de Bhagavad-Gita, Purana en Itihasa, worden de asura getransformeerd en behandeld als een groep demonen die de ondeugden bezaten van hoogmoed, arrogantie, verwaandheid, woede, ruwheid, en onwetendheid Gita 16.4) In de Brahmana teksten, zijn de asura’s vijandig en met de veda’s voortdurend in conflict. 

Maar opmerkelijk is dat de asura’s van de vroegere teksten niet mogen worden beschouwd als demonen. In een latere tekst, de Upanishad, krijgen de asura’s het nieuwe karakter van asura= niet-god. 

Het spreekt voor zich dat de verandering in de manier waarop de asura’s werden waargenomen door de deva aanbidders. Nauw parallel loopt met de veranderingen in de betrekkingen tussen de asura en deva aanbidders. Erkend wordt dat in de vroege jaren de asura aanbidding voorafgegaan is aan de deva aanbidding de asura aanbidders de dominante groep waren. 

De asura’s zijn opgernomen in de Zoroastrische Avesta als engelen (fereshtes of Yazatas). De namen van de Yazatas zijn ook de namen voor kernwaarden en idealen. Bijvoorbeeld trouw, betrouwbaar, zorgzaam, en vriendelijk, vriendschap, en de kwaliteiten van vriendelijkheid, hulpvaardigheid, en welwillendheid, en het behouden van beloftes. 

 

Verschillen tussen Deva & Asura aanbidding  

In zijn boek, The Hymns van Atharvan Zarathushtra, Jatindra Mohan Chatterji noemt de Rig Vedische devas zichtbare goden en asura de onzichtbare goden.  Met andere woorden waren de deva zoals Indra antropomorfe en in staat van representatie als idolen, terwijl de asura zoals Mitra waren, voor het grootste deel, niet-antropomorfe en vormloos.

In de Rig Veda, zijn de deva-aanbidders voorstanders van de natuurverschijnselen en de uitoefening van de kracht en macht, terwijl de asura-aanbidders voorstanders waren van de oprichting van een morele en sociale orde.  Bijvoorbeeld, de deva Indra is bewaker van het weer en de overwinning in de strijd verdienen de titel sahasra-mushka, 'degene met duizend testikels' (Rig Veda 6.45.3), terwijl de asura, Varuna en Mitra zijn de bewakers van de kosmische en morele wetten van rita (cf. asha ).

In de universele wetten van het Zoroastrianisme de De universele wetten van Asha regeren en te brengen om de geestelijke en materiële bestaansvormen. Dat de universele wetten van Asha beschikbaar zijn, door middel van individuele keuze, om goedheid te brengen aan menselijke gedachten, woorden en daden.

 In de Rig Veda (4.42.1-6), toen Varuna verklaart, "Ik, Varuna, ben de koning, eerst voor mij werden benoemd de waardigheden van asura, de Heer, ik laat het druipende water opstaan, en door RTA ik.” verdediging van de hemel. "  Indra antwoordt, "Mannen die snel rijden, het hebben van goede paarden, roep me wanneer omringd in de strijd. I, de overvloedige Indra, provoceren strijd. Ik dwarrelen het stof, mijn kracht is overweldigend .... geen goddelijke macht kan me controleren - Ik ben wie onaantastbaar Als ontwerpen van Soma, toen liedjes mij waanzinnige hebt gemaakt, dan zijn zowel de onbegrensde gebieden zijn gevuld met angst. ".  Het gericht aan Varuna hymnen zijn meer ethische en devote van toon dan de anderen, en vormen de meest nobele of high-minded gedeelte van de Rig Veda.

Als de eigenschapen van de goden weerspiegelen de waarden van de aanbidders, dan voor asura aanbidders het opbouwen en onderhouden van een vreedzame samenleving op basis van wet en orde was een prioriteit. Voor de deva aanbidders, zou de prioriteit zijn van de uitoefening van de macht door macht en angst. 

Terwijl in de Rig Veda zowel goden en hun respectieve bondgenoten worden aanbeden, heeft aanbidding van Indra en deva duidelijk voorrang. Het grootste aantal Rig Vedische hymnen zijn toegewijd aan Indra - bijna 250 op een totaal van 1028. Agni, een asura, wordt ingeroepen in ongeveer 200 hymnen, een groter aantal dan het aantal hymnen gewijd aan Varuna. 

In het boeddhisme worden de asura gezien als de mindere goden die nooit tevreden zijn en die continu streven naar beter zelf.  Zoroastrisme streven continu naar verbetering naar excellentie als een fundamenteel doel van het leven. 

De kenmerken die aan de deva's en asura's weerspiegeld wat overtuigingen de heersers en hun ondersteunende priesters wilden bevorderen in de samenleving.  Het ideaal van continu streven naar verbetering van jezelf zou hebben bevorderd ambitie onder het gewone volk, terwijl sommige heersers en priesters misschien gedacht hebben dat het meer wenselijk om de tevredenheid of berusting te bevorderen om je lot in het leven - een leven dat was goddelijk. Heersers en priesters zo geneigd zou hebben bevorderd deva aanbidding die het kastenstelsel in plaats van Asura aanbidding die zag werken om zichzelf te verbeteren als een deugd en niet als een zonde inbegrepen.

Heersers en priesters waren meer geneigd in een deva aanbidding om daarmee het kasten stelsel te  bevorderen. In plaats van asura aanbidding, daar zag men het werken aan zichzelf het verbeteren van zichzelf als een deugd en niet als een zonde.

Zoals in ons voorbeeld hierboven, de verschillen tussen wat de deva's en asura vertegenwoordigd werden verschillen in de kern overtuigingen, waarden, de aard van de mens, en de organisatie van de samenleving. Deze verschillen lijken sterk genoeg om een
​​diepe maatschappelijke kloof te produceren te zijn geworden - een schisma - met de deva aanbidders aan de ene kant, en de asura en Mazda aanbidders aan de andere kant. De Mazda aanbidders waren de Iraanse-Ariërs, worden de deva aanbidders algemeen gezien als zijnde Indiase-Ariërs hoewel zij had kunnen zijn een van de niet-Iraanse groepen.

 

Asura in Mazda en Zoroastrianisme

Sommige van de asura's, zoals Mitra, zijn opgenomen in de Zoroastrische geschriften, de Avesta, als engelen (fereshtes of Yazatas) en voogden of heren (ahuras / asura's) van de kern Zoroastrische waarden en idealen.

In de Avesta, de namen van de Yazatas zijn ook namen voor kernwaarden en idealen. Bijvoorbeeld, als een engel in de Avesta, Mithra is de hoeder van de waarden en kwaliteiten geassocieerd met vriendschap.  In dag-tot-dag taal, Mithra betekent een vriend, de idealen van trouw, betrouwbaar, zorgzaam en vriendelijk vriendschap en de kwaliteiten van vriendelijkheid, hulpvaardigheid en welwillendheid.  Als kernwaarde Mithra is de waarde van het houden van beloftes.

weten niet of de opname van asura aanbidding in Mazda eredienst plaatsvond vóór, tijdens of na Zarathoestra's tijd. In de hymnen van Zarathustra, Gathas, doet Zarathushtra niet geschikt of nemen de asura's op de manier die we zien elders in de Avesta. Inderdaad, afhankelijk van de interpretatie van de Gathas wordt gelezen, Zarathushtra kan worden gezien als preken een compromisloze monotheïsme.  Ongeacht de interpretaties die in overvloed, de Avesta als geheel samen met het Midden Perzische literatuur en Ferdowsi's  De teksten zijn een opslagplaats van een rijke erfenis bestaande uit enkele van de vroegste literatuur en geschiedenis bekend aan de mensheid - een geschiedenis verweven met de verwijzingen naar de asura's en daevas.

Bronnen:
De informatie bronnen over de pre-Zoroastrische Arische religisch zijn de Zoroastrische en Hindoeistische geschriften: de Avesta en de Veda’s respectievelijk de Midden Perzische Zoroastrische teksten van de dichter Ferowsi’s, de Shahnameh.

 

www.universelevrede.nl
Auteur: Antoinette Meesters

 

 

 

 

 

 

 

 

 

debundaheshacienttablet.jpg

De Avesta, deel 2

 

De Avesta

Bij de Parsen in Surat vond Anquetil Duperron, die zich in 1755 als gewoon soldaat door de Indiase Compagnie had laten aanwerven ten einde in India oude handschriften te kunnen verzamelen, de Pehlevi-Zend-Avesta, die hij in 1761 naar Europa bracht, samen met een paar latere Indiase dichtwerken van de Zend-Avesta; de Bundehesh en de Dinkhard, die een zeker overzicht over de verloren gegane gedeelten van de oorspronkelijke Avesta verschaffen en in zekere andere gedeelten een goede aanvulling voor de ons tot nu toe bekende brokstukken van de Avesta vormen.

De Zarathoestrische-Iraans-Perzische literatuur is geïnspireerd geweest door de geestrijke leringen in de Zend-Avesta die betrekking hebben op de schepping van hemel en aarde, de gedachte van het eeuwig leven, het herstel en de opstanding van de mens en de vereffening of transmigratie, en die de weg wijzen naar de enige poort waar de mens doorheen moet gaan om de majesteit en de heerlijkheid van de Heer God Mazda deel te hebben.

Terwijl de overige wereld destijds tevreden was met de lagere hartstochten van de menselijke lichamelijkheid en roof en oorlog, blikte het Avestisch-Iraans-Perzische gedachteleven in de toekomst en zocht het naar mogelijkheden van vooruitgang in de richting van de volmaaktheid en van het eeuwig leven.

De belangrijke Zend-Avesta geschriften bestonden uit 2 op perkament geschreven delen, die in het Iraans-Perzisch gebied in de stevig versterkte gewelven van een Iraanse tempel werden bewaard, en als een kostbare schat werden behoed en beveiligd voor de afgunst van andere stammen.

Als leerling van de Griekse filosoof Aristotoles wis Alexander de Grote af van deze schat. Hij besloot deze schat, om deze bron van weten en wijsheid naar Griekenland te halen. Met de verovering van Perzië zou hij in het bezit van de beide exemplaren van de Zend-Avesta zijn gekomen.

Volgens de overleveringen, bracht hij één exemplaar naar Athene, en om de Perzen voor altijd van de schat te beroven, liet hij het andere exemplaar in Ekbatana verbranden. Ook is het mogelijk dat Alexander slechts in het bezit van één exemplaar kwam, en voor het andere de geruchten liet verspreiden als zij dit exemplaar vernietigt. Natuurlijk hadden de behoeders van dit ene exemplaar geen behoefte om zijn uitspraken tegen te spreken.

In Athene werd de Avesta nu de hoofdzaak bij de studie aan de hogeschool en hij verschafte de Grieken filosofie en cultuur nieuwe impulsen en eek een nieuwe richting die in het Syncretisme, in de Gnosis en in het Neo-Platonisme tot uiting kwam en die zijn hoogtepunt bereikte in de grote ommekeer op religieus gebied met het optreden van Jezus.

Later moet dit exemplaar van de Zend-Avesta van Athene naar de bibliotheek van Alexandrië in Egypte zijn gebracht, alwaar hij het middelpunt van alle studies vormde, dus ook voor Jezus, toen deze zich voor studie in Alexandrië ophield. Met de bibliotheek brand bij de verovering van Alexandrië door de Arabieren in 640 na Chr. Ging dit exemplaar van de Zend-Avesta verloren. Ten gevolge van de verovering van Perzië door Alexander de Grote werd het Perzische rijk na diens vroegtijdige dood in stukken verdeeld en de hoge Perzische cultuur geraakte in verval. Maar een paar eeuwen later ontstond er in het rijk der Perzen onder de Sassaniden (226-642 na Chr.) een hernieuwde opleving, waardoor het weer tot grote bloei kwam.

De nog voorhanden zijnde gebleven resten, brokstukken en oorkonden van de 21 Avestaboeken werden verzameld, herschreven en vertaald in het Pahlevi, de Midden-Perzisch-Iraanse taal en die vormden in Perzië en ook n het Westen, voor zover de Perzische invloed daar doordrong de grondslag voor een nieuwe cultuurperiode. Bij het herschrijven en het vertalen zijn de zuivere Zarathoestrische gedachtegangen van de óórspronkelijke Avesta min of meer verloren gegaan en zo drong de invloed van de gedachtegang van het Syncretisme, de Gnosis en het Neo-Platonisme zich op de voorgrond, zodat men hier wel rekening mee moet houden bij de beoordeling van dit nieuwe Perzische geschrift.

Ook na de Sassanidische tijdsperiode moest de opnieuw verschenen Zend-Avesta heel wat gevaren trotseren, toen de inval van de Mohammedaanse Arabieren in 664 na Chr. De Zarathoestrisch-Iraans-Perzische religie onderdrukte en hun tempels en andere cultuur plaatsen verwoestte. Een deel van de Perzen emigreerde naar India, bleef het Zarathoestrisme trouw en legde de grondslag voor de nu nog bestaande Parsen-gemeenten, hoofdzakelijk in Bombay en Surat. Deze Perzen namen de delen van de Zend-Avesta, die hun nog waren overgebleven, mee. Het belangrijkste deel ervan de Vendidad, dient nu nog altijd als een leidraad, waar ze zich aan vast houden, zodat zij tegenwoordig tot de intelligentste en de meest onderneming lustigste stammen van India behoren, terwijl de naar de noordelijke Perzische provincie Mazanderan geëmigreerde Avesta-Perzen geleidelijk aan het uitsterven zijn.

Wanneer we de gedachten gang van de Avestanen of het Zend-volk in Oost-Iran en Kaukasus, terug vervolgen danis er op een gegeven moment onder de bezielende leiding van wijze mannen, een verandering ontwaakt in het denk patroon van de mens. Er is een begin ontstaan waarin het Monotheïsme een belangrijke plaats is gaan innemen.

Wanneer iemand onder zijn herkomst wenst na te gaan, dan keert hij/zij terug naar de bron van ons jongste zijn naar dit jongste volk dat de bakermat is van ons bestaan. En wanneer we deze basis in ons zelf herkennen, eerst dan kunnen we voortgaan in onze evolutionaire ontwikkeling.

We gaan inzien dat de mensheid, in de bron aan elkaar gelijk is.

Zo ook komen we bij de ontwikkeling van religie, aan elke religie moet een voorafgaande zijn geweest. Waarbij alle grote leraren hebben begrepen dat zij alle er aan God moesten geven, welke ‘naam’ zij de Oerschepper, de Oerintelligentie, ook gaven.

Elk mens is een individualiteit, en draagt als volwassene de eigen verantwoordelijkheid mee als mens. Maar momenteel zijn er zuivere religieuze wetten en geboden nodig, zodat deze ons kunnen leiden en wij er ons aan kunnen vasthouden als een basis in ons leven. Met als doel gemeenschappelijk en individueel aan een toekomst te kunnen bouwen.. Om uiteindelijk iedere verbondenheid los te laten, die ons met uiterlijkheden en verschillen gevangen houdt. Om uiteindelijk die band van inzicht en herkenning te gaan ervaren die ons allen, met elkander verbind.

Veranderingen, brengen verwarring en moeilijkheden. Kom elkaar tegemoet, individueel, nationaal, internationaal als inter-planetarisch, zodat we van elkaars ervaringen kunnen leren, eerst dan kan er vrede ontstaan en wederzijds begrip en tolerantie. 

 

 

ainyahitametbloem.jpg

 

Ainyahita

Aredvi Sura Anahita, is de Avestaanse naam van Ainyahita, vereerd als goddelijkheid van het water en daarmee ook geassocieerd met bodemvruchtbaarheid, genezing en wijsheid. Vrouwe van de wateren. Zoals een godheid Aredvi Sura Anahita is van enorme betekenis voor de Zarathoestriërs.

Ainyahita is de godheid voor wie de Yasna service- de eerste daad van aanbidding- is gericht. (zie Ab-Zohr) De Zoroastrians hebben eerbied voor het water en passen deze eerbied toe bij vele dagelijkse handelingen.

In de Bundahesh worden  Ainyahita vermeld als “Ardwisur Anahid” De twee namen worden onafhankelijk van elkaar behandeld zoals gezegd: Ardwishur, als vertegenwoordiger van de wateren, en Anahid wordt geïdentificeerd met de planeet Venus. Het water van de meren en alle zeeën vinden hun oorsprong met Arswishur. “Anahid i Abaxtari” dit wilt zeggen: Planeet Venus. In een andere hoofdstuk spreekt men dan “Arwishur die Anahid,de vader en de moeder van het Water.      

Wanneer we naar de oorsprong van de huidige Mazdaznan speuren, dan gaan we ver terug tot in de oertijden, en stoten we op Ainyahita, de overleveringen volgend, leefde zij op de hoogvlakten van Tibet ca. 9600 voor Christus. Zij weide de kudden, van koning Ragata haar vader, een koning over een omvangrijk gebied. Zij koos bewust voor het leven in eenzaamheid omgeven door de hoogste toppen van de Himalaya. Hier kwam de natuur tot haar en nam zij alle pracht en heerlijkheid in zich op.

 

 

https://encrypted-tbn2.gstatic.com/images?q=tbn:ANd9GcShNze7RspFwhe3wrGOqDWkro1_a7MNcK__HWjv6XXPhQU6ci_3

 

 

 

Door deze omstandigheden, had zij de mogelijkheid om de natuur die haar omgaf goed te bestuderen.en de oerbron van alle scheppingen te doorvorsen, om de oergedachte aan haar stamverwanten te kunnen openbaren.. Door haar  precieze kijk naar de verschillende verschijningsvormen van de natuur, doken er steeds weer vragen in haar op, die zij in ontelbare tweegesprekken met haar God en Heer, Ahoera  Mazda stelde. Door dit twee gesprek kon Ainyahita zich vele waardevolle informatie in haar opnemen. Deze wijsheden waren zo waardevol dat zij voor haar nakomelingen deze op leiplaten neerschreef, zoals men zegt. Afschriften van vele duizenden van deze leiplaten liggen veilig bewaard op bepaalde plekken in de Gobi-woestijn, in de Tibetaanse berg ketens en elders.

Zarathoestra verzamelde eeuwen later deze prachtige wijsheden en hij riep de slapende mensheid opnieuw wakker door de wijsheid van Ainyahita in de vorm van wetten te verkondigen. Deze als de “Paarlen” van Ainyahita  omschreven werden.waarvan een aantal in de Mazdaznan literatuur toegankelijk zijn geven een idee van de geestelijke rijkdom aan gedachten van Ainyahita.. Nog tot vandaag de dag leveren deze documenten van de eerste Oer-Religie stof voor de religieuze, filosofische en wetenschappelijke wereld. Er wachten nog ruim honderd van deze paarlen op vertaling in een moderne taal. Toen professor Haekel, de grootste onder de vertegenwoordigers van de wetenschappelijke ontwikkelingsleer de Mazdaznan uitgave van Ainyahita’s paarlen had bestudeerd, zei hij:”Als ik dit eerder had gekend, zou mij dat 40 jaar van onnodig onderzoek hebben bespaard”.

 

Over haar geboortedag kan men twijfelen tussen 22 mei en 22 juni, haar “paarlen” spreken voor het laatste tijdstip, zodat men met tamelijk zekerheid 22 juni als haar geboortedag kan laten gelden.

Ainyahita, die leven en eeuwigheid in zich belichaamden en die dit tweelings paar van de oneindigheid, dat de scheppingskracht in zich draagt, in één persoon uitbeelde. De scheppingskracht openbaart zich als gevolg van het doen schudden, schokken en in trilling brengen van het atoom door de ether. Atoom en ether zijn de twee gelijkwaardige toestanden van de oneindigheid, waaruit de eindeloze voorraad van elementen met al hun verbindingen voortkomt en die tenslotte de verschijning van werelden en wereldsystemen mogelijk maakten.

Daarom staat het vrouwelijke principe op de vroegste plaats. Het vrouwelijke principe was en is volkomen gelijkwaardig aan het mannelijke, het verenigde liefde en wijsheid in zich en openbaarde voor altijd aan de wereld, dat de liefde, die door de wijsheid wordt geleid, de verlossende macht is, die de bevrijding waarborgt. Liefde is een universeel beginsel, dat in ieder mensenhart verankerd ligt en dat door de wijsheid moet worden geleid.

 

Ainyahita heeft ons allen als eerste met haar leven getoond, dat ieder mens zijn verlossing en redding individueel met werken moet veroveren, dat het dus helemaal aankomt op de enkeling alleen. Om die enkeling geestdriftig te maken voor het streven naar volmaaktheid en om hem te bewijzen dat hij zeker daarin zou slagen, kwam later Jezus als de belichaming van de liefde en wijsheid.

Tegenwoordig heeft Mazdaznan zich tot taak gesteld diegene bijeen te zoeken, die de dragers van de boodschap van Ainyahita en als begunstigers van de Chrystosgedachte de laatste wens van Ainyahita willen helpen vervullen, namelijk de weg van de emancipatie, de weg van de verlossing te brengen.

 

Maar er is nog een aspect dat ik onder de aandacht wens te brengen, het innerlijk leven van Ainyahita of Anahita, was puur, zuiver en vol liefde. Vol liefde voor haar omgeving. Zij doorzag al op jeugdige leeftijd  uiterlijkheden van haar familie heen. Dit woog haar zwaar op het hart, maar zij koos voor de stilte van de natuur. Zij koos voor de stilte die zij innerlijk ervoer en weerspiegeld zag in de natuur.

Wat is stilte? Een ervaring van: vrijheid, vreugde, liefde voor wat de natuur je schenkt en waarmee je omgeven wordt. Deze omarming, het gevoel van vrede, dat het goed is zoals het is. Berusting, begrip in de vele verschillende verschijningsvormen van de schepping.

Door met haar hand, het water te strelen voelde zij liefde, door bij de kudde van haar vader te zijn, geborgenheid, door de luchten te bewonderen voelde zij vrijheid, door de aarde te beroeren voelde zij eerbied, en geborgenheid. Door deze omarming ervaart zij een diepe genegenheid en eerbied voor haar schepper. Deze liefdevolle verbondenheid, die geen enkel uiterlijke bevestiging nodig heeft maakte haar ontvankelijk voor de innerlijke stem van God. Hier worden haar de verschillende kanalen geopend tot verschijningsvormen die enkel Goddelijk zijn. Zo verbonden en een met de schepping, zo een met God. Zo ervaart zij de innerlijke voedende genezende en vruchtbare stromingen gelijk de aardewateren die zij zo lief heeft. Hier krijgt zij van haar geestelijke ouders, haar blauwe mantel en driekroon. Zij opent de deuren van haar ziel en treed naar buiten en aanschouwt de zeeën van de wereld, en het eb en vloed van het leven weerspiegeld in het water. Hemelse muziek omlijst haar visioen zo prachtig en mooi, en enkel zo in haar eenvoud maar vol liefde mag zij zijn. Een hemels schepsel, een goddelijke afgezant op aard. 

 

 

zoroasteralsfaravar.jpg

Zoroaster

 

Zarathustra/Zarathoestra, pakte het werk van Ainyahita op, en hij zette naar haar bekentenissen regels en wetten op, bestudeerde zelf de natuur, en ervaart daardoor openbaringen en tweegesprekken met Ahoura Mazda, en zijn Engelen die de mensen bijstaan in hun leven en ontwikkelingen.. Temidden van zijn volk vatte Zrathoestra de Mazda-leer van Ainyahita op om die aan zijn eigen volken aan te bieden om hen een gelukkig persoonlijk leven, ook in de gemeenschap, mogelijk te maken. Zarathoestra leerde niet, dat door het goede denken en door de goede woorden alleen het goede op de aarde was te verwachten, maar hij stelde daarbij ook de eis van het handelen, de eis van de goede daad. En daarmee om te beginnen een goede bewerking van de grond.

 

Hij vergeleek de aarde met een vrouw (materie-mater-moeder), die haar roeping mist, als haar moederlijke taak onvruchtbaar en zonder uitwerking blijft. Hij ging zijn volk voor door een voorbeeldige bewerking van het akkerland en hij toonde de mensen hoe zij dankzij de in hen aanwezige intelligentie de woestijn in vruchtbaar land zouden kunnen veranderen. Omdat de gedachte van de ontwikkeling in hem wakker was, begreep hij dat elk onderdeel van de natuur voor iets nuttigs bestemd is en dat het steeds kan worden verbeterd. Hij begon planten te bestuiven en te enten en hij nam verdere maatregelen, die wij vandaag de dag kennen met het doel nieuwe soorten vruchten, groenten, kruiden, granen en bloemen te kweken door veredeling; en daarmee bewees hij aan zijn omgeving dat er aan de menselijke intelligentie, die van oorsprong goddelijk is, geen grenzen zijn gesteld.

 

De distel, zo kwam het hem voor, was door gebrekkige verzorging verwilderd. Daarom gebruikte hij zijn waarnemingsvermogen en zijn ontdekkergeest en veredelde de distel tot de artisjok, die waardevolle stoffen voor de zenuwen bevat. Het graan had men zo laten verwilderen, dat alle kracht in de halm schoot en alleen als stro waarde had. Maar hij kruiste verscheidene van zulke grassoorten, totdat ze tot maïs en tarwe uitgroeiden. De tarwe is sindsdien speciaal in de westerse wereld, het zinnebeeld van de allerbeste voeding voor de mensheid geworden, "de staf des levens", het brood des hemels. Hij kweekte ook druif, het bloed der aarde, hij veredelde de vijg, de kers, de pruim, de appel en hij schonk de lekkerste smaak en de genezende werking aan de granaatappel. Uit het madeliefje kweekte hij de aster en de chrysant. Dit zijn alleen maar een paar van zij vele successen.

 

Hij legde boomgaarden aan en plantte vruchtbomen, creëerde een paradijs waar dieren goed konden leven en de mensen van de vooruitgang konden profiteren. Zelfs heuvels en bergen mochten geen wildernis blijven. Moraal en ethiek ontplooien zich alleen, als de mensen over ontdekkingen en uitvindingen gaan denken, omdat zij daartoe de natuur in al haar openbaringen nauwkeurig moet waarnemen en de ingevingen moeten volgen die bij hen opkomen. Land- en tuinbouw zijn voor de mensen een noodzaak. Grondveredeling vond hij het meest belangrijke voor de vooruitgang die hij nodig achtte. De aarde kreeg de gelegenheid om al haar krachten en haar schatten te openbaren.
De aarde zo zei hij verheugd zich, als zij haar aangezicht met al deze fraaie bewerkte tuinen en akkers en de landman zijn schuren vulde.

Zoals de bewerking van de aardbodem de hele aarde gezond maakt en haar goede eigenschappen en mogelijkheden ten toon spreidt, zo wordt ook het lichaam van de mens steeds krachtiger en mooier door nuttige werkzaamheden. Maar de arbeid geeft aan de mens niet alleen goederen maar bovendien ook gezondheid en vooruitgang als beloning. Zarathoestra schrijft de mens zuiver voedsel voor.

 

Hij zorgde ervoor dat er gezonde woningen werden gebouwd en voor een zuivere omgeving voor de nederzetting. Een Zarathoestrhuis wordt zo gebouwd, dat op de begane grond een grote hal in het midden ligt; links van de hal en van de ingang liggen de was-, kleed- en ontvangkamers; dan kwam er een gang, die op de uitgang aan de achterkant uitliep. Rechts van de hal ligt de grote huiskamer over de hele lengte van het huis. De keuken ligt er buiten en is door een aparte gang met het huis verbonden. Rondom de grote hal loopt een gaanderij, die toegang tot de slaapkamers op de eerste etage geeft.

Elke kamer heft behalve een venster ook een glazen deur naar buiten. Wie rijk genoeg was versierde de deuren met edelstenen. De bovenkamers komen uit op een veranda, van waaruit men met een touwladder in het zwembad kon afdalen om zijn bad te nemen, voordat de zon opkwam. Rondom de vijver of het zwembad groeiden riet en boomhoge stengels, zodat de badgelegenheid zelfs bij koele weersgesteldheden warm bleef. Met het baden ging een nauwgezette huidbehandeling hand in hand.

In ieder huis brandde in de eerste ruimte naast de ingang het ‘heilig vuur’ om de uit de lucht en de grond komende vochtigheden af te weren en om de lucht zuiver te houden en bederf en vervuiling tegen te gaan.. De Zarathoestriërs waren van mening dat ziekte alleen bij vocht kon gedijen. Daarom brandde er in huis altijd wat Baresna-hout, dat aromatisch en zeer hard is en een heldere vlam geeft. Ieder die er langs liep, legde zo nodig een nieuw blokje op het vuur.

De plaats van het vuur was zo gekozen dat men het van uit elk van de boven gelegen slaapkamers kon zien. Het vuur was voor Zarathoestra niet alleen maar het zinnebeeld van de reinheid, maar tegelijk ook het enige middel om te voorkoming dat Angro Mainyoes, de geest van relativiteit en van de tegenschepping, geen gelegenheid krijgt de onwelkome gast van een heilige huishouding te worden. De warmte van het vuur zorgde voor een behaaglijk gevoel, de instandhouding van het ‘heilig vuur in de huishoudelijk haard had ook een hygiënische noodzaak, tot zelfbescherming met de bedoeling. Alles in het minst oog lopende maatregelen diende ter voorkoming van ziekten. Zarathoestra gaf nauwkeurige aanwijzingen voor geneeswijze en maatregelen tot genezing, die alle op het beginsel van de reinheid berustten.

Verontreiniging van het elementenrijk, de atmosfeer, gold als een regelrechte zonde. Als voornaamste reinigings- en geneesmiddel gold de ‘adem’ die in lied en gebed toepassing vond, ten eerste om te voorkomen, maar ook om te genezen; Hierbij waren dan ceremoniële houdingen voorgeschreven, die elk een speciale werking op de organen uitoefenen. Daarnaast waren er medicinale kruiden en ontsmettingsmiddelen, terwijl het gebruik van een mes bij operaties of ter opening van de huid slechts als uiterste hulp in nood werd beschouwd.

 

Op het gebied van de voeding gelde reinheid en daarom ook matigheid als hoogstewet. In de Zarathoestrische documenten wordt een vleesloze voeding geëist en die werd ook in de hogere geledingen van de samenleving, speciaal door de priesters, zelfs in perioden van verval, gehandhaafd. Geen hoogstaand of naar het hogere strevende mens gaf zich aan vleesgebruik over. In de gezinnen nam men alleen vrijdagavonden de maaltijd gezamenlijk. Wat ieder verder voor zich nodig had, nam hij op zijn kamer. De huismeester bereidde alle spijzen en bracht ze naar de eetkamer, die altijd op het noorden lag, omdat de spijzen niet door de zon mochten worden beschenen. Daarvandaan haalde men wat men nodig had en zette de rest weer terug. Ieder waste zijn eigen eetgerei af. De hele week werd er dus niet zoveel gewicht gehecht aan het eten, maar alles concentreerde zich op de gezamenlijke maaltijd rondom de vrijdagavond tafel; daarna had men tot elf uur bijeenkomsten, want elf is het uur waarop aan alle heiligen op aarde en elders de gedachte wordt gewijd.

Men vond het een navolgenswaardige daad om vroeg op te staan, daarom bezat ieder huishouden en toom kippen en een haan die bij het krieken van de dag de slapers met zijn gekraai te wekken. Precies genoeg rust om de leden te strekken en de gewrichten te ontspannen. Op deze grond werden de Zarathoestriërs ook "Baktaren od Baktriërs" genoemd, dwz zij die vroeg opstaan.

De kleding der Zarathoestriërs stond tot in de verre omstreken bekend als eenvoudig en ongekunsteld, maar doelmatig en gemaakt op een manier die aan het innerlijk wezen uitdrukking gaf. Niettemin waren de kleren mooi en waardevol en zo bleven ze door vererving vaak honderden jaren in de familie. Al weken voor de Gahambar, hun halfjaarlijkse bijeenkomst, maakte men de feestkledij gereed, bezette die vaak met edelstenen en men was er trots op in de Gahambar met eigen gemaakte kledij te verschijnen, welke door hun kleurenspel aller bewondering oogstten.

Ook de mannen maakten hun kleren zelf. Deze eenvoud verschafte hun zelfbescherming tegen slechte invloeden die een vernielende invloed uitoefenen op de ontwikkeling van de opgroeiende jeugd. Het is juist deze Zarathoestrische gedachte met betrekking tot de economie, voor het lichamelijke, zowel als voor de familie- en staatshuishouding, die tegenwoordig duidelijk de algemene belangstelling tot zich trekt en die langzamerhand iedereen noopt tot de grondbeginselen van het leven terug te keren.

Men hechtte grote waarde aan de religieuze oefeningen. Waarmee ze zich verzekerden van een systematische ontwikkeling van hun denken en van alle nog in hen sluimerende talenten.. Zarathoestra wees ook op de waarde van een goed geheugen en oefeningen die ‘morgens en avonds moeten worden gedaan.. Over de verhouding tussen beide geslachten golden als volledig gelijkwaardig en gelijkberechtigd binnen hun eigen gebied dat kwam al van jongs af aan tot uiting bij de opvoeding van jongens en meisjes.

Jongens en meisjes werden dezelfde plechtigheden in de gemeenschap als lid opgenomen en ontvingen hetzelfde stemrecht, gelijktijdig met de kosti-band, het zinnebeeld van de religieuze band, die de hele Zarathoestrische familie bijeenhoudt als geestverwanten die zich verheugen in de vriendschap met God.

Man en vrouw verbinden zich als gelijkstaande en gelijkberechtigde door een onlosmakende overeenkomst tot echtelijke vereniging, die de wijding van de hele gemeenschap ontving. Nooit werd de vrouw tot een staat van dienstmeid, slavin of onvrije vernederd. Veeleer was zij de heerseres van het huis, evenzeer als de man de heer des huize was. De vrouw ontving al zijn voorrechten en zij deelde met hem de leiding en beheer van het huis. Zij was het sieraad van het huis.

De taak van de man bij de Zarathoestriërs bestond uit het door arbeid vergaren van de nodige middelen voor het onderhoud van het gezin. Hij zorgde voor de buitenkant van de huiselijke haard. Zijn levensgezellin hield zich dichter bij de innerlijke kant ervan. Zij toonde daar haar bekwaamheden met haar wijsheid in gezinstaken, ijn de kookkunst, in het ontwerpen en samenstellen van werk- en feest kledij, in de huishoudelijke opvoeding van de kinderen en in de aanmaak van gebruiksartikelen die de huisvlijt bevorderen en het huis eer aandoen.

Ook de geslachtsverhoudingen waren aan de wijze en een met de natuurwetten overeenstemmende orde onderworpen.

Het belangrijkste deel van de Zarathoestrische opvoedsysteem vormde de adem en de leer van de verjonging en wedergeboorte.

Alleen diegene die voor een bewuste adem zorgde, kon over de ‘kinvat-brug tot volledig begrip van zijn innerlijk wezen opstijgen, omdat de adem de enige manier was en nog steeds is, waarop het lichtzaad zich uit de ademlucht liet ver garen, en daarvan hangt de verdere uitbreiding van de hersenfuncties af. De wedergeboorte, het ‘tweede leven’ wordt uit water en geest geboren, door de levenswateren van de kiemklieren, in samenwerking met de adem-geest, het pneuma van de Grieken. (dat zowel adem als geest betekent) Met de zorg voor de adem-en-de-geest moet een consciëntieuze geslachtsverzorging gepaard gaan. Alleen de wedergeboren mens kan de aangeboren zelfzucht overwinnen en alleen hij bereikt de ware toestand van religie.


Een verbondenheid met God. De adem (vayoe) en de levenswateren (haoma) werden en worden in bezielende liederen steeds opnieuw geprezen. Voor de wedergeborene is het eeuwig leven geen zaak van toekomst meer, want in het heden is hij zich van het eeuwige leven bewust. Het aardse leven is daar alleen maar een fase van. De hoge bewustzijnstoestand te bereiken is het doel, dat het Zarathoestrisme, de oer-religie, aan de mensen voorhoudt, terwijl alle andere dingen, eten, en drinken, rijkdom en macht eer en aards geluk alleen middelen zijn op de weg naar het eeuwig geluk, dat ons deel wordt, zodra wij hebben begrepen wat het eeuwige leven in ons werkelijk is.

Volgens de befaamde oriëntalist Dr.Whitney, die de oude en de nieuwe godsdienstvormen kritisch heeft onderzocht en wiens oordeel bij de hele wereld, ook bij de hogere werenschappelijke kritiek als waardevol wordt erkend, zegt over het Zarathoestrisme: "De Zarathoestrische religie is een van de voortreffelijkste, die ooit op deze aard zijn verschenen, zowel op grond van de buitengewone invloed die ze heeft uitgeoefend alsook vanwege de innerlijke levendige kracht die ze vertoont. Van alle religieuze systemen van de Indo-europese oorsprong en van de oude heidense wereld is zij de edelste en de meest bewonderenswaardige wegens de diepte van haar filosofie, van de geestelijke inhoud van haar beginselen en leringen en van de reinheid van haar moraal.

Zarathustra ( uitgesproken als: Zarathoestra) vereerde Ahoera-Mazda, (later samengetrokken tot Ormoezd), de Grote Zonnegeest. Achter het fysieke gelaat van de zon nam hij het bovenzinnelijke gelaat van het hoogste Goddelijke wezen waar. Zoals de uiterlijke zon haar levenwekkende stralen naar de aarde zendt, straalde dit wezen zijn eeuwige scheppende kracht naar de aarde uit, waarbij het een werkzame mensheid als werktuig voor zijn scheppingsdrang nodig had. De leer van Zarathustra moet door een grenzeloze verering en liefde voor de hoge zonnegeest bezield geweest zijn.

Zarathustra was zich tot zijn dertigste levensjaar niet bewust van zijn grote gave. Het was tijdens de lentennachtevening dat hij, om water te halen voor de Haoma-ceremonie de ‘Rivier van de Vier Stromen’ inliep en plotseling een figuur van licht voor zich zag staan op de oever van de rivier. De figuur riep hem tot zich en bracht hem in tegenwoordigheid van de gezegende onsterfelijke, en toen ook in de tegenwoordigheid van Ahura Mazda. Met het Licht van de Heer omgeven, werden hem de geheimen van het Zijn aan Zarathustra onthuld; van de schepping, de hemelse sferen, van het verleden, het heden en toekomst. Hij begreep zijn opdracht: Deze heilbrengende wijsheid aan alle wezens op aarde te brengen.

Na deze wonderbaarlijke ervaring reisde Zarathustra tien jaar lang door een groot gebied, maar bekeerde slechts enkelen. Op een dag kwam hij aan het hof van Koning Vishtaspa van Bactrië, bij het naderen van de monarch, plaatste Zarathustra in zijn handen een stralende vlam, die hem geen letsel toebracht. Vishtaspa was onder de indruk, maar meer door de woorden van de profeet. De hofpriesters, astrologen, geleerden en barden waren argwanend en vijandig. Ze grepen alle mogelijkheden aan om Zarathustra te verwarren, zijn uitspraken te weerleggen en hem te kleineren, en zorgden ervoor dat hij in de gevangenis belande. Maar Zarathustra onwankelbaar geloven in zijn innerlijke verbondenheid met Ahura Mazda. Op zekere dag werd hij bevrijd, nadat hij het zieke paard van de koninklijke familie, op wonderlijke wijze had genezen. Hij won de oprechte steun van de koninklijke familie, maar ook van de wijzen. Zijn leringen zouden zich in Iraan en ver daar buiten verspreiden.

 

Deze en vele andere symbolische verhalen over het leven van Zarathustra, vertellen over de verzoekingen en louteringen van wereldverlossers. Zarathustra was een ingewijde van hoge graad. Volgens de oosterse mysterietraditie combineerde hij bij zijn geboorte de drie elementen van een avatarische neerdaling: de khwarr, zijn hemelse glorie die, zoals men betuigd voor deze incarnatie neerdaalde vanuit de wereld van Licht naar de zon, naar de maan, de sterren, het haardvuur en in zijn toekomstige moeder. De fravashi, zijn beschermende en inspirerende ziel, die naar de aarde werd geleid, nadat deze als gelijke onder de Amesha Spenta’s had verkeerd. De tangohr, zijn zuivere fysieke substantie die tevoren was toevertrouwd aan de zorg van de heren van het water en van de planten. Deze drie kwamen tezamen, en hij werd uit menselijke ouders geboren.

De zelfbewuste mens, de Licht mens,  wekt zich zelf op tot de strijd tegen de moeilijkheden ( de vernietigings gezinde geesten) en zij herinneren hem aan zijn geestelijk overwicht en richt zich zelf op door de vrijkomende positieve krachten van het hoger geestelijke. De onbewuste mens valt ten prooi aan de verleidingen en hij blijft op dezelfde trede van ontwikkeling staan als de zwarte machten van de duisternis en vermoeid zich steeds verder in de strijd ermee.  Zodat zijn leven geen nutbrengende ontwikkeling oplevert, noch voor hemzelf, noch voor de gemeenschap.
Maar deze mens kan op ieder moment tot inkeer komen en te allen tijde naar het licht opstijgen, waarmee hij de tijd waarin het boze werkzaam is kan bekorten, zodat ieder mens uiteindelijk kan zegevieren. In dit scheppingsproces wordt ook het ontwikkelingsproces van de individuele mens uitgebeeld. De creatief denkende mens moet alle twijfel opzij zetten en de positieve kant van de gedachten naar voren brengen. Daarna moet hij eventuele opkomende hindernissen overdenken, afwegen en wegruimen, zodat hij ten slotte zijn positieve gedachte met volledig succes kan verwezenlijken.

Wie in de tweede fase zich zelf heeft overwonnen, en zich ontwikkeld heeft tot een individueel denkend mens met een vrije wil, behoeft geen aansporing meer en bevindt zich nu helemaal in het Verbond met Ahoera Mazda, met de goede opbouwende schepping. Een middel vanwaar een grote kracht uitgaat  in de strijd tegen het duister zijn de gebedsoefeningen, die het lichaam van alle belemmerende elementen bevrijden. 

 

http://upload.wikimedia.org/wikipedia/commons/thumb/0/05/Fire_in_Yazd_Zoroastrian_temple.jpg/220px-Fire_in_Yazd_Zoroastrian_temple.jpg

Vuur in de tempel Yasd, Iran.

Avesta zend

Is een uitdrukking die de bewoners van Baktrië, bekend onder de naam van het Zend- Zand of Sans-volk en later onder die van de Zarathoestriërs, in hun geschriften gebruikten. Avesta betekent voor hen, "de taal van de hen omringende wereld", het levende woord van God, dat door alle voorwerpen uit hun omgeving voor de mensen wordt "vertaald", begrijpelijk gemaakt. De natuur als samenvatting van alle dingen, van het objectieve, is het levende woord van God en verkondigt Diens onbegrensde macht en grootheid. Wie dit levende woord verstaat, bewijst dat hij zijn tijdperk van begrip is ingegaan en dat hij zich bewust wordt van zijn oorsprong uit de eeuwigheid en van zijn eeuwige verbondenheid met God.

Zend betekent kennis, weten, uitleg geven met verstand van zaken. Dit waren de mensen die ontvankelijk waren voor de geopenbaarde religie, en die op de juiste manier aan de mensen in eigen woorden het levende Godswoord kunnen uitleggen. Vandaar dat hun taal ten slotte de Zend-taal en die mensen zelf de Zendlieden, Zendeks, Zendiks, of Zendvolk werden genoemd. Zij waren zich van alle scheppings- en ontwikkelingsprocessen bewust. Daarom danken wij aan hen de overlevering van de scheppingsgeschiedenis, die in de oorkonden "Zend-Avesta", "Gen-Isis" en in het eerste Mozesboek is geschetst

.
Deze van de Zendlieden stammende scheppings geschiedenis handhaaft nog altijd haar betekenis, terwijl de bewering van Darwin, Huxley, Wallace en vele andere evolutiegeleerden allang vergeten zijn, omdat hun begrip voor "Avesta" voor het levende woord, niet diep genoeg ging. Het Zendvolk stelde al zijn wijsheid en begrip, die het uit het open boek van de natuur had verzameld, in en oorkonden van de Zend-Avesta te boek. De oudste delen daarvan, de Gatha’s gaan rechtstreeks op Zarathoestra terug en behandelen in lofzangen de grondvragen van het leven. Helaas is de oorspronkelijke Zend-Avesta van het Zendvolk, die de volledige wijsheid en het weten van de mensheid bevatte, niet meer voor ons toegankelijk.

 

De Sassanidische Avesta

De Zend-Avesta had oorspronelijk 21 boeken. De 21 Nasks van de Sassanidische Avesta, vormen een encyclopedie met een zeer uitgebreide inhoud zoals: natuur, filosofie, aardrijkskunde, astronomie, theologie, gebeden, hygiene, geneeskunde, medicinale eigenschappen van duizenden planten en kruiden, en vele andere vormen van kennis. De inhoud is beschreven in de Dinkhard (Sanjana) deel 8 Bijvoorbeeld onder Haoma.

Omvang van de Sassanidische Avesta

De Nasks zijn in 3 categorien verdeeld:

1 Stota Yesna: hymnen
2 Datic: juridisch, aardrijkskunde, wetten, heerschappij etc.
3 Hadha-Manthra: religie en zijn leer.

1 Satudgar/ Sudgar – deugd en vroomheid
2 Vahista Mansar/Warht mansr nask – Zarathustra’s geboorte
3 Bagh/bag nask – Mazdasnian religie en zijn leer
4 Damdad nask – opstanding en oordeel
5 Nadar nask – astronomie
6 Pajam/Pazag nask – agenda
7 Ratoshtay/ Ratushtaiti nask – politieke en sociale kwesties
8 Barash/Barish nask – soevereiniteit, de overheid, priesters, justitie etc.
9 Kashasrub/ Kishkisrub nask – voorzorgsmaatregelen voor de yashts
10 Vishtasp/Wishtasp-sast nask – koning Vishtaspa’s heerschappij
11 Keht/Washtag nask – prakrische toepassingen van de Mazdasnian religie
12 Jerast/Chihrdad nask – geschiedenis van de volkeren en koningen
13 Safant/Geld nask – Zarathustra’s leven
14 Baghan yast/ Bagan yasn – God en Aardsengelen
15 Niyaram/Nigadum nask – juridische codes; aarbeids wetten
16 Dvasraub/Duwasrud nask – juridische codes; misdaad en straf
17 Asparam/ Husparum nask – juridische codes; rituelen en ceremonies
18 Askram/Sagadum nask – juridische codes; rituelen en ceremonies
19 Videvdad/Vendidad nask – geschiedenis, aardrijkskunde, zuiverings riten
20 Hadokht nask- Goedheid
21 Satud yasht – God en de Aardsengelen

De huidige Zend-Avestas boeken, zijn ingedeeld in:

1 Yasna, met aanroepingen tot de Godheid, de 5 rechtstreeks aan Zarathoestra toegeschreven Gatha’s daarbij inbegrepen.

2Vendidad, met gesprekken tussen Zarathoestra en Ahoera Mazda, scheppingsverhalen, de Yima-sage en reinigingsgebeden.

3 Vispered, met korte gebeden.

4 Yasht, met aanroepen tot de Godheid, waarin Diens verschillende attributen worden benadrukt.

5 De kleine Avesta, met kleinere stukken en verzamelde brokstukken van de hoofdstukken. 

 

 

verbranding avesta.jpg

 

De vernietiging van de Avesta

 

De geschiedenis van Iran

De opeenvolgende invasies van Perzië of Iran heeft geresulteerd in de vernietiging van het grootste deel van de Zoroastrian geschriften de Avesta.

De eerste invasie was van Alexander van Macedonië in 330 v. Chr. Vervolgens kwam de Arabische invasie 640-650 v. Chr. Vele fragmenten werden verwoest tijdens de extreem gewelddadige Mongoolse en Turkse invasies en uitroeiing van hele gemeenschappen. Echter is een compleet boek aan fragmenten gespaard gebleven (dat anderhalf maal de grote heeft van de Koran) Deze fragmenten zijn in 5 boeken ingericht.

1 Yasna’s, (dienst en gebeden) met aanroepingen aan de Godheid Mazda het zijn de persoonlijke Lofzangen van Zarathoestra Spitama 6900v.Chr.Iran. Hij is een Zaotar, een dichter zanger.

2 Vendidad, (zuiverings wetten) een samenspraak tussen Zarathoestra en God  Mazda.

3 Vispered, (liturgie) korte Gebeden.

4 Yaschts, (hymnen) met Aanroepingen aan God Mazda met de nadruk op de Goddelijke attributen of Amesha Spenta’s. ( de goede geesten)

5 De kleine Avesta (Khorda) met verzamelde brokstukken van hoofdstukken.

 

De Vernietiging van de Achaemenian Avesta door Alexander van Macedonië.

Alexander  onderworp de Perzen in 331 v. Chr. en wordt de 25e heerser van Perzië. Doormiddel van een jarenlange veroveringstocht wist hij een enorm gebied onder zijn bewind te brengen, dat zich uitstrekte van Egypte tot India. De plotselinge dood van Alexander op 32 jarige leeftijd, maakte een eind aan zijn rijk dat uiteenviel door een machtsstrijd tussen zijn opvolgers.

Alexander verbrande de Avestische geschriften in 330 voor Chr. De Avestische  geschriften werden bewaard in de koninklijke bibliotheek van Ishtakhr. Alexander doodde ook meerdere rechters, dasturs, mobeds, herbads (priesters) en andere dragers van de religie, alsmede de bevoegde en wijzen van het land van Iran, in een poging de mondelinge traditie uit te bannen.

 

De 1e samenvoeging het bijeenbrengen van de Achaememian Avesta ca, (600-300v.Chr.)

Het eerste verslag van de geschreven Avestische teksten, is afkomstig uit het midden Perzische taal (Pahlavi) Schrijver Arda Viraf schrijft in zijn boek de Arda Viraf Nameh (3e of 4e na Chr.?) dat de Perzische koningen Achaemenian (ca. 600-300v.Chr.) de opdracht gaven om de Avesta te schrijven op 12000 huiden  met gouden inkt. Ze liggen nu in de archieven van Stakhar Papakan (Ishtakhr, in de buurt van Persepolis en Shiraz in een Pars provincie)

Deze geschreven versie van de Avesta zou voor iedereen mogelijk zijn om te lezen. Geschreven staat dat Hermippus, de filosoof van Smyrna ca. 250 v. Chr. Wordt gemeld  door Plinius (Naturalis Historia XXX.,I) : een moeizaam onderzoek gedaan had naar alle Zoroastian boeken, die zo zei hij uit twee miljoen woorden, de inhoud van elk boek afzonderlijk bestond. Helaas Hermippus werk is inmiddels verloren gegaan.

 

De 2e samenvoeging het bijeenbrengen van de Parthische Avesta ca. 247 – 224 v. Chr.

Na het omver werpen van de Macedonische heerschappij door de Parthen (een van de Arische volken) (247 – 224 v.Chr.) werden de verspreidde verzen van de Avesta  De midden-Perzische Pahlavi teksten verzameld.

De Partische koning Vologeses IV, ca. 147 – 191 na Chr. ( Dynastie van de Arasaciden, koningshuis van de Parthen tussen 253 voor Chr. – 224 na Chr. Nadat ze omver geworpen werden door de Sassaniden. De Arsaciden waren van Iraanse oorsprong ) Vologeses IV geeft het bevel aan de provincies om de zuiverheid van de schriftelijke of mondelinge staat van de Avesta te waarborgen, zoals deze was voorafgaand aan de ravage die Alexander van Macedonie aangerichtte.

Vologeses was de zoon van Mithridates IV, die tot 140 over een deel van Parthië regeerde. Onder Volgeses werd het Partische rijk weer een eenheid.

 

De 3e samenvoeging, het samenbrengen van de Sassanidische Avesta ca. (226 – 651 na Chr.)

De Sassanians waren een Perzische/Iraanse dynastie  sinds de Parthen. Een proclamatie in de Dinkhard toegeschreven aan de Sassanidische koning Khosrow Anoshirvan 531 – 579 stelt, dat de inning van de Avesta fragmenten van start zijn gegaan tijdens de Parthische Arsacid tijd en werd afgesloten tijdens de regeer periode van Sapur I I 309 – 379.

 

Samenvoeging van de Avesta en de Pahlaviteksten vond plaats onder het bewind van de Sassanidische koningen.

1e Aradshir II, 226 – 241, onder toezicht van zijn hogepriester Tonsar, ofTansar.

2e Shapur II, 309 – 379, onder toezicht van Adarbad Mahraspandan, die zou de Avesta gezuiverd hebben en het vaste aantal Nask op 21 gebracht hebben, het aantal in woorden van het Ahunavar gebed.

3e Kosrow Anoshirvan, 531 – 579, onder toezicht van Mobadan Mobed Veh – Ahabuhr.

 

Ardashir ( “hij die de Goddelijke Orde als zijn koninkrijk heeft.”) Was de eerste der koningen (Sjahansjak) van de Sassaniden in Perzië van 226 – 241 van onze jaartelling.

De 1e canonisatie van de Avesta is in de 3e eeuw onder Koning Ardashir I ( 224 – 240 )  Ardashir ( “Hij die de Goddelijke Orde als zijn koninkrijk heeft”) werd heerser van Istakr 206 – 241 vervolgens was de eerste koning der koningen (Sjahansjah) van de Sassaniden in Perzië 208 – 241 en tenslotte koning der koningen van Iran ( 226 – 241 ) De dynastie houdt 4 eeuwen stand, tot de omverwerping door de Rashidan kalifaat in 651.

Aradshir was de zoon van Sassan en de prinses Rodak van de Shabankareh stam, en dochter van Papak.

Ardashir werd geboren in de late 2e eeuw. In het boek “de Shahname” wordt in theorie beweerd dat Sassan trouwt met de dochter van Papak, nadat Pakak ontdekt dat Sassan, van Koninklijke Achaemenid afkomst is. Uit deze verbintenis wordt Ardashir geboren. Na de dood van Ardashir volgt Sassan’s zoon Shapur hem op. Tijdens Ardashir’s regeer periode was er een sterk gecentraliseerde en georganiseerd Zoroastianisme. Het Zorostrianisme bestond al in het Partische rijk.
Belangrijk was in Ardashir’s regeerperiode, dat de oude religie van het Zoraoastrianisme  een belangrijke plaats in zijn rijk zou gaan innemen. De Zarathoestrische priester van Ardashir, Tansar kreeg de opdracht om de heilige teksten van de Avesta te verzamelen, die de aanval van Alexander overleefd hadden. Dit waren liederen, hymnen, legendes, gebeden, recepten van rituelen, en de formules voor het reinigen van lichaam en ziel.

Het grootste deel van de teksten waren geschreven in het midden – Perzisch of ook wel het Pahlavi genoemd, welke de heersende taal was onder het Sassanidische tijdperk.  De krachtige nieuwe-Perzische staat onder de dynastie der Sassaniden 226 – 652 sloot zich in alle opzichten aan bij de oude tradities van het oude Perzische rijk, als koning der koningen beschouwde men zich als de afstammelingen van de “grote Cyrus”. De religie van Zoroaser wekte het rijk van Ardashir tot nieuw leven. Het Sassanidische rijk zou vier eeuwen lang na Rome en China gelden als 3e wereldmacht.

Zijn grootvader Papak was de laatste afstammeling in de lijn van koning Darab ( Darayavaush of Darius I I I) Papak had geen zoon maar beschouwde zijn kleinzoon Arsahir als zijn zoon.

 

Shapur II

Shapur II, was de 9e Sjah van de Sassanidische dynastie. Hij was Sjah tussen 309 – 379 Gedurende zijn 70 jarige regeerperiode, beleefde het rijk een bloeiperiode. Shapur II, heeft een grote bijdrage geleverd aan het Zoroastrianisme. Dit niet alleen op het schriftelijk niveau, maar ook geografisch. Hij had Armenië, het eerste land dat het Christendom tot staatsreligie had gemaakt en een trouwe bondgenoot van de Romeinen verovert en er het orthodoxe Zoroatrianisme getracht te introduceren. Vanaf het begin van hun regeer periode hebben de Sassaniden een terugkeer van dit orthodoxe geloof beoogd, een geloof waar geen plaats was voor godenbeelden.  Maar een iconoclastisch-religieuze politiek zorgde ervoor dat deze invloeden teniet werden gedaan.

Onder Shapur II, vond de afronding plaats van de canonisatie van de Avesta. Later zou de Avesta  in het Midden-Perzisch worden overgeschreven en zich als: ‘Zand/Zend- Avesta’ in de canon van de Pahlavi-literatuur worden opgenomen. Het woord Zand of Zend betekent dan dat het gaat om een interpretatie van een tekst of teksten uit de Avesta van de Magi. ( Sawyer, Sacred languages 155.) Het is deze canon die geheel bewaard is gebleven en kan worden gedateerd in de negende eeuw.

 

Kosrow Anoshirvan

De Sassanidische Sjahansjah Kosrow Anoshirvan 531 – 579, stichtte in 556 zijn eerste universiteit. Hij was uitermate geïnteresseerd in de wetenschap en de geneeskunde. In het boek van de daden van Ardashir Kapak, in het Perzisch: Karnamag-e Ardashir-e Papagan, is Koshrow Anoshirvan genoteerd als: “We mogen niet vergeten, het is een feit dat het verwerven van kennis van de waarheid en wetenschappen, de belangrijkste aspecten van het leven zijn die een koning siert. Het meest schandelijke zou zijn. Hij die niet leert is onverstandig”.

Koshrow had ook een bibliotheek in zijn paleis in “Imperia”. Helaas zijn alle bibliotheken verloren gegaan, vernietigd door de Arabische commandant Saad Abi Vaghas (651) na Chr. De commandant vernietigd ook de bibliotheek van Ctesipon, ook andere bibliotheken in Ray, Isfahan, Ecbatana, Pasargadae, Persepolis, Jundishapur, Nisa en Khorassan.

“Als de boeken in tegenspraak zouden zijn met de Koran” werden deze vernietigd, door verbranding of in de rivier de Eufraat gegooid. Waardevolle producten van duizenden boeken en documenten waaronder ook de verzameling teksten van de Avesta, een product van generaties van wetenschappers en geleerden gingen helaas verloren.

De opeenvolgende invasies van Perzië of Iran, heeft geresulteerd in de vernietiging van het grootste deel van de Zoroastrian geschriften “ de Avesta”. De eerste invasie was van Alexander van Macedonie in 330 v.Chr. Vervolgens kwam de Arabische invasie 640 – 650 na Chr. Vele fragmenten werden verwoest tijdens de extreem gewelddadige Mongoolse en Turkse invasies en uitroeiing van hele gemeenschappen. Echter is een compleet boek aan fragmenten gespaard gebleven, dat anderhalf maal de grote heeft van de Koran. De Avesta  dat uiteindelijk in 5 boeken zijn vorm vindt.

 

De Arabische verovering

Vernietiging door de Arabieren ca. 650 – 1000 na Chr.

Het Arabische Islamitische tijdperk begon met veroveringen en met het onderwerpen van de Byzantijnse provincie van Syrië in 636 na Chr.

Al snel nadat zij Mesopotamie (Irak)  binnendringen verhuizen hun legers naar het Iraanse plateau, tegen de tijd dat de Sassanidische monarch Yazdegrid I I I  aan zijn regeerperiode begon. Gedurende jaren van niet aflatende aanvallen, trok Yazdegrid zich terug in het Noordoosten, tot hij wordt vermoord in Merv in 652 na Chr. Het aantal Zoroastrians dat na veel vernederingen en onderdrukking werd teruggebracht  tot een kleine minderheid.

Ca. 900 na Chr. Is er een migratie naar India. Een groep Zoroastrians besluit om te migreren. Zij hebben de overblijfselen van de Avesta en Pahlavi in hun bezit.

 

Vernietiging door de Turken en Mongolen ca. 1000 – 1300 na Chr.

Wat overgebleven was van het Sassanidische Avesta in Iran werd verwoest door de Turkmeen en de Mongoolse invallers. Een kleine groep Zoroastrians in Yazd en Kerman overleefde door geen weerstand te bieden door aan de overvallers handgeld te betalen. Toch werden alle bestaande tempels vernield en het leven van de overgebleven Zoroastrians werd ondragelijk gemaakt. De Turkmans die zich bekeerd hadden tot de Islam werden moorddadige fanatici. De mongolen vermoorden hele gemeenschappen niet om religieuze reden, maar om het verspreiden van angst, en het elimineren van weerstand om een eventuele opstand uit te sluiten.

 

De geschiedenis van Iran

De geschiedenis van Iran kan met recht de bakermat van de beschaving genoemd worden. Het is over de laatste drieduizend jaar door verschillende dynastieën bestuurd geweest en dat waren niet allemaal inheemse dynastieën. Iran was vroeger in het westen bekend als Perzië, totdat Sjah Reza Pahlavi, op 21 maart 1935 de internationale gemeenschap officieel vroeg om het land bij zijn eigen naam te noemen, Iran. De naam Perzië komt van de Oud Griekse naam Persis, wat een Griekse naam is voor wat de Iraniërs zelf Pars noemden, dit is een belangrijke streek in het zuiden van Iran. Latere Europese beschavingen namen de naam Perzië over, Iran betekent” land van de Ariërs”.

 

Dynasties van het Perzische Rijk

Het Perzische rijk is de naam die wordt gebruikt om een aantal historische dynastieën aan te duiden, die over het huidige Iran regeerden. Het vroegst bekende koninkrijk van Iran was het proto-Elamitische Rijk, dat door het Medenrijk werd gevolgd; maar het rijk van de Achaemeniden onder Cyrus I I de Grote, wordt gewoonlijk als het eerste rijk genoemd dat als “Perzisch” kan worden bestempeld. Het nieuw-Perzische rijk van de Sassaniden was het tweede en laatste Perzische Rijk. Hierna veroverden de Arabieren Iran.

De naam Perzië werd tot 1935 gebruikt door het Westen om de natie Iran, zijn bevolking, of zijn oude imperium te beschrijven. Het stamt af van de oude Griekse naam voor Iran, Persis. Dit komt beurtelings van de naam van een provincie in het zuiden van Iran, genaamd Fars in de moderne Perzische taal Pari in Midden-perzisch. Persis is de Hellenistische vorm van Pari. Deze provincie was de kern van het originele Perzische rijk. De westerlingen verwezen naar de staat als Perzië tot 21 maart 1935, toe Reza Pahlavie, Shah van Perzië, formeel de internationale gemeenschap vroeg om het land bij zijn inheemse naam te noemen: Iran, wat land van Ariërs betekent.

Cyrus I I de Grote verenigde de verdeelde koninkrijken rond 559 v. Chr. Op dat moment waren de Perzen nog onderworpen aan de Meden. Cyrus verenigde de Perzen en kwam in opstand en stootte Astygages van de troon. Cyrus, nu de Sjah van een verenigd Perzisch koninkrijk, veroverde de rest van Medië rond 550 v. Chr. Cyrus verenigde de Meden en Perzen en nog meer veroveringen volgden spoedig. Hij veroverde Lydië in Klein-Azië en verplaatste zijn manschappen naar Centraal-Azië. Tot slot marcheerde Cyrus triomfantelijk door de oude stad Babylon. Na deze overwinning kreeg hij naam als welwillende veroveraar. Hij stelde een beroemd handvest op. In dit handvest beloofde de koning om Babylon niet terroriseren of zijn instellingen en cultuur te vernietigen. Cyrus werd gedood tijdens een veldslag tegen de Massagetae ( of Saka’s)

 

Het was in 539 v. Chr. dat Cyrus II de Grote, die eerst de overheersing door de Mediërs afgeschud had, Babylon veroverde. Dit betekent dat de Perzen de dominerende macht in het Midden-Oosten worden. Zij bouwen deze positie geleidelijk uit totdat zij een rijk van ongekende omvang regeren. Het omvat niet alleen het huidige Iran, maar ook Irak, Turkije, Syrië, Palestina, Egypte, Afghanistan en delen van Pakistan. Pogingen om ook de Griekse statstaten te onderwerpen slagen echter niet geheel. Het huidige Griekenland blijft vrij.

De zoon van Cyrus, Cambyses I I, voegde Egypte toe aan het Perzische Rijk. Het imperium bereikte zijn grootste omvang onder Darius I. Hij leidde legers in de vallei van de rivier de Indus en in Europa. Zijn invasie van Griekenland werd gestopt na de slag bij Marathon. Zijn zoon Xerxes probeerde ook om Griekenland te veroveren maar hij werd in 840, verslagen in de slag bij Salamis.

Het Perzische Rijk van de Achaemeniden was het grootste en krachtigste imperium tot dan toe. Wat nog belangrijker was, het werd goed geleid en werd efficiënt georganiseerd. Darius verdeelde zijn koninkrijk in ongeveer twintig provincies onder satrapen, of gouverneurs, van wie velen een persoonlijke band met de Sjah hadden. Hij stelde een belastingsysteem op om elke provincie geld en middelen te laten afdragen aan de regering. Hij nam het geavanceerde postsysteem van de Assyriërs over en breidde het uit. Ook geheime agenten, de “ogen en Oren van de koning”, die hem informeerden over de stand van zaken in het rijk, werden overgenomen uit het Assyrische Rijk. Darius I, legde de beroemde Koninklijke Weg aan, om de oude handelsroute van Perzië naar Susa, dichtbij Babylon en dichter bij het centrum van het koninkrijk. De Perzen stonden toe dat lokale culturen intact bleven. Dit kwam uiteindelijk het imperium ten goede, aangezien de veroverde volkeren geen behoefte voelden in opstand te komen.

 

Tijdens de regeerperiode van de Achaemeniden werd de voornaamste godsdienst van het Perzische rijk het Zoroastrisme, een vroege vorm van monotheïsme. Het Zoroatrisme werd de godsdienst van de heersers en van de meeste mensen in Perzië. De nieuwe godsdienst was een vervanging van de verering van traditionele Arische goden, het benadrukte een universele strijd tussen de goede en kwade goden. Denk daarbij aan de oud traditie was die van de zichtbare in beelden; Deva’s. De Aechaemeniden beoogde een orthodoxe benadering van het geloof, een van onzichtbare goden; de Asura’s. Het Zoroastrisme en zijn mystieke leiders genaamd; Magi, zouden een bepalend element in de Perzische cultuur worden. Kunst, cultuur en wetenschap komen tot grote bloei in het uitgestrekte rijk.

Aechmenidische Perzië verenigde mensen en koninkrijken van elke belangrijke beschaving uit die tijd (behalve China) Voor het eerst waren de mensen van zeer verschillende culturen met elkaar in contact gebracht onder één heerser.

 

Het Hellinistische Perzië (330 – 170 v. Chr

De latere jaren van de dynastie van de Achaemeniden werden gekenmerkt door verval. Het machtigste imperium in de wereld stortte in slechts acht jaar. Ineen, toen het onder vuur van de jonge Macedonische koning Alexander de Grote kwam.

De Griekse staat is vooral bekend om Alexander de Grote, dat een klein maar goed georganiseerd rijk veranderde in een vecht machine. Om in een groot gedeelte van de toen bekende wereld de Griekse cultuur te verspreiden. De Macedoniërs heerste onder Alexander I , in zijn regeer periode 498 – 454, onder zijn regering raakte Macedonië betrokken in de Grieks – Perzische oorlogen. Alexander werd tot een bondgenootschap met de Perzen gedwongen, maar hij waarschuwde de Grieken voor hun aanvalsplannen.

Alexander de Grote begon in 334 v. Chr. aan zijn beroemde veldtocht tegen Perzië. De Grieken liepen warm om eindelijk met de Perzische erfvijand af te rekenen.

 

Perzië kwamen in gevaar toen in 401 v. Chr., de satraap van Sardis tienduizend Griekse huursoldaten inhuurde om te helpen hem te beveiligen. Dit duidt zowel op de politieke instabiliteit als de militaire zwakheid van laat Achaemenidisch Perzië.

Phillips I I , van Macedonië, de leider van het grootste deel van Griekenland, en zijn zoon Alexander wisten deze zwakheid in hun voordeel te gebruiken. Na de dood van Fillips, viel Alexanders oog op Perzië. Het leger van Alexander kwam in 334 voor Christus in Klein-Azië aan. Zijn legers trokken pijlsnel door Lydië, Fenicië en Egypte, alvorens zij alle troepen van Darius I I I, versloegen en de hoofdstad in Susa belegerden. De laatste weerstand van de Achaemeniden was bij de “Perzische Poorten” dichtbij het koninklijk paleis Persepolis. Het Perzische Rijk kwam nu in Griekse handen.

Langs zijn route van veroveringen richtte Alexander vele koloniesteden op, die hij ‘Alexandrië’ noemde. Daarna volgde verscheidene eeuwen waarin de Griekse invloed in Perzië zeer werd uitgebreid, met name op cultureel gebied.

Het imperium van Alexander raakte korte tijd verdeeld na zijn dood, maar Perzië bleef in Griekse handen. Alexanders generaal Seleucus nam de controle over Perzië, Mesopotamië, en later Syrië en Klein-Azië ( klassieke periode;kruispunt van wegen tussen Azië en Europa)over.

 

De Griekse kolonisatie ging tot rond 250 v. Chr. Door. De Griekse taal, filosofie, en de kunst kwamen met de kolonisten mee. In het vroegere  imperium van Alexander werd het Grieks de algemene taal van diplomatie en literatuur. De handel met China was in ten tijde van Alexander lang de zogenaamde Zijderoute begonnen. Maar tijdens de Hellenitische periode begon de handel pas echt door te breken. De handel over land bewerkstelligde fascinerende culturele uitwisselingen. Het Boeddhisme kwam via India overwaaien, terwijl het Zoroastrisme zich naar het westen uitbreidde. Dit beïnvloedde uiteindelijk het Jodendom en het Christendom. Er zijn reusachtige standbeelden van Boeddha in klassieke Griekse stijl gevonden in Perzië en Afgfanistan, die de mengeling van culturen illustreren, hoewel het mogelijk is dat de Grieks_Boeddhistische kunst van die tijden dateert van de Achaemeniden toen de Griekse kunstenaars voor de Perzen werkten. Overigens moet vermeld worden dat Alexanders houding ten opzichte van de Perzen zeer inconsequent was te noemen. Naast afschuw kende hij het Perzische Rijk ook grote bewondering toe. Na mate hij langer van huis was, ging hij zich steeds meer als Perzische koning gedragen. Ook onder zijn opvolgers, de Diadochen, zijn Perzische invloeden te herkennen. Grote delen van de hofhouding van deze latere vorsten waren dan ook van Perzische afkomst.

 

Het Seleucidische koninkrijk begon al snel zijn macht te verliezen. Al tijdens het leven van Seleucuc werd de hoofdstad verplaatst van Seleucië in Mesopotamië naar Antiochië in Syrië. De oostelijke provincies Bactria en Parthia braken met het koninkrijk in 238 voor Chr. Rond deze tijd begon ook het Romeinse Rijk aan invloed te winnen. De Romeinse legioenen begonnen het koninkrijk aan te vallen.

Tezelfdertijd moet Seleuciden tegen de opstand van de Makkabeëen in Judea en de uitbreiding van het Kushanrijk in het oosten vechten. Het imperium viel uiteen en werd veroverd door de Parthen.

 

Seleuciden: is de naam van een Hellenistische dynastie een koninkrijk in het huidige Syrië in 311 tot 63 v.Chr. gesticht door Seleucus I Nicator ( overwinnaar 358 – 281 v. Chr.) Hij was een van de generaals ( Diadochen ) van Alexander de Grote, die na diens dood op 10 juni 323 v. Chr. Zichzelf in Mesopotamië en de hoogvlakte van Iran vestigde. Dit kon zich afspelen, doordat na de dood van Alexander, zijn moeder Olympias het rijk bij elkaar wilde houden voor haar kleinzoon. Deze was nog erg jong, daarom nam Alexanders broer Phillipus Aridaeus, het koningschap waar. Maar de generaals trokken steeds meer de macht naar zich toe en verdeelden uiteindelijk het rijk onder de sterkste generaals. De twee overigen generaals resp. Antigonus, kreeg Griekenland en Macedonië in zijn bezit. Ptolemeüs nam Egypte met Palestina, Cyrus en stukken van klein Azië. Het overgerbleven deel van het gigantische Perzische rijk ging naar Seleucus. ZO waren er drie vorstenhuizen gesticht: de Antigoniden, de Ptolemaeën en de Seleuciden.

 

Perzië onder het bewind van de Parthen 170 v. Chr. – 226 na Chr.

Na de roerige tijden van de brandcatastrofe  ca. 1189 – 1180 v. Chr. werden vele steden door brand verwoest en drong een aantal Indo-Europes volkeren het huidige Iran binnen. De Iraanse Parthava bleven in Centraal – Azië wonen, maar drongen later door in het noordoosten van het huidige Iraan. Rond 250 v. Chr. veroverde Arsaeces I, het gebied van Parthië en verklaarde het onafhankelijk van de Seleuiden. Aesaces stichtte de dynastie van de Arsaciden, die zolang het Partische rijk bestond, ook de dynastie blijven.

Parthië was het gebied ten noorden van Perzië, in wat vandaag de dag noordoostelijk Iran is. Zijn heersers, de Arsacidische dynastie behoorden tot een Iraanse stam die zich daar tijdens de tijd van Alexander had gevestigd. Zij verklaarden hun onafhankelijkheid van de Seleuciden in 238 voor Christus, maar hun pogingen om zich in Perzië uit te breiden werden tegengewerkt tot ca. 170 v. Chr. Onder Mithridates I.

 

Mithridates I, (of Mehrdad in het Perzisch) had zich tot doel gesteld het Partische rijk uit te breiden. Tussen 160 en 140 v. Chr. Veroverde hij het gehele Hoogland van Iran op de Seleuciden en de Meden en annexeerden Medië, Fars, Babylonië, en Assyrië. In 144 bereikte hij zelfs de Tigris en stichtte er tegenover Seleucia de nieuwe stad Ctesifon. Ook veroverde hij delen van Bactrië. Het Partische rijk was daarmee een groot macht geworden.dat zich uitstrekte van de Eufraat tot Herat in Afganistan en herstelden zo het oude Achaemenidische rijk van Cyrus de Grote. Afgezien van de nomaden die voor een voortdurende bedreiging vormden in het oosten en het rijk van Kushan, een Boedistisch koninkrijk in India, kende Parthia nog een machtig tegenstrever: Rome. Hoewel het Griekse element wat op de achtergrond komt, hebben de Parthen in de vier eeuwen van hun heerschappij innig contact gehad met het belendende Romeinse rijk. Soms was dat in de vorm van oorlog, maar er was ook een vorm van handel. Bijna drie eeuwen lang vochten Rome en Phartia over Syrië, Mesopotamië, en Armenië, zonder tot een oplossing te komen. In 53 v. Chr. tijdens het bewind van Orodes II ( 56 – 37 v.Chr ) op het hoogtepunt van de macht van Parthia, werden de Romeinen bij Carrhae verslagen. Ondanks deze overwinning en het ondertekenen van diverse verdragen, bleven de twee machten oorlog voeren tot in de 2e eeuw van onze jaartelling. De val van Parthia kwam niet door een buitenlandse vijand, maar door een binnenlandse opstand. In 226 n.Chr. slaagde een Perzische Vazal van de Parthen er in het Parthisch bewind ten val te brengen en stichtte het Sassaniden rijk.

Mithridates bevorderde de invloed van het Hellenisme in Parthië. Het einde van zijn regering wordt gewoonlijk gesteld op 138 of 137 v. Chr. Omdat er geen munten zijn gevonden bij opgravingen e.d. die van een latere datum zijn. In een recente publicatie wordt gesteld dat Mithridates regering tot 132 duurde. Mithridates noemde zich op zijn munten Philhellene ( vriend van de Grieken) en liet zich erop afbeelden met een Griekse diadeem. Daarmee week hij af van het gebruik van zijn voorgangers die zich met een Parthische helm op het hoofd lieten afbeelden.

 

Het rijk van de Parten liep van het Romeinse Rijk langs de rivier de Eufraat. De twee imperiums waren belangrijke rivalen. De Parthen hadden goede schutters en bleken gelijkwaardig te zijn in strijdkracht aan de Romeinse legioenen, zoals in de slag bij Carrhae. De oorlogen kwamen zeer frequent voor. Meestal diende Mesopotamië als slagveld.

Tijdens de periode van de Parthen namen de Hellenitische gewoonte geleidelijk af en een heropleving van de Perzische cultuur volgde. Nochtans had het imperium geen politieke eenheid. In de eerste eeuw voor Christus werd Parthië gedecentraliseerd en werd geregeerd door feodale edelen. De oorlogen met Rome in het westen en het Kushanrijk in het noordoosten zorgden voor een langzame uitputting van de middelen van het land.

 

Sassanidisch Perzië 226 - 650na Christus.

De dynastie van de Sassaniden vormde het koningshuis van het Perzisch rijk van de 3e eeuw tot de 7e eeuw. Onder leiding van Ardashir I, versloegen de Sassaniden het rijk van de Parthen in de slag om Hormizdgan. De overwinning brak de macht van de toen heersende Parthische dynastie van de Arsaciden. Deze slag wordt algemeen gezien als de bevestiging van de macht van de Sassaniden. Ardashir liet zich in 226 tot koning der koningen (Sjahansjah) kronen. Van 220 – tot 226 leidde Ardashir I een revolutie en creëerde zo, ten koste van de Parthen, het Nieuw-Perzische rijk. De drijfveer van de Perzen was het herstellen van het Oud – Perzische rijk en de oude 'satrapen’ (provincies) weer onder perzisch gezag te brengen. Het Nieuw-Perzisch rijk van de Sassaniden was veel beter georganiseerd dan zijn Parthische voorganger. Het voerde ook een veel agressievere politiek tegen het Romeinse ( later Byzantijnse) rijk en heeft bijgedragen aan het onvermogen van de Romeinse keizers om tegen de Germaanse invasies stand te houden. De Romeinen waren door de agressieve houding van de Sassaniden gedwongen om steeds een grote troepenmacht in het oosten paraat te houden. Dit ging ten koste van de Europese grenstroepen, die hierdoor verzwakten. Na de komst van het Christendom kreeg deze confrontatie ook een religieuze kant, omdat Perzië vasthield aan het Zoroastrisme en christenen er regelmatig vervolgd werden.

In het begin van de 7e eeuw, slaagden de Sassaniden erin een groot deel van de Byzantijnse provincies in het Midden-Oosten en Asta Minor ( onder meer Egypte, Palestina, Syrië, en Anatolië ) te veroveren. De nieuwe Byzantijnse keizer Heraclitus wist met grote moeite de heiligdommen van Jeruzalem, Anttiochië, en Alexandrië weer terug te veroveren, en bracht de Sassanidische Perzen een grote slag toe. Het gevolg was dat beide rijken elkaar aan de rand van de uitputting brachten. Het is op dat moment dat van volkomen ionverwachte kant een nieuwe veroveraar zich aanmelde: de Islam. In 651 stierf de laatste erkende Sjahansjah ( koning der koningen), genaamd Yazdagrid III, van het Nieuw-Perzisch rijk. Tijdens de regering van de Parthen was Perzië slechts één provincie in een groot slecht gecontroleerd imperium. De lokale koning van Perzië op dit moment, Ardashir I, leidde een opstand tegen het keizerlijk gezag in Parthië. Na twee jaar werd hij Sjah van een nieuw Perzisch rijk.

 

De Sassanidische dynastie was de eerste inheemse Perzische dynastie sinds de Achaemeniden, zij zagen zich als opvolgers van Darius en Cyrus. Zij streefden een agressief expansiebeleid na. Zij kregen veel van het oostelijk land terug dat Kushan tijdens de periode van de Parthen hadden ingenomen. Sassaniden bleef oorlog tegen Rome voeren, en werden zelfs enkele belangrijke overwinningen geboekt. Het Sassanidische Perzië was in tegenstelling tot Parthië een hoog gecentraliseerde staat. De mensen werd een strikt georganiseerd in een kaste systeem: priesters, militairen, schrijvers, en burgers. Zoroastrisme werd definitief tot de officiële staatsgodsdienst verheven en werd uitgebreid buiten het eigenlijke Perzië. Er vond sporadisch vervolging van andere godsdiensten plaats. De katholieke (orthodox) christelijke kerk werd in het bijzonder vervolgd, maar dit was voor een deel toe te schrijven aan zijn banden met het Romeinse Rijk. De nestorische christelijke kerk werd getolereerd en werd zelfs soms goedgekeurd door de Sassaniden.

Echter oorlogen en de godsdienstige striktheid droegen tot het verval van Sassanidische Perzië bij. De oostelijke gebieden  werden veroverd door de Witte Hunnen in de late jaren 400 na Chr. Mazdakiten werden opstandig rond dezelfde tijd. Een latere leider, Koshrow, won zijn imperium gedeeltelijk terug en kon het zelfs in de christelijke gebieden van Antiochië en Jemen uitbreiden. Nochtans vernietigde een definitieve oorlog met Rome het imperium volkomen. Tussen 605 en 629 voegden de Sassaniden met succes de Levant en Egypte aan het rijk toe en voerden strijd met Anatolië. Hun legers bereikte Constantinopel, maar konden niet de Byzantijnen daar verslaan. De keizer Heraclius overvleugelde met succes legers in Klein-Azië, maar bezorgde hen een nederlaag in noordelijk Mesopotamië. De Sassaniden moesten al hun veroverd land opgeven en zich terug trekken. Hoge belastingen en een zeer lange oorlog veroorzaakten opatanden in het imperium. Koshrow I I werd vermoord in 629 en het imperium werd omvergeworpen. Er volgde een periode van anarchie na de dood van zijn opvolger, Kavadh I I. Na een nederlaag in Nineve in 642 brak de burgeroorlog uit en de koning werd vermoord. Sassanidische sjahs hadden geen controle meer over het land. Maar voordat de Byzantijnen daarvan gebruik konden maken om definitief het Perzische rijk te onderwerpen rukten de legers van de nieuwe godsdienst de Islam het land binnen.

Binnen een eeuw was de dominante rol van Perzië en Byzantium in het Midden-Oosten uitgespeeld en vervangen door het eerste Arabische Kalifaat.

 

Ghaznaviden od Ghaznavids 977 - 1186

II-Kans of Il-Kanaat 1256 - 1338

Timoeriden (Herat) 1356 - 1405

Safawiden of Savafiden 1507 - 1736

Afshariden1736 - 1749

Zand 1750 - 1794

Kadjaren1779 - 1925

Pahlavi1925 - 1979

 

Het Perzische Rijk, is de naam die wordt gebruikt om een aantal historische dynastieen aan te duiden, die over het huidige Iran regeerden. Het vroegst bekende koninkrijk van Iran was het proto-Elamitische Rijk, dat door het Meden rijk werd gevolgd. Maar het rijk van de Achaemeniden, onder Cyrus II de Grote, wordt gewoonlijk als het eerste rijk genoemd dat als “Perzisch” kan worden bestempeld. Het nieuw-Perzische rijk van de Sassaniden was het tweede en laatste Perzische rijk. Hierna veroverden de Arabieren Iran.

De naam Perzie, werd tot 1935 gebruikt door het Westen, om de natie Iran, zijn bevolking, of zijn oude imperium te beschrijven. Het stamt af van de oude Griekse naam voor Iran, Persis. Dit komt beurtelings van de naam van een provincie in het zuiden van Iran, genaamd Fars, in de moderne Perische taal Pari, in Midden Perzisch.. Persis is de Hellenistische vorm van Pari. Deze provincie was de kern van het orginele Perzische rijk. De westerlingen verwezen naar de staat als Perzie tot 21 maart 1935, toen Reza Pahlavi, Shah van Perzie, formeel de internationale gemeenschap vroeg om het land bij zijn inheemse na, te noemen Iran, wat “land van Ariers betekent”.  

 

Dynasties Sjahansjahs van Perzië:

Aechaemiden Macedoniërs Seleuciden Parthen Sassaniden

Arabische verovering
Samaniden De Buwayhiden De Seltsjoeken Khwarezemiden Safawiden Zand dynastie Kadjaren De Pahlavie dynastie Ghahaviden Khanaat of Chagatai Timoeriden ( Herat ) Asafshariden 

www.universelevrede.nl
Auteur: Antoinette Meesters

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

waterblad.jpg

 

 

Haoma

Dit werkstuk draait in het geheel om het Haoma, het is mijn zoektocht naar de bron van waarheid, die door de eeuwen heen door de opvolgers van Zarathoestra Spitama na hun eigen waarheid is ingevuld, maar niet overeenkomen met de Mazdayasnian oer-leer, zoals deze van oorsprong was. De onderstaande verhandeling laat zien hoe een van oorsprong bedoeld symboliek dat zijn oorsprong had in een visioen tot een uiterlijk ritueel werd, terwijl het een innerlijk proces is van de wedergeboorte.
Het "tweede leven", wordt uit water en geest geboren, door de levenswateren van de kiemklieren, in samenwerking met de adem-geest. Een hogere bewustzijnstoestand is niet bereikbaar door uiterlijkheden, maar een weergeboren mens kan de aangeboren zelfzucht overwinnen en alleen hij bereikt de ware toestand van religie. Een verbondenheid met God.

Een verbondenheid met God. De adem (vayoe) en de levenswateren (haoma) werden en worden in bezielende liederen steeds opnieuw geprezen. Voor de wedergeborene is het eeuwig leven geen zaak van toekomst meer, want in het heden is hij zich van het eeuwige leven bewust. Het aardse leven is daar alleen maar een fase van.
De hoge bewustzijnstoestand te bereiken is het doel, dat de Mazdayasians, aan de mensen voorhoudt, terwijl alle andere dingen, eten, en drinken, rijkdom en macht eer en aards geluk alleen middelen zijn op de weg naar het eeuwig geluk, dat ons deel wordt, zodra wij hebben begrepen wat het eeuwige leven in ons werkelijk is.

Het kruid Haoma, werd als kruid toegepast, maar het was niet de bedoeling dat het een rituele vorm kreeg. Zarathoestra was hier zwaar tegen gekant, gezien zijn verbondenheid met de eenvoud van Ainyahita kon niet voorkomen dat zijn opvolgers deze vorm van aanbidding zouden gaan toepassen.

 

De eeuwen na Aryana en Zarathoestra Spitama zijn aan ons voorbij gegaan maar heden te dagen worden we nog steeds geconfronteerd met de vele opvolgers van Zarathoestra die aan een innerlijk en heilig proces een uiterlijke vorm wensen te geven. Het ritueel is een uiterlijke show en het drinken van de heilige Haoma brengt hier geen verandering. Hier is men afhankelijk, men reciteert om dichter bij de bron te komen maar men vergeet vaak dat het ook een innerlijk ervaren dient te zijn.
De wereld staat bol van de rituelen, zo ook zien we deze voortgang in onze kerken. Kerken en tempels zijn niet nodig om ons dichter bij God te brengen. De natuur omringt ons in al zijn goddelijkheid. Zelfs in ons is een Goddelijke vonk aanwezig, afwachtend en op onze eerste schreden tegemoet komend.

Uiterlijke rituelen zijn er om de mens onwetend te laten, onwetend voor de innerlijke krachten die zich openen ten tijde dat de mens zich zelf toestaat, deze innerlijke verborgen krachten na te vorsen. Misschien was deze intentie bij onze voorouders aanwezig, maar de voortgang richting onze moderne tijd, heeft ons mijlen ver van de bron van waarheid verwijderd. Zo ook is afgoderij een vorm van afhankelijkheid.
Deze afhankelijkheid komt ten goede aan de machtige instellingen op deze aarde, die de onwetendheid van haar burgers misbruikt om zelf daar haar winstbejag uit te putten. Daarbij kan geen enkel beeld geen enkel hallucinerende middel u hulp zijn in de ontwikkeling naar een hoger bewustzijn. Dit moeten wij zelf ervaren, door ons zelf in de maatschappij te plaatsen en de spiegels waarin wij ons koesteren te door schouwen.

 

Moeilijk is het wel met alles wat onze maatschappij zo eenvoudig voorschotelt. De macht is nu nog in handen van Angro Mainyoes, die ons in onwetendheid dompelt. Maar de macht is aan ieder van ons, wanneer we ontwaken voor de enige juiste waarheid en die vinden we diep in ons hart. En zijn deze rituelen er om ons ter wille te zijn om uiteindelijk ook in alle vrijheid een keuze te maken, het zij zo. Het is goed zoals het is, het is Gods plan en ook ik maak er deel van uit. Het is aan u wat u innerlijk als waarheid ervaart, dit is mijn interpretatie, ik bied u de vrijheid uw eigen interpretatie te maken.

 

 

afbeeldinghaoma.jpg

 

Het Sacred Haoma

Het heilige Sacred Haoma, heeft zijn oorsprong in de Indo-Iraanse religie en is verwant met het Vedische Soma.. Beide Avestaans haoma en Sanskriet Soma zijn afgeleid van het proto-Indo_iraanse Sauma.

De fysieke kenmerken worden beschreven in de Avesta tekst:

De plant heeft stengels, wortels en takken (Yasna 10,5) Het heeft meegaande ASU (Yasna 9,16) De term ASU wordt alleen gebruikt in combinatie met Haoma, Zij verwijst naar ‘takjes’ ‘vezels’ of ‘kiemen’. Het is hoog (Yasna 10.21, Vendidad 19,19) Het is geurig (Yasna 10,4) Het is goud-groen (Yasna 9,16 geheel) Het kan worden ingedrukt (Yasna 9.1, 9.2) Hij groeit op de bergen, verspreid zich snel, behalve op de vele paden Yasna 9,26, 10.3-4 geheel) Om de kloven en ravijnen (Yasna 10-11) en op de richels (Yasna 10,12)

Het bevordert de genezing ( Yasna 9.16-17, 9.19, 10.18, 10.9)

Het bevordert de seksuele opwinding (Yasna 9.13-15, 9,22)

Het is fysieke versterking (Yasna 9,17,9,22,9,27)

Het stimuleert de alertheid en bewustzijn (Yasna 9,17,9,22, 10,13)

Het licht bedwelmende extract kan worden geconsumeerd zonder negatieve bijwerkingen (Yasna 10,8)

Het is voedzaam (Yasna 9.4, 10.20) en meest voedzaam voor de ziel (Yasna 9,16).

 

In het huidige Zoroastrianisme kan niet worden uitgesloten dat het fabrikaat zoals dat vandaag wordt gebruikt een surrogaat is van middel dat de oude Zoroastrians gebruikten voor hun rituelen.

In de oude praktijk was Ab-Zohr het rituele hoogtepunt van de Yasna dienst.

Ab-zohr is de Perzische term voor het aanbidden, het offeren aan het water. De procedure staat bekend als de aap in de zaothra Avestaansetaal (Yasna 61,1) ab-zohr, in het moderne Perzisch.

 

De yazatha Haoma,(1) ook bekend in het midden Perzisch als Hom yazad, is de belichaming van de kwintessens van de Haoma plant, vereerd in de hymnen Yasna 9 – 11. In deze hymnen verschijnt Haoma voor Zarathoestra als een "mooie man". Die Zarathoestra vraagt het haoma te verzamelen voor het zuiveren van het water .In het Avestaans is ( enkelvoud Apo) grammaticaal vrouwelijk. Het midden Perzisch equivalent is Zetten (2)

 

(1)Yazatha is het Avestaanse woord voor ‘volgeling’ van Zarathoestra. Het woord heeft een brede betekenis, maar is in het algemeen bekend als goddelijkheid, een wezen van aanbidding waardig of een heilig wezen.

De yazata’s vertegenwoordigen gezamenlijk de goede bevoegdheden in het kader van Ahoera Mazda, waarbij deze laatste "de hoogste/grootste" is van de yazata’s.

De term yazatha wordt gebruikt in de oudste teksten van het Mazdaisme en zijn door Zarathustra zelf gecomponeerd. In deze wordt yazata neergezet als generiek, gelijk aan God, alsook aan de "goddelijke vonken" die we in de latere traditie terug vinden als de Amesha Spentas. In de Gatha’s, zijn de yazata’s om te worden aanbeden, terwijl de daeva’s er zijn om te worden afgewezen.

Vandaag de dag worden de yazata’s vergeleken met de engelen van het christendom. In deze worden de Amesha Spenta’s van het Mazdaisme voorgesteld als aartsengelen van God, met de hamkars als de ondersteuning van tal van mindere engelen.. ‘Yazata’s als engelen wordt algemeen geaccepteerd, zowel onder de gewone mens als in academische literatuur.

Onder de moslims van het Islamitische Iran, Sraosha kwam als "misschien als de populairste van alle ondergeschikte Yazatas" voor als de Engel Surush.

Yazata’s van de Gathas zijn: Sraosha, Ashi, Geush Tashan, Geush Urvan, Tushnamaiti en IZA.

 

(2) Zetten; Eerbied voor het water zit diep gegriefd in de leer van de Mazdayanians en Zoroatrians. Het aanbidden van de wateren: De aap zaothra-de ceremonie is letterlijk een aanbidding voor de "versterking van de wateren" .

Het Avestaansenaamwoord APAS komt precies overeen met het Vedische Sanskriet APAS. In beide Avestaanse en Vedische Sanskriet teksten is ap- "water", het water- of golven of druppels, of collectieve stromen, plassen, rivieren etc. worden vertegenwoordigd door de APAS, de groep goden van de wateren. Deze identificatie van het goddelijk element is gelijk in beide culturen.

Het water wordt beschouwd als en primordiaal element. In de kosmologie zijn de wateren na de hemelen geschapen.

Niet minder dan zeven zarathoestra goden worden geïdentificeerd met de wateren. Alle drie Ahoeras (Mazda, Mithra, Apam Napat), twee Amesha Spentas (Haurvatat, Armaiti) en twee mindere Yazata’s (Aredvi, Sura Anahita en Ahurani).

Abans, een krater op Ariel, een van de manen van Uranus, is vernoemd naar te Zetten.


In het zevende hoofdstuk Yasna Hptanghaiti, dat taalkundig net zo oud is als de Gatha’s zelf, worden de wateren vereerd als de Ahuranis, echtgenotes van de Ahura (Yasna 38,3) In Yasna 38, dat gewijd is aan " de aarde en de heilige wateren" APAS. Wordt beschouwd al de bron van leven. "Moeders van ons leven". In Yasna 2.5 en 6.11, APAS is "Mazda-vrouw en heilig. Ahurani draagt de kwaliteiten in zich van gezondheid, welvaart, het bekend zijn met de welzijn van de ziel: Yasna 68,11 vraagt de toegewijde Ahurani om een lange levensduur en en welkom in het pardijs "Ashavan". In Yasna 68,6, vdertegenwoordigt zij de wateren, in vele variaties: rivieren, bronnen, meren, zeeen, sneeuw, en regen, en is het synoniem met de APA'S, de groep Indo-Iraanse Godheden van het water. In andere verzen word Ahurani vereerd als verlichtenddenken, spreken en handelen(Yasna 68,4). In de lijn met de Indo-Iraanse traditie wordt zij geindentificeerd met het water en wijsheid. Ahurani staat beschreven als brenger van vruchtvbaarheid en vrede. In Yasna 68,1-2 (Ab-Zohr) als aanbieder van het water.

 

In het Zetten Yasht (Yasht 5) is de verering van het water specifiek gericht op Arevedi Sura Anahita, een godheid die geïdentificeerd wordt met het water, oorspronkelijk als de "wereld rivier" die de aarde omringt. Twee rivieren, een naar het oosten en een naar het westen stroomde eruit en omringde de aarde. Waar ze vervolgens werden gereinigd door Puitika of Putik, het getijdengebied van de zee, voordat de stroom terugkeert naar Vourukasha.(Budahesh 11.100.2, 28,8)

Elke tiende dag van de maand is gewijd aan de goddelijkheid van de wateren onder wiens bescherming de dag daarna ligt. Ook de achtste maand van het jaar staat op de kalender, dat wil zeggen de 10e dag van de achtste maand, wordt gevierd met het aanbieden van snoep en bloemen aan een rivier of zee.

 

Ab-Zohr

Ab-Zohr is het hoogtepunt van de grotere Yasna dienst, de belangrijkste volgeling van Zarathoestra doet de daad van aanbidding, een recitatie van de Yasna liturgie. Letterlijk betekent Ab-Zor, offeren aan het water (Ab, water, Zohr, offering) De procedure is ook bekend als de aap in de Zaothra Avestaanse taal. (Yasna 61,1) De Parsi Zorastrians naam voor de procedure, Dzor-melavi (dzor, sterkte, kracht, Melavi, in te voeren) weerspiegeld het symbolische doel, die bedoeld is om het water door zuivering de kracht middels de procedure toe te voegen. Het zogenaamde levende water, of heilig water.

De haoma plant is de bron voor de essentiële ingrediënten voor de parahaoma, het gewijde vloeistof zaothra vormt de aanbidding. Deze twee van elkander onafhankelijk bereidingen vormt de parahaoma.

Beide preparaten worden tussen zonsopgang en middags, in de Hawan gah (Avestisch: Havani Ratu), het "moment van de persing"

De eerste parahaoma wordt ijdens de inleidende riten bereid (voorafgaand aan de Yasna) De tweede parahaoma bereiding gebeurd tijdens het middelste het 3e deel van de Yasna dienst.

De recepten voor de twee parahoma preparaten zijn niet identiek, maar komen grotendeels met elkaar overeen. In beide gevallen zijn de ingrediënten 3 kleine haoma twijgen; gewijd water, twijgen en bladeren van een granaatappel boom. De tweede Parahoma melk (in Iran van een koe, in India een geit) De wijding van het water en haoma, gebeurd ook voor de aanvang van de ceremonie.

In de bereiding van de eerste parahaoma, worden de bladeren of kleine takjes van de granaatappel boom in stukken gesneden, en samen met gewijde haoma takjes en een beetje gewijd water samen geperst. De vloeistof wordt bewaard in een kom, terwijl de twijgjes en het blad bij het vuur te drogen wordt gelegd.

De tweede Parahaoma bereiding vindt plaats tijdens het middelste 3e deel van de Yasna seremonie. Gaat als het vorige maar nu met melk. De takje sen bladeren worden nu meer belast, en begint met het reciteren van de Yasna 22, en men blijft de takjes, de bladeren en de melk door bewerken tot aan het begin van Yasna 28 (Ahunavaiti Gatha) Tijdens het reciteren van Yasna 25 biedt de priester het mengsel op aan de "wateren".

De stamper (vijzel) blijft onaangeroerd tijdens het reciteren van Yasna 28. Uiteindelijk, zal tijdens het reciteren van de Yasna 31-34, de priester het mengsel in de vijsel samen stampen en vervolgens het vloeistof in de pot dat ook het eersteparahaoma bevat toevoegen. De twijgjes en het blad van het 2e parahaoma wordt ook te drogen gelegd bij het vuur.

Yasna 62 markeert het begin van de laatste fase van de Yasna dienst. Aan het begin van het reciteren van dit hoofdstuk zal de priester die de eerste parahaoma bereidde, verplaatst nu de droge takjes en bladeren naar het vuur zelf. Dit gebeurd op een bepaald punt tijdens de voordracht van de liturgie, de verbranding van het residu is geen offer aan het vuur, maar het rituele aspect van het ontdoen van materie.

Yasna 62,11 markeert tevens het begin van de werkelijke ab-zohr. Tijdens de volgende recital Yasna 62, 65, en 68 zal de priester herhaaldelijk de samengevoegde parahaoma’s herhaaldelijk tussen twee schalen en een vijzel verenigen, zodat aan het eind van Yasna 68, er drie schalen met de zelfde vloeistof inhoud zijn.

Vervolgens wordt de dienst beëindigd met Yasna 72 meteen daarna draagt de priester de schaal parahaoma naar een put of beek of stroom. Daar wordt in drie scheuten een plengoffer gebracht aan het water, begeleid door aanroepingen aan Aredvi Sura Anahita. De overgebleven parahaoma in de twee schalen wordt gegeven aan de personen die de ceremonie bijwonen. Vanaf dat moment kunnen de deelnemers er voor kiezen om een klein beetje te drinken of aan een zuigeling of stervende schenken. De rest wordt weggegoten over de wortels van een vrucht dragende bomen.

Het aangeboden parahaoma mengsel vertegenwoordigd de fauna (de melk) en plantaardig leven (het sap van de granaatappel bladeren en takjes) in combinatie wordt aan het mengsel versterkende genezende eigenschappen toegeschreven.

De voorbereiding van het gewijd water (parahaoma) symboliseert het leven gevende water. Het voornaamste doel van de ab-zohr is het zuiveren van de wateren, zoals blijkt in de yasna 68,1 waar het zaothra (aanbidding) zorg goed voor de wateren. Ahoera Mazda vreesde voor de vervuiling door de mens van de wateren; Bundahesh 91,1. De symboliek weerspiegelt de oer-wateren, de onderste helft van de hemel, waarop het universum ligt, en waar twee rivieren de aarde omcirkelen. Door het Haoma zuivert het water.

 

Het Haoma vraagstuk

Sinds Anquetil Duperron de Avesta beschikbaar maakte voor de Westerse wereld, hebben een aantal geleerden getracht representatieve botanische equivalent van de Haoma te bedenken.

Het betreft een van de oudste vraagstukken in de geschiedenis van de religie, de mythologie, de linguïstiek en de botanie. Uit de van het kruid wordt door de priesters tijdens een langdurig ritueel een vloeistof geperst (parahaoma) Het drinken ervan wordt beschouwd als een spirituele ervaring. Haoma zo wordt verteld is de levensboom, is schenker van onsterfelijkheid en stimulans voor het doen van het goede. Het haoma ritueel, dat wordt uitgevoerd in een heilige ruimte waar een eeuwige vlam brandt, wordt beschouwd als een symbolisch offer dat door de priesters wordt gebracht onder het zingen.

Sinds de 18e eeuw heeft het Zoroastrianisme en het haoma ritueel de aandacht getrokken. Westerse geleerden, filosofen, en kunstenaars hebben haoma en het

gedachtegoed van het Zoroatrianisme zij het niet altijd goed geïnterpreteerd in hun werk opgenomen.

De ingrediënten van het parahaoma bestaan uit een ruw plantenextract van de Haoma plant, gemengd met koemelk of geitenmelk. Er wordt door sommige theologen en Indologen een zekere geestbeïnvloedende of hallucinogene eigenschap aan toegekend.

Speculaties over de botanische identiteit van de oorspronkelijke Haoma plant bestaan al sinds de oudheid vóór Herodotus en variëren van Cannabis, Psylocibine, de vliegezwam (Amanita muscari), rabarber tot het kruid Ephedra.

Van oorsprong werden de twijgen van een plant met de naam "Baresman" gebruikt het zou gaan om de takken van de granaatappel. Een bundel takken symboliseert in het Zoroastrianisme nog altijd kracht en zuiverheid. Zarathoestra verwierp de priester-cultus. Het ritueel dat tegenwoordig nog door de Zoroastrians wordt beoefend, waarbij de plant Ephedra (Ephedra gerardiana of Ephedra vulgaris) wordt gebruikt is vermoedelijk de oudst bekende medicinale plant. Het wordt als medicijn al sinds duizenden jaren gebruikt door de Chinezen (als Ma Huang) en door de Indianen in California (als Mormon tea).

Archeologische vondsten uit de tijd van de Mohenjo-Daro cultuur (3000-2500 v.Chr.) en de Harappan periode (2500-1800v.Chr) wijzen al op een Haoma/Soma cultus. Later werd via de zijderoute handel gedreven in het kruid door de Scythen, de indo-Iraniers en andere etnische bevolkingsgroepen die leefden in Centraal Azie, in de omgeving van de berg Mount-Elbrouz, het Himalaya gebergte en Turkenistan.

De werkzame chemische verbinding van het kruid is de entheogen Ephedrine, vergelijkbaar met amfetamine en dat in neusdruppels werd verwerkt als middel tegen verkoudheid, bronchiale klachten en als ‘pepmiddel’ voor bodybilders.

Bij hoge doses kunnen er aandoeningen van het centrale zenuwstelsel, het hart en de lever ontstaan.

Vergelijkbaar taalkundig onderzoek wijst echter uit dat het epitheton "intoxicant" (giftig) voor de Haoma drank in de taal van de Avesta en de RigVeda de betekenis heeft van "heilzaam medicijn".

Haoma wordt beschreven als "rechtvaardig", "wijs" en "inzicht gevend".

Farmaccologische en toxicologische kenmerken van de drank en immunologische factoren in het menselijk lichaam doen veronderstellen dat de parahôm geen hallucinogene eigenschappen bezit. De dagelijks ingenomen dosis Ephedrine van de drank van de Zoroatriërs blijkt namelijk veel lager dan de NOEL om ook maar enige hallucinerende symptomen te veroorzaken. Consumptie van de drank zou echter een nadelig effect hebben ten gevolge van lactose-intolerantie (het onvermogen om lactose te verteren) Deze erfelijke aandoening heeft een hoge prevalentie onder de bevolking van Eurazië en onder de Indianen. Door het drinken van de melk bevattende parahôm kunnen zodoende wel stofwisselingsklachten worden veroorzaakt.

Granaatappel

: (pomegranate, Punica granatum:"purperrode veelzadige vrucht uit Phoenicië") Deze plant (grenadine siroop wordt eruit bereid) staat bekend om het hoge gehalte aan Vit.B6,C en E, polyfenolen en ellagitanninen (anti-oxidanten) en ellaginezuur (anti-carcinogene en tumor-repressieve werking). Het sap (van de vrucht en de twijgen) bezit een parasietendodende werking en wordt tegenwoordig gebruikt bij chemopreventie van prostaatcarcinoom. De granaatappel is endemisch in de Hoogvlakte van Iran en in China en wordt al duizenden jaren beschouwd als en heilzame medicinale plant. Het sap van de wortel en de bast bevat de alkalodide pelleterine, een afdrijfmiddel voor lintwormen.

In de oudheid werd er een zekere spirituele toestand van het bewustzijn aan toegekend. De schil van de vrucht wordt gebruikt als middel tegen dysenterie. De granaatappel is tevens het symbool van de wederopstanding in het christendom (zie ook Hooglied 4:16), en wordt ook geassocieerd met de appel van Eva. Volgens overlevering gebruikten de Egyptenaren het sap van de vrucht als anticonceptivum. Hartkloppingen zouden verminderd worden na het reelmatig drinken van granaatappelsap.

Entheogen:

Theo=god, spirit, gen+creatie/schepping. Een plantaardige chemische verbinding waarvan wordt verondersteld dat deze na inname geestverruimende of hallucinogene ervaringen opwekt. Haoma in de Avesta en Soma in het Sanskriet kunnen worden afgeleid uit het proto_Indo_Iraanse Sauma. De taalkundige stam van woord Haoma, Hu, en van Soma, Su-, betekent ‘persen’ of ‘drukken’.

Uit de scripten van Zarathoestra is op te maken dat er twee soorten Haoma zijn: de witte haoma en de pijnloze boom: boom vankennis’ en’de levensboom’ zoals in de bijbel verhalld wordt en waarschijnlijk ook al een rol heft gespeeld in het beroemde Gilgamesh epos (het kruid van de eeuwige jeugd). In de laatste helft van de 20e eeuw, probeerden verscheidene studies om Haoma als psychtrope substantie te bestempelen gebaseerd op de veronderstelling dat met het proto-Indo-Iraanse ‘Sauma’ een hallucinogeen zou zijn bedoeld (entheogen). Dit wordt echter niet gesteund door de teksten zelf of door de observaties uit de praktijk.

NOEL:

No Observable Effect Level. Hieronder wordt in de toxicologie verstaan de dosis van een bepaalde chemische stof warbij na inname nog geen nadelig effect kan worden waargenomen. De parahôm drank bevat 12 – 50mg Ephedrine terwijl de legale geschat wordt op 400 mg Ephedrine per kilogram lichaamsgewicht voor een volwassene.

www.universelevrede.nl
Auteur: Antoinette Meesters

 

 

 

 

 

evolutiehemelen.jpg

 

 

Het begin der dingen

Het verhaal van de leer van Zarathustra, begint bij het Iraans-Perzische verhaal over het begin der dingen. Van waar uit de schepping zich ontwikkelt door, zich in een vorm te manifesteren, wederom steeds weer verschijnt en zichzelf verjongt, op een hoger evolutionair niveau, in een symbolische duur van 12.000 jaar. In het eerst kwart zijn de oorspronkelijke scheppingen voortgekomen uit de Eeuwige werkende intelligentie, de Godsgedachte; Ahoera Mazda, Heer van het Licht, en Ahriman de Heer van het Duister, zuiver subjectief en op een hoog geestelijk niveau, dat ons begrip volledig te boven gaat. In de 2e fase van 3000 jaar, geschied geheel naar de wil van Ahoera Mazda, het laat ons de opkomst van de evolutionaire ontwikkeling uit eigen kracht van het begin van de werelden zien. In de 3e periode, is een gemengde toestand van strijd tussen de krachten van het Licht en van de Duisternis. In de laatste 3000 jaar worden alle duistere geesten overwonnen en opgenomen in het Oneindige Wezen.

 

De Zarathoestrische-Iraans-Perzische literatuur

Bij de Parsen in Surat vond Anquetil Duperron, die zich in 1755 als gewoon soldaat door de Indiase Compagnie had laten aanwerven ten einde in India oude handschriften te kunnen verzamelen, de Pehlevi-Zend-Avesta, die hij in 1761 naar Europa bracht, samen met een paar latere Indiase dichtwerken van de Zend-Avesta; de Bundehesh en de Dinkhard, die een zeker overzicht over de verloren gegane gedeelten van de oorspronkelijke Avesta verschaffen en in zekere andere gedeelten een goede aanvulling voor de ons tot nu toe bekende brokstukken van de Avesta vormen.

De Zarathoestrische-Iraans-Perzische literatuur is geïnspireerd geweest door de geestrijke leringen in de Zend-Avesta die betrekking hebben op de schepping van hemel en aarde, de gedachte van het eeuwig leven, het herstel en de opstanding van de mens en de vereffening of transmigratie, en die de weg wijzen naar de enige poort waar de mens doorheen moet gaan om de majesteit en de heerlijkheid van de Heer God Mazda deel te hebben.

Terwijl de overige wereld destijds tevreden was met de lagere hartstochten van de menselijke lichamelijkheid en roof en oorlog, blikte het Avestisch-Iraans-Perzische gedachteleven in de toekomst en zocht het naar mogelijkheden van vooruitgang in de richting van de volmaaktheid en van het eeuwig leven.

De belangrijke Zend-Avesta geschriften bestonden uit 2 op perkament geschreven delen, die in het Iraans-Perzisch gebied in de stevig versterkte gewelven van een Iraanse tempel werden bewaard, en als een kostbare schat werden behoed en beveiligd voor de afgunst van andere stammen.

Als leerling van de Griekse filosoof Aristotoles wist Alexander de Grote af van deze schat. Hij besloot deze schat, om deze bron van weten en wijsheid naar Griekenland te halen. Met de verovering van Perzië zou hij in het bezit van de beide exemplaren van de Zend-Avesta zijn gekomen.

Volgens de overleveringen, bracht hij één exemplaar naar Athene, en om de Perzen voor altijd van de schat te beroven, liet hij het andere exemplaar in Ekbatana verbranden. Ook is het mogelijk dat Alexander slechts in het bezit van één exemplaar kwam, en voor het andere de geruchten liet verspreiden als zij dit exemplaar vernietigt. Natuurlijk hadden de behoeders van dit ene exemplaar geen behoefte om zijn uitspraken tegen te spreken.

 

In Athene werd de Avesta nu de hoofdzaak bij de studie aan de hogeschool en hij verschafte de Grieken filosofie en cultuur nieuwe impulsen en eek een nieuwe richting die in het Syncretisme, in de Gnosis en in het Neo-Platonisme tot uiting kwam en die zijn hoogtepunt bereikte in de grote ommekeer op religieus gebied met het optreden van Jezus.

Later moet dit exemplaar van de Zend-Avesta van Athene naar de bibliotheek van Alexandrië in Egypte zijn gebracht, alwaar hij het middelpunt van alle studies vormde, dus ook voor Jezus, toen deze zich voor studie in Alexandrië ophield. Met de bibliotheek brand bij de verovering van Alexandrië door de Arabieren in 640 na Chr. Ging dit exemplaar van de Zend-Avesta verloren. Ten gevolge van de verovering van Perzië door Alexander de Grote werd het Perzische rijk na diens vroegtijdige dood in stukken verdeeld en de hoge Perzische cultuur geraakte in verval. Maar een paar eeuwen later ontstond er in het rijk der Perzen onder de Sassaniden (226-642 na Chr.) een hernieuwde opleving, waardoor het weer tot grote bloei kwam.

 

De nog voorhanden zijnde gebleven resten, brokstukken en oorkonden van de 21 Avestaboeken werden verzameld, herschreven en vertaald in het Pehlevi, de Midden-Perzisch-Iraanse taal en die vormden in Perzië en ook n het Westen, voor zover de Perzische invloed daar doordrong de grondslag voor een nieuwe cultuurperiode. Bij het herschrijven en het vertalen zijn de zuivere Zarathoestrische gedachtegangen van de óórspronkelijke Avesta min of meer verloren gegaan en zo drong de invloed van de gedachtegang van het Syncretisme, de Gnosis en het Neo-Platonisme zich op de voorgrond, zodat men hier wel rekening mee moet houden bij de beoordeling van dit nieuwe Perzische geschrift.

 

Ook na de Sassanidentijd moest de opnieuw verschenen Zend-Avesta heel wat gevaren trotseren, toen de inval van de Mohammedaanse Arabieren in 664 na Chr. De Zarathoestrisch-Iraans-Perzische religie onderdrukte en hun tempels en andere cultuur plaatsen verwoestte. Een deel van de Perzen emigreerde naar India, bleef het Zarathoestrisme trouw en legde de grondslag voor de nu nog bestaande Parsen-gemeenten, hoofdzakelijk in Bombay en Surat. Deze Perzen namen de delen van de Zend-Avesta, die hun nog waren overgebleven, mee. Het belangrijkste deel ervan de Vendidad, dient nu nog altijd als een leidraad, waar ze zich aan vast houden, zodat zij tegenwoordig tot de intelligentste en de meest onderneming lustigste stammen van India behoren, terwijl de naar de noordelijke Perzische provincie Mazanderan geëmigreerde Avesta-Perzen geleidelijk aan het uitsterven zijn.

Bij de Parsen in Surat, vond Anquetill Duperron de oude Pehlevi-Zend-Avesta geschriften. Die hij in 1761 naar Europa bracht met een paar Indiase dichtwerken van de Zend-Avesta, de Bundehesh en de Dinkhard, die een zeker overzicht over de verloren gegane gedeelte van de oorspronkelijke Avesta verschaffen en in zekere mate een goede aanvulling zijn voor de ons tot nu toe bekende brokstukken van de Avesta.

Voorkant
Pavlavi tekstboek

De Bundahesh

Bij de Parsen in Surat, vond Anquetill Duperron de oude Pehlevi-Zend-Avesta geschriften. Die hij in 1761 naar Europa bracht met een paar Indiase dichtwerken

van de Zend-Avesta, de Bundehesh en de Dinkhard, die een zeker overzicht over de verloren gegane gedeelte van de oorspronkelijke Avesta verschaffen en in zekere mate een goede aanvulling zijn voor de ons tot nu toe bekende brokstukken van de Avesta.

De Bundehesh, Bundahi’s, ofwel bundahishn ("creatie") ook wel Zand-Agahih (kennis van het Zand), heeft 3 hoofdthema’s: 1e de oprichting, 2e de aard van het aardse wezen, 3e en de Kayanians.

Even een zij sprong makend naar de Kayanians, dan zien we dat zij een semi-mythologische dynastie waren, maar ook waren de Kayanians de helden van de Avesta !

 

Een eerste omschrijving van de Kayanian Koningen is te vinden in de Yashts van de Avesta. Waar de dynast offers aanbied aan de Goden om hun steun te verdienen in de eeuwige strijd tegen hun vijanden, de Anaryan’s, soms aangeduidt als Turanians. Yasht 5,9,25,17,45-46, Haossav een Kayanian koning later bekend als Kay Koshrow, staat beschreven als de koning die de verschillende Arische stammen verenigde als een natie. Yasht: 5,49,9,21,15,32,17,41. Samen met Zarathustra en Jamasp bidden zij tot de beschermheilige Vishtaspa. Tegen het einde van de Sassanidische periode ( er waren vier dynastieën te weten: de Pishdadians – de Kayanians – de Ashkanians – en de Sasanians) , Khosrow II (590-628 ), ontstond het boek van de koningen, een lange geschiedschrijving die teruggrijpt vanaf Gayomart (de reine en volmaakte mens).

 

Gerangschikt zijn de beleveningen van de 50 koningen en koninginnen) De ingeving tot het schrijven van het boek van de koningen, was de verslechterde geest en de desastreuze wereldwijde klimaatveranderingen (535-536) De Iraniërs vonden troost in het verzamelen van legendes uit hun verleden. Na het ineenstorten van het Sassanidisch rijk en de latere opkomst van de Islam, vielen de legendes uiteen.

De Bundehesh, een pavlaviwerk, lijkt in haar huidige staat op een verzameling van fragmenten met betrekking op de kosmogonie mythologie, en de legendarische geschiedenis onderwezen door de Mazdayasian traditie. Het verhaalt de schepping in het kader van de goede en kwade invloeden.

 

Dit werk maakt deel uit van en verzameling Pahlavi teksten, het hele manuscript wordt aangeduid als de Grote Bundahi’s of Bundahi’s van honderd hoofdstukken, een relatief moderne complicatie met details van de religieuze wetten van de Parsis.

De persoonlijkheden die in de geschriften optreden, zijn noch Goden, noch Halfgoden, maar verpersoonlijkte attributen, eigenschappen, bekwaamheden, toestanden en dergelijke, die de schrijver of dichter ons voor ogen wenst te stellen. Wanneer we deze Goden in de mythologieën van de westerse wereld met elkaar vergelijken, vinden we heel gemakkelijk de bevestiging dat het altijd gaat om de verpersoonlijkte eigenschappen, deugden, ondeugden etc.

 

Deze oude geschriften zijn niet op de ons bekende wijze te bestuderen, wanneer wij ze ons eigen willen maken dan moet men als het ware de achter de woorden staande betekenis en bedoeling zoeken. De schrijver zal bijvoorbeeld de goede eigenschappen van het vuur begrijpelijk willen maken en zegt dan dat de gelovige aan de God van het vuur een offer moet brengen, om van hem hulp te kunnen ontvangen.

" Maar als dat offer dan bestaat uit een gebedsoefening met langdurige uitademingen en korte inademingen, dan spreekt het vanzelf dat het electrisme, de kracht die verwarmend werkt in het lichaam, wordt versterkt, dat bepaalde processen van omzetting en uitscheiding op gang worden gebracht en dat de gezond wording hierbij baat vindt, zodat de "God van het vuur" het gebed scheen te hebben verhoord".

(Overigens: de Zoroastriens aanbidden het vuur als synoniem voor de heilige kracht die de bron is van alle energieën en vanwege zijn zuiverende functie dat symbool staat voor ‘waarheid’, en ‘rechtschapenheid’)

 

Zo zien we in al de oude offer- en gebedsceremonies goeddoordachte en inderdaad goedhelpende genezende oefeningen. Omdat door die oefeningen de tot dan nog sluimerende en daarom nog niet werkzame krachten of goddelijke machten in werking treden: "de Goden schieten te hulp". Alleen zo ontdekken we de ware betekenis en alleen zo trekken we nut voor onszelf uit de oude geschriften. De Zend-religie berust op de alomvattende enige Godheid die de geestelijke, abstracte oergrond van alle verschijningvormen is; deze laatste berusten op hun beurt op de wet van de dualiteit, de twee-eenheid.

 

In het 1e hoofdstuk van de BUNDEHESI leest men het volgende:

De Eeuwigwerkende intelligentie, de Godsgedachte wilde zich in de wereld der verschijnselen gestalte geven, Hij wilde zijn gedachten belichamen en Hij vroeg zich af ‘of ‘ het hem wel zou lukken een zoon te baren die de wereld zou kunnen scheppen. Deze twijfel leidde echter tot een onvolmaakte belichaming, tot de geboorte van het duistere, de schepping tegenwerkende zoon, Ahriman. Bij het eerste ontwaken van een eindige tijd, kwam uit de leegte, waar duisternis zich mengde met het eeuwigdurende Licht, de zoon van het licht, de zoon van de positieve bevestiging, van het ‘ja’ geboren, namelijk Ahoera Mazda, het eeuwige licht, waaruit alles wat zich openbaart ontspringt. De zoon van de duisternis daarentegen leeft in onkunde, in domheid en hij leert alleen door de gevolgen van zijn daden te moeten ondervinden, in plaats van door intelligente waarneming

 

Tussen licht en duisternis, ligt de sfeer waarin de vereffening tussen deze, als tussen twee polen, plaats vindt. In oorsprong zijn ze beide oneindig en eeuwig, maar bij de uitwerking in elke verschijningsvorm worden ze eindig en daardoor onderworpen aan de wetten van tijd en ruimte. (Zervan Akarana) Daarmee is dus alles wat gemanifesteerd zou worden, alles wat wij om ons heen zien de gehele natuur met al het levende, is in oorsprong in een Goddelijke omarming aanwezig. In een oneindige cirkel van een onkenbare Tijd en Ruimte.

Ahoera Mazda de lichtgedachte die de duisternis doordringt, is alwetend en Hij is zich daarom van de alom tegenwoordigheid van Ahrima bewust. Daarom kent Hij ook de middelen die aan de duisternis een einde kunnen maken. Allereerst schiep Ahoera Mazda zich daarom in zijn gedachte de Lichtgestalten, aan wie Hij de oplossing van die middelen kon toevertrouwen. Ahriman die alles wist na te doen had geen begrip van de onaantastbare Lichtgedachte van Ahoera Mazda en viel hij die aan met bedrieglijke ideeën uit de wereld van de schaduw en van de nacht.

 

Ahoera Mazda voorzag zijn overwinning en poogde de strijd beperkt te houden, en wist Ahriman te overreden dat de strijd tot op 9000 jaar zou worden beperkt. Ahoera Mazda overzag dat de dingen de eerste 3000 jaar naar zijn wil. Zelf zonder begin noch einde, vormde Ahoera door zijn denken de eerste onzichtbare, nog ontastbare oorspronkelijke materie de ideële vorm van de werelden die geboren zouden worden en deze vorm van Hemzelf en Zijn schepselen bleven in deze eerste fase van 3000 jaar in een geestelijke toestand, zonder te denken, zonder te bewegen en ontastbaar.

Deze materie leefde, het kon denken en voelen, dus de oorspronkelijke ontwikkeling toestanden van de wereld en de mens berusten op het feit dat er iets geestelijks in de stof aanwezig was.

Ahoera Mazda voorzag door zijn alwetendheid dat de dingen in de eerste 3000 jaar naar zijn wil, In de tweede 3000 jaar naar een menging van beider bedoelingen zou verlopen en dat in de derde 3000 jaar de Lichtgestalten het scheppen van nachtgestalten zouden verhinderen.

Nadat deze overeenkomst was gesloten sprak Ahoera Mazda het gebed "Ahoena Vairya" ( het "onze Vader van Zarathustrische leer) dat uit 21 woorden bestaat, 3x7; met dit gebed bracht hij Ahriman voor de eerste 3000 jaar in verwarring.

 

"Ahoe Vairya"

De tekst van dit gebed luidt:

Yatha Ahoe Vairya atha ratoesh ashatshit hatsha

Vanheush dasda mananho shiaotananam anheush Mazda i

Kshatremtsha Ahoerai a vim dregoebio dadat vastarem.

Orde Gods is ‘t allerbeste, daar ontspringt de heelheid uit, Hij is ‘t loon voor ‘t goede denken, voor de arbeid hier op aarde, Voor God’s leiding in ons hart en voor hulp aan onze naaste.

Voor het tweede deel van zijn afweer schiep Ahoera Mazda de 7 goede attributen, de Fravashi’s, de Engelen, de Godsdeugden. De Amesha Spiënta’s, die de lichtgestalten, de scheppend denkende mens veilige leiding geven in zijn strijd tegen onkunde en bijgelovigheid van de gedachteloos levende mens. Het zijn dezelfde zeven deugden, die de heilige Zarathoestra al te hulp waren gesneld.

 

 

ASHA

 

Asha; waarheid. Gerechtigheid, kosmische orde.

Het Avestan woord Asha is gerelateerd aan de Sanskrietwortel RTA wat betekent "eeuwige wet en orde." The Indo-European word- root became, in modern languages, such words as "right," "righteousness," "ritual," and "rite." De Indo-Europese woord- wortel werd, in de moderne talen, woorden als "rechts", "gerechtigheid", "ritueel" en "rite." Asha means many related things, and is untranslatable by one English word. Asha betekent: rechtvaardigheid, wet, kosmische orde, waarheid, rechtvaardigheid. It is one of the seven Amesha Spentas, the seven primal emanations of God, through which God's will is done and through which we reach God. Het is één van de zeven Amesha Spentas, de zeven oer personificaties ofwel uitingsvormen van God, waardoor Gods wil wordt gedaan en waardoor we God kunnen bereiken. What really is Asha, as the Prophet Zarathushtra conceived of it in his poetic Gathas?

 

Wat is echt Asha, zoals de profeet Zarathushtra opgevat in zijn poëtische Gathas? Asha is first of all Truth, the opposite of the Lie, and encompasses all clear and objective vision, all honesty and unclouded thought, word, and deed. Asha is in de eerste plaats de Waarheid, het tegenovergestelde van de Leugen, en omvat alle duidelijke en objectieve visie’s, van goede gedachte, woord en daad. Then it is "Righteousness," which involves a commitment to good actions that build society and lead toward health, peace, and good will. Dan is het de"gerechtigheid", en die een verbintenis vormt die de samenleving op bouwt en leidt in de richting van de gezondheid, vrede en goede wil. These actions are not prescribed, as they are in Jewish or Islamic sacred Law, but they will vary as the conditions of history or society vary. Deze acties worden niet voorgeschreven, of opgelegd maar ze zullen variëren als de voorwaarden. However, the underlying call to right action remains the same.Asha is also LAW - not a prescribed set of commandments, but a description of the laws that rule our lives and the universe around us. Echter, de onderliggende oproep tot juiste actie blijft. Asha is ook WET - niet een voorgeschreven set van geboden, maar een beschrijving van de universele wetten die ons leven en alles om ons heen regeren. Asha is impersonal. Asha is onpersoonlijk. In Zoroastrianism, Ahura Mazda is not the type of God who will suspend the laws of reality in order to make a point or to help someone. In het zoroastrisme, is Ahura Mazda  niet het type van God die de wetten van de werkelijkheid zal schoferen om een ​​punt te maken of om iemand te helpen. In Zarathushtra's concept of divine governance, there are no suns standing still, miraculous healings, miraculous plagues or deliverances, no resurrections from the dead. In het concept van de goddelijke bestuur Zarathoestra's, zijn er geen, wonderbaarlijke genezingen, wonderbaarlijke plagen of bevrijdingen, geen opstanding uit de dood. In all the Gathas there are no miracles or supernatural occurrences; In alle Gathas zijn geen wonderen of bovennatuurlijke gebeurtenissen; this is astonishing for something composed 3500 years ago. Dit is verbazingwekkend om iets bestaat 3500 jaar geleden. In the way of Asha, God set up the laws of reality, both in the natural world and the social world - and he will not break them. De weg van Asha, zijn de wetten van Godde natuurlijke kosmische ordening, de werkelijkheid, zowel in de natuurlijke wereld en de sociale wereld.

 

Thus the law of Asha describes what actually happens, not what should happen.De wet van Asha beschrijft wat er werkelijk gebeurt, niet wat er moet gebeuren. It encompasses the law of gravity and all physical laws discoverable by science as well as the laws of consequences governing our own behavior, which are discoverable by (sometimes painful) experience. Het omvat de wet van de zwaartekracht en alle fysische wetten  door zowel de wetenschap als de wetten van de gevolgen met betrekking tot ons eigen gedrag, die herkenbaar door (soms pijnlijke) ervaring zijn. Throw a rock in the air, and, if unhindered in its descent, it will come down - that is Asha. Gooi een rots in de lucht, en, indien ongehinderd in zijn afdaling, zal het naar beneden komen - dat is Asha. Overindulge in liquor one night, and wake up with a painful hangover - that is also Asha, the law of consequences. Toegeeflijk in drank op een avond, en word wakker met een pijnlijke kater - dat is ook Asha, de wet van de gevolgen. If you do wrong, quite often the world itself will punish you, either by its own laws, or by someone taking the law into his own hands. Als je verkeerd doet, vaak de wereld zelf zal je straffen, hetzij door zijn eigen wetten, of door iemand die het recht in eigen hande neemt. But what of those who do wrong and prosper, who die happily after a life of evil? Maar wat te denken voor degenen die kwaad doen, zullen zij gelukkig na een leven van het kwaad sterven? Then one must look to the world to come, which is also under the rule of Asha, where, as Zarathushtra states, the "Best Existence" (heaven) is waiting for those who choose good in this world, and where the "Worst Existence" (hell) is reserved for those who do evil. Kijk dan naar de wereld van Asha waar, zoals Zarathustra vermeld, de "Best Bestaan" (hemel) wacht voor degenen die het goede in deze wereld kiezen, en waar de "het Slechtste Bestaan "(de hel) is gereserveerd voor degenen die kwaad doen. This "hell" is not eternal, since all things will be purified in the end of time, but it is long enough to purify evildoers. Deze 'hel' is niet eeuwig, omdat alle dingen zullen worden gezuiverd in het einde der tijden, maar het is lang genoeg om boosdoeners te zuiveren.

 

Therefore, to praise Asha as the "best" (Avestan, vahishta) is to put yourself in harmony with cosmic order, and to commit yourself to the search for Truth in your spiritual, moral, and work life.Asha is om jezelf in harmonie met de kosmische orde, en om jezelf te committeren aan de zoektocht naar de waarheid in je spirituele, morele en werk/leven. Asha indwells within you, as it does in everyone, and it is divine. Asha woont in je, en het is goddelijk. Every time you do a righteous deed, no matter how small, you are bringing yourself closer to God through Asha Vahishta. Elke keer als je een goede daad, ongeacht hoe klein, brengt jezelf dichter bij God. The text of the Gathas itself demonstrates just how important Asha is for Zoroastrian thought and practice. De tekst van de Gathas zelf tonen aan hoe belangrijk Asha is voor Zoroastrische denken en handelen. Almost every single verse of these poetic hymns contains the word ASHA somewhere. Bijna elk vers van deze poëtische liederen bevat het woord ASHA ergens. This constant repetition is more than just a buildup of information or a prophet's rhetorical device. Deze constante herhaling is meer dan alleen een opbouw van informatie of retorische apparaat van een profeet. It is a sacred litany, weaving the word into the mind of the listener until it becomes a permanent part of spiritual consciousness. Het is een heilige litanie, het weven van het woord in de geest van de luisteraar tot het een permanent onderdeel van spiritueel bewustzijn.

Is Asha Vahishta just a glorified version of the Ten Commandments - a set of religious rules writ large?

Is Asha gewoon een veredelde versie van de Tien Geboden - een set van religieuze regels? Not really. Niet echt. Asha is not like the "Ten Commandments," because the Commandments, and the Torah, are prescriptive. Asha is niet zoals de 'Tien Geboden', omdat de geboden, en de Thora, zijn normatief. Asha is descriptive. Asha is beschrijvend. The commandment says, for instance,"Thou shalt not steal." Het gebod zegt, bijvoorbeeld, "Gij zult niet stelen." What Asha would say, if it could talk, would be: "If you steal, you may get the owner of what you stole angry, and he will punish you or the civil law will do that; and if you get away with it in this world, when you die and come to judgement, it will be remembered that you stole."Asha is not "rules," but "law," not in the sense of "thou shalts" or "thou shalt not's" but in the sense of geometric axioms, or the laws of physics. Wat Asha zou zeggen, als het zou kunnen spreken, zou zijn: "Als je steelt, kunt u de eigenaar van wat je boos gestolen te krijgen, en hij zal je straffen of het burgerlijk recht zal in gang treden, en als je  deze wereld verlaat, zul je er aan worden herinnerd dat je gestolen hebt. "Asha is geen" regels ", maar" de wet ", niet in de zin van" gij zult niet ", maar in de gevoel van geometrische axioma's, of de wetten van de fysica. I like to think of Asha as "the software of the universe" or perhaps its "operating system" in that it orders the working of all things, whether we like it or not.

 

Ik denk graag in de trant van Asha als "de software van het universum" of misschien de "besturingssysteem"  het beveelt de werking van alle dingen, of we willen of niet. And unlike software, it can't be changed. En in tegenstelling tot software, kan Asha als de universele wet van de natuur niet worden veranderd. Can the speed of light be changed, or the laws of mathematics or physics? Noch kan de snelheid van het licht worden gewijzigd, of de wetten van de wiskunde of natuurkunde? The scientific method applies to Asha. De wetenschappelijke methode geldt voor Asha. There is no immutable Scripture telling us what Asha is; Er is geen onveranderlijke Schrift die ons te vertelt wat Asha is; we learn by experience, hypothesis, experiment, proof, and demonstration. we leren door ervaring, hypothese, experiment, het bewijs en demonstratie. If what seems to be Asha doesn't make sense, it is not that Asha is wrong, but our own idea of it, our ignorance of Asha as it truly is - and it is necessary for us to return to our investigations.

 

Als u denkt dat Asha geen zin heeft, dan is het ook niet zo dat Asha verkeerd is, maar het is onze onwetendheid van Asha. Asha is werkelijk en noodzakelijk voor ons om deze werkelijkheid te onderzoeken.
 

The later traditions of Zoroastrianism, taking inspiration from ideas in Zarathushtra's Gathas and other early Zoroastrian teaching and practice, have associated ASHA with the "element" of Fire. De latere tradities van het zoroastrisme, namen hun inspiratie en ideeën uit Zarathoestra's Gathas en andere vroege Zoroastrische leer stellingen uit de praktijk en hebben ASHA geassocieerd met het "element" van het Vuur. In the Gathas, Fire is not only a means of illumination and warmth but the fire of purification and refining, such as goes on in smelting ore. In de Gathas, is vuur niet alleen een middel van verlichting en warmte, maar het vuur van de zuivering. It is also a symbol of ever-vigilant Justice. Het is ook een symbool van steeds waakzaamheid. De Goddelijke attributen worden gepersonifieerd als de Amesha Spentas, Asha Vahista werd de Amesha Spenta wiens creatie en jurisdictie was die van Vuur. The primal prominence of Fire in Zoroastrian religious life only underscores just how central Asha is in the Zoroastrian Way. Dat de betekenis in het Zoroastrian religieuze leven onderstreept en hoe centraal Asha staat in de Zoroastrische Leer.

Asha is om jezelf in harmonie te krijgen met de kosmische ordening, Asha is de Kosmische wet, de hoeksteen van de Zoroastrian gedachten.

 

De 7 Goddelijke wezens en hun opponenten,

In Perzische geloof, is Ahura Mazda de oppergod, hij die de hemelen en de aarde creeerde.

As leader of the Heavenly Host, the Amesha Spentas , he battles Ahriman and his followers to rid the world of evil, darkness and deceit. Als leider van de Hemelse gastheren de Amesha Spentas , bevecht hij Ahriman en zijn volgelingen om de wereld te ontdoen van het kwaad, duisternis en bedrog. His symbol is the winged disc. Zijn symbool is de gevleugelde schijf.

The Amesha Spentas ("beneficent immortals"), come directly after him in the hierarchy of gods, and can be compared with archangels. De Amesha Spentas ("weldadig onsterfelijken"), komen rechtstreeks na hem in de hiërarchie van goden, en kunnen worden vergeleken met de aartsengelen. They are gods without being gods and creatures without being creatures. Ze zijn goden zonder goden en wezens zonder wezens. Together they fight for truth and justice. Samen strijden ze voor waarheid en gerechtigheid. De naam van de zeven goddelijke wezens die naar het gevolg van de hoogste god, behoren Ahura Mazda .

 

Amesha Spentas

 

De zes aspecten

Later werden deze aspecten voorgesteld als een soort engelen hiërarchie, maar volgens Zarathushtra is de wereld geschapen op de volgende principes, die onderdeel uitmaken van de Schepper en van elke creatie in de schepping.

Vohu Mano – De geest van de goed verstand
Asha – De geest van waarheid en recht
Khshatra – De geest van heilige soevereiniteit
Spenta Armaiti – De geest van onderdanige toewijding en liefde
Haurvatat – De geest van perfectie en bereidheid tot het goede
Ameretat – De geest van onsterfelijkheid

Ahura creëerde eerst Vohu Mano, waardoor hij een blauwdruk maakte voor het universum. Deel van dit plan was de software waarop de wereld zou opereren, in dit geval Asha. De daadwerkelijke fysieke scheppingactie en manifestatie is bedacht door Khshatra en uitgevoerd door Spenta Armaiti. Het universum is geschapen in perfectie (Haurvatat) en het universum is tijdloos (Ameretat)

 

Elke Amesha Spenta (Amahraspand) personifieert een kenmerk van Ahoera Mazda, alsmede een menselijke deugd. In het begin van het Zaratroesisme zijn zij geesten van het licht en kunnen worden beschouwd als goddelijke aspecten van Ahoera Mazda. Later werden zij volledig gepersonifieerd als onafhankelijke goden. ( de magiërs/priesters)

Amesha Spentas staan voor de mannelijke elementen; vuur, metalen en dieren. Vrouwelijke, Amesha Spentas, staan voor de vrouwelijke elementen; aarde, water en vegetatie. Zij zijn nooit individueel vereerd. Elke Amesha Spenta, had een speciaal karakter. Ahoera Mazda gaf zijn creaties fysieke, morele, en spirituele waarden mee, tot steun voor de overwinning van het licht over de duisternis. De Amesha Spenta’s, zijn vergelijkbaar met de Aartsengelen.

The Amesha Spentas all have one of the archfiends, the Daevas , as their eternal opponent and enemy.

Vohu Manah,  is de personificatie van wijsheid. He is the protector of the animal world and is on earth represented by beneficial animals, especially the cow. Hij is de beschermer van de dierenwereld en is op aarde vertegenwoordigd door gunstige dieren, met name van de koe. Aldus is hij verbonden met vee. Bovendien neemt hij zielen van de rechtvaardigen naar het paradijs.He takes the souls of the just to Paradise. The eleventh month is dedicated to him. De elfde maand is aan hem gewijd. His eternal opponent is the archdemon Aka Manah . Zijn eeuwige tegenstander is de archdemon Aka Manah .

 

Asha Vahishta ("excellent orde") is de verpersoonlijking van de ' waarheid', Asha Vahista beschermt de fysieke en morele orde op aarde. He is the most prominent of the (male) Amesha Spentas and the principal adversary of the world of the demons. Asha Vahista is de meest prominente van de (mannelijke) Amesha Spentas en de belangrijkste tegenstander in de wereld van de demonen. The second month is dedicated to him. De tweede maand is aan hem gewijd Zijn eeuwige tegenstanders zijn de archdemon van leugen, Drug en de archdemon van afvalligheid, Indra. “Drug”(een oude Iraanse vrouwelijke demon, de vertegenwoordiging van de leugen. Together with horny men she causes much evil. Samen met geile mannen veroorzaakt ze veel kwaad.

 

Khshathra Vairya , is de personificatie van wenselijke heerschappij en wordt geassocieerd met metaal. He is the protector of the poor even though he would rather defend royalty. Hij is de beschermer van de armen, hoewel hij liever royalty zou verdedigen. He enforces peace by using his weapons. Hij dwingt vrede met behulp van zijn wapens. His attributes are the helmet, the shield and the spear. Zijn attributen zijn de helm, het schild en de speer. The sixth month is dedicated to him. De zesde maand is aan hem gewijd. His eternal opponent is the archdemon Saurva . Zijn eeuwige tegenstander is de archdemon Saurva .

 

Armaiti , Armaiti ("weldadig devotie") Zij is de personificatie van de heilige toewijding, de dochter van de creator en vertegenwoordigt rechtvaardige gehoorzaamheid. She is associated with the earth and in that capacity she is the goddess of fertility and the dead, who are buried in the earth. Ze wordt geassocieerd met de aarde en in die hoedanigheid is zij de godin van de vruchtbaarheid en de doden, die zijn begraven in de aarde. The fifth day of every month and the twelfth month are dedicated to her. De vijfde dag van elke maand en de twaalfde maand zijn gewijd aan haar. Her eternal opponent is the archdemon of discontent, Nanghaithya . Haar eeuwige tegenstander is de archdemon van ontevredenheid, Nanghaithya. 

She is the eternal opponent of Asha vahishta .

Haurvatat ,  ("heelheid") She is the personification of perfection and is associated with life after death. Zij is de personificatie van perfectie en wordt geassocieerd met het leven na de dood. She brings prosperity and health. Ze brengt welvaart en gezondheid. The third month is dedicated to her. De derde maand is gewijd aan haar. Her eternal opponent is the archdemon of hunger, Tawrich . Haar eeuwige tegenstander is de archdemon van de honger, Tawrich . Later pronounced Hordad. Later uitgesproken Hordad.

 

Ameretat , Een van de Amesha Spentas , Ameretat  is de personificatie van onsterfelijkheid en de beschermer van de planten. The fifth month is dedicated to her. De vijfde maand is gewijd aan haar. Her eternal opponent is the archdemon of ageing, Zarich . Haar eeuwige tegenstander is de archdemon van veroudering, ZARICH

 

Sraosa ( Hij is de personificatie van gehoorzaamheid en de boodschapper van de grote god Ahura Mazda . He also guides the souls of the deceased to find their way to the after live. Hij leidt  ook de zielen van de overledenen om hun weg na dit leven te vinden. His symbolic animal is the cock, whose crowing will call the pious to their religious duties. Zijn symbolische dier is de haan, wiens kraaien de vrome zal wekken om aan hun religieuze plichten te voldoen. The seventeenth day of the month is dedicated to him. De zeventiende dag van de maand is gewijd aan hem. His eternal opponent is the archdemon Aesma Daeva . Zijn eeuwige tegenstander is de archdemon Aesma Daeva .

In traditie Zoroastrian, Sraosha is één van de drie bewakers van de Chinvat brug , de "brug van oordeel" die alle zielen van de doden moet oversteken. Although Sraosha is only one of the three divinities that pass judgement (the other two being Rashnu and Mithra ), Sraosha alone accompanies the soul on their journey across the bridge. Hoewel Sraosha is slechts één van de drie godheden (de andere twee zijn voorbij Rashnu en Mithra ), Sraosha alleen begeleidt de ziel op hun reis over de brug. Een belangrijke Spenta samen met Rashnu en Mithra,.

 

In het oude Perzische mythologie ze zijn demonen die plagen en ziekten en die elke vorm van religie te bestrijden veroorzaken. They are the male servants (or followers) of Angra Mainyu , also known as Ahriman. Zij zijn de mannelijke bedienden (of volgelingen) van Angra Mainyu , ook wel bekend als Ahriman. The female servants are called the Drugs. De Amesha Spentas hebben allemaal een vijand de “Daevas” , als hun eeuwige tegenstander en vijand. The deities of the Amesha Spentas are: Ameretat , Armaiti , Asha vahishta , Haurvatat , Khshathra vairya , Sraosa and Vohu Manah . Ze streden tegen Ahuru Mazda (Ormazd) en zijn Amesha Spentas .

Originally, the Daevas, together with the Ahuras , were a classification of gods and spirits. Oorspronkelijk waren de Daevas, samen met de Ahuras , als goden en en geesten. In later Persian religion they were degraded to a lesser kind of beings, demons. In de latere Perzische religie werden ze gedegradeerd tot een mindere soort wezens, demonen. The word 'devil' is derived from their name. Het woord 'duivel' is afgeleid van hun naam.

The seven archdemons of the Daevas are: Aesma Daeva , Aka Manah , Indra , Nanghaithya , Saurva , Tawrich and Zarich . De zeven archdemons van de Daevas zijn:

 

Aka Manah , Hij is de personificatie van sensuele wens die werd gestuurd door Ahriman om de profeet Zarathustra te verleiden (lust) . His eternal opponent is Vohu Manah . Zijn eeuwige tegenstander is Vohu Manah .

 

Indra , is een van de zeven Daevas en de personificatie van afvalligheid ( leugen). Not to be confused with the Indian god Indra . Niet te verwarren met de Indiase god Indra . His eternal opponent is Asha vahishta . Zijn eeuwige tegenstander is Asha Vahishta.

 

Saurva , is  een van de zeven belangrijkste Daevas (honger) . His eternal opponent is Khshathra vairya . Zijn eeuwige tegenstander is Khshathra Vairya .

 

Tawrich,  is de personificatie van de honger. She belongs to the Daevas , a group of demons. Ze behoort tot de Her eternal opponent is Haurvatat . Haar eeuwige tegenstander is Haurvatat.

 

Nanghaithya,  is de archdemon van ontevredenheid, eeuwige tegenstander van  Armaiti.

 

Zarich, is een van de vrouwelijke Daevas de personificatie van veroudering. Her eternal opponent is Ameretat . Haar eeuwige tegenstander is Ameretat .

 

 Aesma Daeva , is de demon van lust en woede, toorn en wraak( fury). His wrath is mainly directed towards the cow. Zijn toorn is voornamelijk gericht op de koe. He is the personification of violence, a lover of conflict and war. Hij is de personificatie van geweld, een liefhebber van conflict en oorlog. Together with the demon of death, Asto Vidatu , he chases the souls of the deceased when they rise to heaven. Samen met de demon van de dood, Asto Vidatu , jaagt hij de zielen van de overledenen als ze stijgen naar de hemel. The Jewish evil spirit Asmodeus is derived from his image. De Joodse boze geest Asmodeus is afgeleid van zijn beeld. His eternal opponent is Sraosa . Zijn eeuwige tegenstander is Sraosa .

 

Bron:Hannah MGShapero encyclopedia mythica

Hannah MGShapero

Mazdaznan internationaal
Ushtavaiti

 

 

 

 




http://www.pyracantha.com/images/mainyu.jpg

 

Spenta Mainyoes

 

Spenta Mainyoes: De zegenende geest, "De Heilige Geest Creatieve", Hij is de geest van Ahoera Mazda, ‘De lichtende de ademende’, die actief is in de wereld. Hij heeft heerschappij over de mens. Hij is de God van het leven en de gepersonifieerde licht en goedheid in de wereld en de mensen. Later werd hij geïdentificeerd met Ormazd, terwijl Ahoera Mazda (naam synoniem is met Ormazd) werd bekend als Zurvan.

 

 

 

http://www.pyracantha.com/images/vohu.jpg

 

Vohu Manoh

 

 

 

Vohoe Manó, Vohu Mano, Vohuman, goede gedachten; dieren.

Vohu Manoh: ‘goede gezindheid’, betekent: de goede gedachte, het staat voor de wijsheid en grondige kritische denken dat nodig is voor het leiden van een zinvol leven. Het is de generator van de goede gedachten, goede woorden en goede daden. Hij krijgt de vrijheid om te kiezen tussen goed en kwaad, en de verantwoordelijkheid om te profiteren van de gevolgen. Hij is het intellectuele principe, de eerste Amesha Spenta gecreëerd door Ahoera Mazda, aan wiens rechterhand hij zit.

 

 

 

 

 

 

 

http://www.pyracantha.com/images/asha.jpg

 

Asha Vahista

 

 

 

Asha Vaheshti, Asha Vahista, Ardwahisht, perfecte heiligheid, Goddelijke wet; vuur.

Asha Vahista: ‘Rechtvaardige Ordening’, betekent: waarheid en justitie, het is de Goddelijke Wet. Hij belichaamt Gerechtigdheid en vooruitgang. Het is de Universele wet van goede precisie. Elke Zoroastrian streeft ernaar om de weg van Asha in haar grootste en diepste spirituele zin te volgen. Asha is de personificatie van de ‘meest rechtvaardige waarheid’. Hij is de 2e Amesha Spenta, de meest prominente van de mannelijke Spenta’s, als de belangrijkste tegenstander van de wereld tegen Daevas.

 

 

 

 

 

 

http://www.pyracantha.com/images/kshathra.jpg

 

Kschastra Vairya

 

 

Ksétra Vairya , Kschastra Vairya, Shahrewar, (Goddelijke Koninkrijk, goed bestuur); metalen.

Kschastra Vairya: ‘Heerschappij’, betekent: De kracht van vrede. Waar zich de mens met de vrije wil als ideaal, zich in de materie vestigt. Het is de democratie in geest en lichaam, in gedachten, woorden en daden, in elke sociale activiteit. Hij staat symbool voor zelfbeheersing en de eigen verantwoordelijkheid. Het is het Koninkrijk Gods, in geest en materie.

 

 

 

 

 

 

 

http://www.pyracantha.com/images/armaiti.jpg

Spenta Armaiti

 

Spenta Armaiti,  Spandarmed, Heilige Geest, vroomheid); aarde.

Armaiti: ‘ Matigheid’ betekent: Heilige serene, devotie’, overgave, rust, stilte, vrede en welvaart. Zij is de godin van de vruchtbare aarde, de dochter van Ahoera Mazda. Zij is de 4e Spenta en personifieert de heilige toewijding en gehoorzaamheid, der rechtvaardigen perfect van geest, verkregen door nederigheid, toewijding, vertrouwen, geloof en overgave.

 

 

 

 

 

 

 

http://www.pyracantha.com/images/haurvatat.jpg

 

Haurvatat

 

 

Ha-Urvatat, Haurvata,, Hordad) (gezondheid, heelheid); water.

Haurvatat: ‘ Gezondheid’, betekent: Heelheid, integriteit, gezondheid en voltooiing. Het is de perfectionering van het proces tot de volledige voltooiing van onze materiële, spirituele evolutie. Zij personifieert zich met het perfecte levenswater. Zij beschermd de geestelijke en fysieke wateren en brengt voorspoed en gezondheid.

 

 

 

 

 

 

http://www.pyracantha.com/images/ameretat.jpg

 

Ameretat

 

 

A-Meretat, (Amurdad) planten (onsterfelijkheid); planten

Ameretat: ‘Onsterfelijkheid), betekent: samen met Hauvatat is zij het uiteindelijke doel van onze evolutionaire ontwikkeling en de uiteindelijke verwezenlijking van ons leven op aarde. Zij personifieert zich met onsterfelijkheid en de regels van de lichamelijke en geestelijke aspecten van het eeuwige leven zoals deze door de planten worden gesymboliseerd.

 

 

sraosa.jpg

 

Sra-Oscha

 

Sra-Oscha, Sraosa )Hij is de personificatie van gehoorzaamheid en de boodschapper van de grote god Ahura Mazda . He also guides the souls of the deceased to find their way to the after live. Hij leidt  ook de zielen van de overledenen om hun weg na dit leven te vinden. His symbolic animal is the cock, whose crowing will call the pious to their religious duties. Zijn symbolische dier is de haan, wiens kraaien de vrome zal wekken om aan hun religieuze plichten te voldoen. The seventeenth day of the month is dedicated to him. De zeventiende dag van de maand is gewijd aan hem. His eternal opponent is the archdemon Aesma Daeva . Zijn eeuwige tegenstander is de archdemon Aesma Daeva .

In traditie Zoroastrian, Sraosha is één van de drie bewakers van de Chinvat brug , de "brug van oordeel" die alle zielen van de doden moet oversteken. Although Sraosha is only one of the three divinities that pass judgement (the other two being Rashnu and Mithra ), Sraosha alone accompanies the soul on their journey across the bridge. Hoewel Sraosha is slechts één van de drie godheden (de andere twee zijn voorbij Rashnu en Mithra ), Sraosha alleen begeleidt de ziel op hun reis over de brug. Een belangrijke Spenta samen met Rashnu en Mithra. According to tradition, at the end of one's earthly life Mithra, Sraosha and Rashnu, will judge all good (or bad!) Thoughts, Words and Deeds. Sroasha takes her share by judging our Words and Feelings. Volgens de traditie, aan het einde van iemands aardse leven Mithra, Sraosha en Rashnu, zal oordelen alles goed (of slecht!) Gedachten, woorden en daden. Sroasha neemt haar aandeel door het beoordelen van onze woorden en gevoelens.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

zarathoestraadelaar.jpg

Fravashis

 

 

Fravashis

Ook bekend als Arda Fravash, ( de Heilige Aartsengelen) Ieder mens wordt begeleid door een beschermengel, deze fungeert als een gids voor de gehele levensduur. Oorspronkelijk bewaakten zij de grenzen van de wallen van de hemel, maar zijn vrijwillig naar de aarde gedaald om de mens op hun pad tot het eind der dagen te begeleiden. Ahoera Mazda, adviseert Zarathoestra de Fravashis aan te roepen wanneer er onder zijn leiding en zorg voor mens en dier deze in gevaar verkeerde, omdat de boze Druj ze allemaal zou willen vernietigd. De Fravashis dienen ook als ideaal die de ziel heeft om te streven naar eenheid. Ze staat voor de energie van God, en het behoud van orde in de schepping.

 

Faravahar

 

 

 

 

 

 

 

http://wh40k.lexicanum.com/mediawiki/images/d/da/Ahriman2.jpg

Angro mainyoes

 

Ook Ahriman schiep intussen zijn nachtgestalten uit de duisternis voor de strijd in de tweede 3000 jaar. Dit waren de ondeugden: de twijfel, de haat, de heerszucht, de ontevredenheid, de oppervlakkigheid, en vatbaarheid voor beïnvloeding, het vernietigende denken en tenslotte de ongehoorzaamheid en de ontrouw.

 

Angro Mainyoes;

De nadeel brengende geest, duisternis en onwetendheid

Akomano;

( Akoman) de twijfel

Andra;

( Andar) de haat

Saoerna;

( Sovar) de heerszucht

Raikays;

( Nakahed) de ontevredenheid

Pairika;

( Taireo) de oppervlakkigheid en vatbaarheid voor beïnvloeding

Zairika;

( Zairik) het vernietigende denken

En tenslotte de ongehoorzaamheid en de ontrouw.

 

Ahriman

Het was in de eerste fase van 3000 jaar dat de geest van Ahriman in beweging kwam en ontwaakte, en toen hij het Licht zag, werd hij zo van verwondering vervuld dat hij uit het duisternis van de afgrond oprees om het te bereiken. Maar omdat het hem aan wijsheid ontbrak faalde hij en vluchtte terug in het Duister, verward en maar vastbesloten om als hij het niet kon krijgen, demonen te verwekken om alle voortbrengselen van de schepper aan te vallen, te schaden en te vernietigen. Daarop verzocht de alwetende Ahoera Mazda Lichtgedachte hem dringend ervan af te zien, en met het oog op de onvermijdelijke overwinning van de positieve krachten van de geest, zichzelf en zijn aanstaande schepselen groot leed te besparen door zich vanaf het begin bij de krachten van het goede aan te sluiten. Maar Ahriman, verblindt door zijn eigen beperkte denken, weigerde absoluut zich bij de rechtvaardigen aan te sluiten of ze ooit bij te staan. Deze weigering betekende het begin van eeuwen van strijd, die niet alleen de stabiliteit van de zichtbare en de onzichtbare werelden ondermijnden, maar ook indirect de scheppingen van Ahoera Mazda zo in kracht deed toenemen, dat ze in de laatste fase van de werelden in staat zouden zijn de demonische krachten te bedwingen.

 

Spenta Mainyu – Angra Mainyu

Deze "tweeling" zijn de twee grote oorzaken in het heelal, ze zijn overal vertegenwoordig. Zowel in Ahura Mazda als in de mens. Ze worden als de twee polen van Ahura Mazda, Spenta Mainyu " de zegenende geest", en Angra-Mainyu "de nadeelbrengende geest", genoemd. Deze twee geesten zijn volgens de Yasna inherent aan Ahura Mazda’s natuur. Deze twee zijn even onafscheidelijk als dag en nacht, en onmisbaar voor de in standhouding van de schepping. De zegenende geest openbaart zich in het brandende vuur, de nadeelbrengende geest in houtskool. De eerst schiep het licht van de dag, de ander de duisternis van de nacht; de eerste herinnert de mens aan zijn plicht, de tweede wiegt hem in slaap.

 

De strijd tussen Spenta-Mainyu en Angra Mainyu, goed en kwaad, tot aan de laatste worsteling, waarin het goede de volledige overwinning zal behalen over het kwade, waarin de twee een worden. Eens zal de strijd een einde nemen, en het slechte zal vergaan omdat het te lang het goede in de ogen heeft geblikt. Laten we de leugen overleveren aan de waarheid.

Angra-Mainyu zal in de wereld Spenta-Mainyu blijven bestrijden tot aan het tijdstip dat de wereld grondig veranderd wordt, het ogenblik waarop de mensheid voldoende is ontwaakt om in te zien, dat eigen verkeerde keuze haar ondergang is. Dan zullen leugen, geweld, honger, dorst volkomen vernietigd worden. Niets zal aan de dood en vernietiging onderworpen blijven en de wereld zal worden opgeheven tot een hoger plan, waarin goed noch kwaad meer zal worden gekend, waarin Ahura Mazda alles zal zijn in allen.

 

In het 2e hoofdstuk van de Bundehesh, wordt de ordening van de gesternte en van de tijden behandeld; de helpers bevinden zich in het Rijk van het Licht en volgen de wet van de vrije wil van de individuele mens. De individualiteit heeft als voorbeeld het ‘evenbeeld van God’ , ofwel het "ontwerp" van de in jeugdige schoonheid stralende gestalte, waar mee de Godheid zich wil belichamen. Maar het blijft aan de vrije wil van de individualiteit overgelaten of hij bij de opbouw van zijn cellenstaat de duistere geesten van de materie of de lichtende geesten van het intelligentiewezen te hulp zal roepen. In het eerste geval schept Ahriman, met zijn daeva’s gedachteloos zieke, lelijke stinkende schepselen, die ver van de ideale goddelijke gestalte af staan. In het andere geval schept Ahoera Mazda met zijn Spenta’s de volmaakte lichtgestalten, die met Gods evenbeeld in het hart overeen komen, die daarom vrij zijn van elke beïnvloeding van de kant van de daeva’s van Ahriman, en die het eeuwige leven bereiken en in het heelal een zodanige positie innemen, dat zij een lichtpunt vormen bij het verder verbeteren van de schepping, overeenkomstig het plan en de orde van de Almachtige.

 

Op de volmaakte en reine mens heeft het duister in de eerste 3000 jaar geen macht. De lagere eigenschappen van de materie, de onderste treden van de ontwikkeling in de stof blijven de eerste 3000 jaar machteloos. Pas als de periode van de spirituele ontwikkeling ingaat, tonen zich de lagere opwellingen. De mens ontwikkelt zich een bewustzijn! Een eigen wil!

 

De reine Gayomard

Het 3e hoofdstuk van de Bundehesh, behandelt de val van de reine mens en de gevolgen daarvan voor de aarde. Over de reine Gayomard, ofwel de volmaakte mens.

De val van de reine mens, de reine Gayomard vergiftigd zich in de onreine wateren van de hartstocht, de boze Yahi krijgt de overhand. Toen Gayomard niet meer creatief kon zijn, niets meer schiep en "de aarde niet meer bebouwde" kreeg Angro mainyoes, de lagere ontwikkelingstoestand, macht; die verontreinigde de atmosfeer, het regenwater, de wateren op aarde, de planten, de dieren, en de mensen, zodat schadelijke schepselen, parasieten en bacteriën, overal te vinden waren. Hiermee was de strijd tussen het Licht en de duisternis ten volle ontbrandt.

 

In het 4e hoofdstuk van de Budehesh, wordt de mogelijkheid van de opstanding na de val behandeld. Het ingeboren rund, met andere woorden de natuurlijke krachten van edele organen in de bekkenholte zijn verlamd, zodat de rechterhand van het handelen niet kan worden gebruikt. De intelligenties van het lichaam verliezen de verbinding met de linkerzijde, de kant van het hart, zodat de subjectieve kant van de mens, speciaal de zielstoestand in het gevallen lichaam zijn macht niet meer kan tonen. De ziel komt daarom haar leed klagen bij Ahoera Mazda en deze verwijst haar naar Zarathoestra, die op aarde zal verschijnen en de mensen zal leren, hoe zij uit hun gevallen toestand kunnen opstaan en weer in de toestand van ‘wedergeboorte’ kunnen terugkeren.

 

Het 18e hoofdstuk van de Bundahesh, is speciaal aan de werdergeboorte gewijd. De levensboom, Gaokerena, die de levenssappen, het Haoma, voortbrengt, rijst op uit de zee, uit de klieren van de wedergeboorte, dsoor de romp van het lichaam omhoog en schept het zaad, de geneeskrachten, die de gebreken welke zich over het lichaam hadden verspreid, weer kunnen herstellen. Onder de levensboom bevindt zich de berg, die de zeven streken van de aarde, de zeven orgaangebieden, van water voorzien, zodat deze hun eigenlijke functie kunnen gaan uitoefenen.

 

Volgens het 31e hoofdstuk van de Bundehesh, zal de op aarde optredende Verlosser, de mensen leren zich door zelfbedwang in de voeding en door vasten te reinigen en hun duidelijk maken, dat met de hulp van Heer God Mazda, die de mens en alle andere wezens heeft geschapen, iedereen zich ook weer zelf kan redden en verlossen, en wel met behulp van de levenssappen, de ‘wateren des levens, het ‘Haoma’, en de adem. Zoals in de mens de reiniging van dat ene wedergeboorte-orgaan uitgaat, daarna op de overige organen overslaat en tenslotte elke aparte cel bereikt, zo zal ook bij de wedergeboorte van een heel mensenras eerst een Reine, een Saoshyant, een Messias, een Heiland, een Chrystos optreden; daarna volgen de getrouwen en ten slotte worden alle mensen bereikt om in die toestand van wedergeboorte binnen te treden.

 

Na deze opstanding van de mensheid breekt de tijd van het grote vredesrijk aan. De hartstocht wordt geblust en iedereen gebruikt zijn levenssappen voor de opbouw van zijn lichaam, de tempel Gods. Ieder ziet dan in het andere geslacht alleen de vader of de moeder, de broeder of de zuster, de zoon of de dochter. Alle onderscheid tussen partijen en klassen heeft dan opgehouden te bestaan.

De laatste beslissende strijd, moet dan door degenen die het helderste denkvermogen hebben, door de scheppend denkenden, de uitvindersgeesten worden uitgevochten tegen de lagere naturen van het kwaad, die alleen maar vernietiging van de vooruitgang en van de volmaaktheid najagen, totdat Ahoera Mazda, de Godsgedachte en de Saoshyant, de Heiland, de vernietigingsidee van

Angro mainyoes en zijn helpers, de draak, de slang, volkomen bedwingen en aan het louteringsvuur overgeven, zodat ook zij worden verlost en in het licht opgaan.

 

Ahoera Mazda was weliswaar de Enige die de schepping heeft opgebouwd, maar Hij heeft de uitbouw en de ontwikkeling aan de mensen overgedragen; de mens die temidden van alle schepselen het laatst verscheen in zijn aardse vorm en verkregen bewustzijn. Daarom is het de hoogste plicht van de mens aan zijn eigen ontwikkeling te werken en zijn medeschepselen en de aarde bij hun ontwikkeling behulpzaam te zijn. Wie zijn plicht verzuimt, zelfs als hij niet direct tegen het licht, tegen de godsgedachte strijd voert, hoort thuis in het lage, duistere, onnadenkende, bewustzijnsloze rijk van Angro Mainyoes, en dan moet hij steeds weer onuitsprekelijk leed ondervinden, net zolang totdat hij is gelouterd.

 

Koning Yima verzamelde in zijn sneeuwburcht (Vara = ruimte in de tijd van de Zondvloed. Vara is de ruimte voor het opslaan van de ingrediënten van alle religies. In de nieuwe Darego Khadat, worden ze gebruikt voor het maken van nieuwe klassen van de mensheid) In zijn naaste zuivere omgeving de edelste, beste en schoonste mannen en vrouwen, en onderwees hen in de leringen, die Zarathoestra later ook zou verbreiden en zo effende hij voor hen de weg naar een hogere ontwikkeling.

 

De schepping van de aarde

Terwijl Ahriman in verwarring achterbleef, bracht de verheven meester Ahura, uit zichzelf de zes onsterfelijke ‘Amesha Spenta’s’ voort, als aspecten van zijn stralende pracht. Die samen met Hem de geestelijke, de stellaire en aardse werelden ordenden, steunden, zegenden en beschermden, met al hun ontelbare bewoners, die elk een Goddelijke intelligentie bezaten, een intelligente geest-ziel en een lichaam, en die elk werden gesterkt door een vlam van het Vuur van Ahura Mazda. De Godsvonk in ons allen aanwezig.

 

In zeven scheppingen brachten de Amesha Spenta’s, samen met de nodige geestelijke ‘Fravashi’s (alle geestelijke zielen die daarbij betrokken waren) het volgende tot stand. 1e de grote kristallijnen hemel, waarvan de geest een intelligentie is die denkt en spreekt, handelt en zonen voortbrengt en menigte. De zon, maan sterren en de twaalf tekens van de dierenriem die, onder toezicht van hun leiders in het noorden, oosten, zuiden en westen en van de verhevene in het centrum van de hemel, een groot en verenigd leger vormen, dat de Vernietiger overwint en hun gebieden tegen het kwaad beschermt. (Met deze ‘leiders’ wordt bedoeld: Ursa Major, Sirius, Fomalhaut en Antares, met Regulus in het midden) De gezegende Amesha Spenta’s stelden ook de banen vast van deze sterren, van de eeuwigdurende lichten en van de wind en wolken, die vroeger allen onbeweeglijk op dezelfde plaats stonden.

Vervolgens 2e vormden zij de heldere wateren, waarvan alle wezens voor hun leven en welzijn afhankelijk zijn en die er voordien hoewel ze waren geschapen, zich niet bewogen, maar nu vrij voort stroomden. Uit het midden van deze wateren 3e vormden ze de aarde met haar rivieren en oceanen, haar continenten en overvloed aan mineralen en 4e geurige vegetatie die 5e de goedaardige dieren voedt. Het volgende rijk dat werd geschapen en dat vele soorten bevatten dat, er één soort mocht verdwijnen, andere zouden overblijven. Toen vormden ze 6e de mensheid, de lagere wereld die de Hogere weerspiegelt

En tenslotte brachten ze 7e het vuur voort, een straal van het eeuwigdurende Licht van Ahura.

De lagere wereld die de hogere wereld weerspiegeld

 

Hoe kunnen wij ons dit voorstellen? De lager wereld die de Hogere weerspiegeld ? Eigenlijk zou je kunnen zeggen zo boven zo ook beneden. De macro kosmos zo ook de microkosmos. Of zoals Jezus Christus uitdrukte: de Vader en ik zijn één. Alles wat wij als Hoger inschatten is ook in ons aanwezig. Ja het Goddelijke is ook in ons aanwezig, zo ook de lagere toestand in ons, die wij naar verluit trachten moeten te overwinnen. De mogelijkheden daartoe zitten in ons besloten de sleutels hiervoor zijn voorhanden, men moet er enkel voor openstaan om de oplossingen aangereikt te krijgen. Want alles is aanwezig om ons heen zichtbaar als onzichtbaar. Het pad er naar toe, daar worden wij geleid, enkel alleen wanneer wij de Goddelijke leiding in ons toestaan, dan zal deze zich in ons openbaren. Het blijft een wonderlijk gegeven, maar eigenlijk ook niet want leven is altijd om ons aanwezig van al wat leeft en ooit geleefd heeft. Het is magisch de natuur is magisch er moet wel een grote magie uitgaan van de creator God, en wij zijn er evenzo toe in staat. Alleen zijn er sleutels en is niet iedereen zo maar in staat er van gebruik te maken.

 

De mazdeisme leringen

De Mazdeisme leringen vertellen ons dat de aarde oorspronkelijk een platte schijf was waaruit bergen groeiden. De Iraanse berg Alburz, ‘Hara’ of Harburz was de eerste berg ter wereld. Deze deed er 800 jaar over om met zijn wortels diep in de bodem te geraken en om met zijn top in de hemel te komen. De aarde zo verteld men ons, is samengesteld uit zeven op zichzelf staande karshvars (gebieden, aarden of werelden), elk van de ander gescheiden door oceanen, zodat het niet mogelijk is van het ene gebied naar het andere te gaan, zonder de leiding en het licht van de Yazats (hemel geesten) (Zand-akasih, blz 91)

Verder plaatsen ze de karshvar Arezahi in het westen, Sahavi in het oosten, Fradadhafshu in het zuidwesten, Vidadhafshu in het Zuidoosten, Vourubaresti in het noordwesten, Vourugaresti in het noordoosten en Hvaniratha, de enige karshvar die (op het ogenblik) door mensen bewoond wordt, in het centrum.

 

H.P.Blavatsky zegt van deze laatste karshvar dat ze zich niet in het midden bevindt alsof ze is omringd door concentrische cirkels of door een keten bollen, maar dat ze de onderste is in een keten met zes andere aardbollen, die rondom, boven, onze bol zijn gegroepeerd. Zij staaft deze mening met een citaat uit de Vendidad, die onze aarde beschrijft als imat ‘dit’ en de zes andere karshvars als avat ‘dat ’.

Deze zes hogere aardbollen behoren naar mijn mening tot de verschillende bewustzijnstoestanden van de mens en zijn niet waarneembaar voor onze fysieke zintuigen. Het zijn volgens de Mazdeïsten continenten, zeeën, bergen en rassen met evoluerende wezens. Alleen uit de mensdragende aarde stijgt de Berg Hara ten hemel, met zijn wortels diep in de grond geboord om zo ongezien alles wat tot zij keten behoort, te verbinden en te voeden. Aan de top van de berg is de Chinvat Brug des Oordeels vastgehecht, waar de zielen overheen gaan, wanneer zij van hun aardse lichaam bevrijd zijn. En hun eindeloze reis voortzetten door gebieden van gelukzaligheid, loutering overeenkomstig hun goede werken in gedachte woord en daad. Of naar de hel Overeenkomstig hun slechte doelen.

 

De sterren, de maan en de zon cirkelen rond de top van de Hara, vanwaar zowel licht als het leven brengende water op de aarde neerstromen. De zon verschijnt om eerst de drie werelden en de helft van de vierde in het westen te verwarmen, te verlichten en daglicht te brengen, om ze daarna in duister achter te laten en de drie en een halve aan de oostkant van de top te verlichten. Al die tijd stromen de ‘wateren’ voortdurend in een wonderlijke spiraalvormen beweging door en om de zeven karshvars. De Vendidad beschrijft hoe deze kosmische wateren en lichten periodiek opnieuw verschijnen vanuit de top van de Berg Hara, zich in de zee Vourukasha storten en vandaar als twee machtige rivieren verder stromen, één naar het oosten en één naar het westen. Deze cirkelen om de aarde en worden gezuiverd, om daarna eerst terug te keren naar de Vourukasha-zee en dan naar de top van de berg, om opnieuw af te dalen en weer op te stijgen in een eeuwige beweging. …opstijgend en neerdalend, langs de luchtwegen omhoog en neer naar de aarde en langs de luchtwegen omhoog: Stijg dan op en wentel voort! U in wiens opgang en groei Ahura Mazda alles maakt wat groeit.

Op! Stijg op jullie machtige sterren, die het zaad van de wateren in je dragen:

Rijs op boven Hara Berezaiti, en breng licht voort voor de wereld en moge u

(O mens!) daar oprijzen, langs het pad door Mazda gemaakt, langs de weg door de goden gemaakt, de waterweg die zij openden.

Vendidad, Farg.XXI, iiic

www.universelevrede.nl
Auteur: Antoinette Meesters

 

 

 

 

 

 

evolutieplanetair.jpg

 

 

De zeven ontwikkelingsfasen van mens en aarde

Rudolf steiner

Deze eerste fase, van een levend wereldwezen wordt bij naam door Rudolf de Saturnus-toestand genoemd. Dit nevelachtige wereldlichaam bestond uit warmte, een levens warmte lichaam.

Dit warme wereld-wezen begon af te koelen en er ontstond lucht: Wanneer we een vaste stof steeds verder verhitten, ontstaat gas. Maar wanneer iets wat nog geen stof is afkoelt, dan wordt er eerst lucht gevormd. Dus wat zich als het tweede wereld-lichaam heeft gevormd daarin bestaat alles als luchtvormig. wordt aangemerkt als de Zonne-toestand. Onze huidige zon ziet er niet zo uit, maar is de toestand van het wereldlichaam in deze 2e fase. De 3e fase van de ontwikkeling van het wereldwezen wordt de maan-toestand genoemd. In deze fase wordt water toegevoegd, zodat mens dier en plantenwereld zich kunnen ontwikkelen. Tijdens de 4e fase van het wereldlichaam is deze zozeer afgekoeld dat er een mineraalwereld ontstaat. Mens, dier, planten en mineraal zijn nu aanwezig. De Oude aarde-fase.

Wanneer we de hele ontwikkelingsweg van de aarde en mensheid beschouwen, dan zien we dat tijdens de Saturnus-toestand de kiem gelegd word voor het fysieke lichaam, dat er natuurlijk heel anders uitzag dan ons huidige lichaam. Dit lichaam kon alleen leven wanneer het doordrongen werd van het etherlichaam, dat zich tijdens de 2e fase de Zonne-toestand ontwikkelt. Tijdens deze fase is er een eigen etherlichaam in de Oude Aarde-toestand kan het IK, het eigen bewustzijn van de mens zich ontwikkelen, zodat het hogere geestelijk wezen zich kon vermengen met het lagere menselijk etherlichaam.

 

Zo komen we dus tot het diepere begrip van de hedendaagse mens en kunnen we beter begrijpen wat er in de Christelijke esoterie van aanvang af onderwezen is. En wel dat er een goddelijke natuur in ieder van ons aanwezig is.

We zien dat de mens bestaat uit vier wezens delen uit: een fysieklichaam, een etherlichaam, een astraallichaam en een IK. Deze hebben zich kunnen ontwikkelen tijdens de 4 fases; de Saturnusfase, de Zonnefase, de Oude Maanfase en de Oude Aardefase, voordat deze Aarde zoals wij die kennen Aarde werd. Wanneer we het fysieklichaam voor ons zien en het met onze handen kunnen aanraken, is het goed te weten dat dit lichaam een lange ontwikkelingsgang achter zich heeft liggen, gedurende de gehele aarde-mensontwikkeling.

Want ook onze aarde heeft voorgaande bestaansvormen gekend, en is evenals ons mensen van incarnatie tot incarnatie voortgeschreden, en heeft vele aardlevens doorgemaakt. Alles in ons universum wat leeft en heeft geleefd is onderworpen aan de wet van herbelichaming.

Tijdens de saturnusfase was het fysieklichaam nog wat automatisch, op het moment dat het fysieklichaam doordrongen werd door het etherlichaam tijdens de Zonn-fase werd het fysieklichaam levendiger en gaf het etherlichaam aan het fysiek lichaam een andere vorm. Op de oude maan kwam in deze samenhang nog het astraallichaam erbij, zodat het fysieklichaam wederom omgevormd werd. Zo kreeg het fysieklichaam voor de 3e maal, een andere vorm. Tenslotte kwam daar op de aarde het IK bij, en dit vormde het fysieke lichaam ten 4e male om. Op deze wijze is onze tegenwoordige mens ontstaan.

 

Voor de duidelijkheid nog eens: wanneer we de hele ontwikkelingsweg van de mensheid beschouwen dan zien we dat: Op saturnus alleen het fysieke lichaam van de mens bestond; er bestond nog geen etherlichaam en geen astraallichaam en geen ik, in dit fysieke lichaam. Maar dit fysieke lichaam kon niet uit zichzelf bestaan, dit lichaam kon alleen leven doordat het doordrongen werd van het etherlichaam. Het astraallichaam werd gevormd tijdens de Oude Maanfase en het IK ontwikkelde zich in de Aarde-fase Deze ontwikkeling van de vier wezensdelen van de mens werd geleid door hogere geestelijke wezens zij woonden als eersten in dit fysieke lichaam. Tijdens de zonnefase is er een eigen etherlichaam in elk stoffelijk lichaam binnengedrongen zodat het hogere geestelijke wezen zich vermengde met het lagere menselijke etherlichaam. Zo komen we dus tot het diepere begrip van de hedendaagse mens en kunnen we beter begrijpen wat er in de Christelijke esoterie van aanvang af onderwezen is. En wel dat er een goddelijke natuur in ieder van ons aanwezig is

Deze Christelijke esoterie werd altijd al geleerd en beschermd naast de uiterlijke exoterische Christelijke leer. De apostel Paulus gebruikte deze leer echter ook om aan de volkeren het Christendom te verkondigen, terwijl hij te zelve tijd ook een esoterische school stichtte, waaraan Dionysos Areopagita leiding gaf. ( In de bijbel wordt deze genoemd, Apostelen 17:34 ) In deze Christelijke esoterische school in Athene, werd de zuiverste geesteswetenschap onderricht. Wat daar werd onderwezen kunnen we nu beter begrijpen, omdat we door voorgaande beschouwingen enige inzichten hebben verkregen.

 

In de Christelijke esoterische scholen werd gesteld dat wanneer je de mens in waak toestand beziet, dan bestaat deze uit een fysieklichaam, etherlichaam, astraallichaam en IK. Nu kunnen er ook andere woorden gebruikt worden, dan wat hier nu staat, dat maakt verders niets uit. 

 

We komen het heilige getal 7 tegen in het volgende:

Hierboven herkennen we een samenhang met wat Rudolf Steiner vermeldt in zijn 4 stadia van ontwikkeling fases van de aarde en de mens. De Saturnus fase, was het fysieke lichaam nog wat automatisch een geestelijke toestand. Tijdens de Zonne fase (vuur) werd het lichaam beweeglijker en gaf het ether lichaam aan het fysieke lichaam een andere vorm. Tijdens de Oude Maan fase, wordt water toegevoegd, zodat mens dier en plant zich kunnen ontwikkelen. En krijgt de mens zijn astraallichaam. De Oude Aarde fase de minerale, waar de mens in staat is zijn IK het hoger Zelf te ontwikkelen. Dit vormt het fysieke lichaam ten 4e male om. Op deze wijze is de tegenwoordige mens ontstaan.

Dit zijn vier aarde fases van ontwikkeling daarbij toegevoegd en eigenlijk als eerste evolutionaire toestand benoemd zou moeten zijn omdat deze ontwikkeling vooraf gaat aan alle ontwikkelingen is de Ene toestand. Het Goddelijke dat afdaalt in de materie, het Oneindige Het Goddelijke de Vader, de uitvoerende kracht de voortbrenger, de Moeder, en de verbinder, de Zoon, die het Goddelijke met de Aardse krachten verbind. Hier zien we de drie-eenheid verbonden met de vier aarde ontwikkelingen. Samen 7 fasen.

 

De Mazdaznan familie

In het symbool van het huis van de Mazdaznan familie, zie je een vierkant met daarboven een driehoek.

Het vierkant stelt het materiële voor, de ruimte waarbinnen wij op deze aarde onze gaven en talenten, inzichten kunnen ontwikkelen om zodoende het driehoek te betreden van verlicht zijn, om eenheid te ervaren en uiteindelijk de versmelting met het Goddelijke.

Je zou het ook zo kunnen voorstellen:

Aarde en mens dalen vanuit de geestelijke werelden af in de materie.

Waarbij je jezelf ook zou kunnen voorstellen dat wij ook weer opstijgen uit de materie, maar deze laatste houden we even opzij. Wat steeds weer naar voren treedt is dat wij allen wezens zijn verbonden aan de aarde maar ook verbonden zijn met het Goddelijk Koninkrijk. In ons zijn Goddelijke krachten steeds weer in beweging om ons te doen ontwaken voor deze realiteit.

De zevenarmige kandelaar

Ook in de mazdeïsche leringen neemt de Avesta dienst een belangrijke plaats in. Waar wederom het getal 7 een bijzondere plaats inneemt en aansluit op het voorafgaande. Tijdens de dienst worden 7 kaarsen ontstoken. De 7 armige kandelaar staat tijdens de dienst op het altaar iedere kaars wordt wordt als volgt ontstoken. Iedere kaars staat voor een Amesha Spenta, ze zij te vergelijken met de aartsengelen en zijn de boden van God. De Spenta’s zijn aspecten van God’s optreden in de schepping, die zich als zelfstandige machten manifesteren. Tegelijkertijd zijn het elementen van de menselijke psyche en tevens geboden met betrekking tot onze wijze van leven en mogelijkheden om volgens die geboden te leven. de sleutels zijn een afspiegeling hiervan. De volgende Spenta’s staan voor:

De 1e kaars: Vohoe Manó; Bode van de eeuwige intelligentie. / De geest van de goed verstand.

De 2e kaars: Asha Vaheshti; Drager van evenwicht en orde in de kosmos. / De geest van waarheid en recht.

De 3e kaars: Ksétra Vairya; Heerser in het Rijk Gods, verborgen in de gehele schepping. / De geest van heilige soevereiniteit.

De 4e kaars: Ha-Urvatat; Drager van kosmische energie, dat zich in al het levende manifesteerd. / De geest van perfectie en bereidheid tot het goede.

De 5e kaars: Spenta Armaiti; Gods manifestatie in de kosmische materie. / De geest van onderdanige toewijding en liefde.

De 6e kaars: A-Meretat; Gods manifestatie van onsterfelijkheid, in als zijn aspect als grenzeloosheid, oneindigheid en eeuwigheid, van planten en een lange levensduur. /  De geest van onsterfelijkheid.

De 7e kaars: Sra-Oscha. Beschermer van de aarde tijdens de uren van de duisternis. An aspect of Ahura Mazda, obedience'; Een aspect van Ahura Mazda, gehoorzaamheid

1

2             3

4                            5

6                                             7

 

 

 

Chakra’s

In deze ontwikking herkennen wij ook in de 7 chakra’s van het menselijk lichaam de elementaire energiecentra die zich in het subtiele lichaam van de mens bevinden. Elke chakra representeert een eigen dimensie en het totaal van de chakra’s wordt gevormd door een verticale kolom in onze lichamen. Energiecentra die in verbinding staan met het Goddelijke.

Je zou kunnen zeggen dat deze centra ervoor zorgen dat psychische energie van de maker ervan het zuivere bewustzijn (God), godheid, de oerkracht, de goddelijke geest enz. naar de gebruiker, het mentale en fysieke lichaam hier op aarde wordt getransporteerd. Je zou de chakra’s als belangrijke plaatsen op onze reis kunnen voorstellen, elk verantwoordelijk voor de gedachten woorden en daden die wij produceren. Voordat we verder kunnen reizen.

Chakra’s worden ook wel lotusbloemen genoemd. Uit de modder omhoog komend symboliseert hij de ontwikkeling van het primitieve bewustzijn het aardse bewustzijn tot de volledig ontwaakte geest.

 

De aard gebonden chakra’s zijn;

Chakra 7, kruin/gedachte geest chakra. Hoogste volmaaktheid en in eenheid met de hogere goddelijke wereld. Wanneer niet ontwikkeld; Geen enkel begrip voor al het buiten hem liggende geestelijk-spirituele.

Chakra 6, voorhoofd/licht chakra. Geestelijk inzicht, intuïtie, concentratie, geestelijke uitstraling, fijnzinnigheid. Wanneer niet ontwikkeld; Laatdunkendheid, topzwaarte, aanmatiging, intellectualisme.

Chakra 5, keel/ether chakra. Opening voor de individuele verwezenlijking van de volmaaktheid, scheppende taal, ruimte. Wanneer niet ontwikkeld; Geestelijk-spirituele beperktheid, vasthouden aan het aardse, starheid, engte.

Chakra 4, hart/lucht chakra. Onzelfzuchtige liefde, leven vanuit het hart. Wanneer niet ontwikkeld; harteloos, onverschillig.

Chakra 3 , Solar plexus/vuur chakra. Innerlijke harmonie, vrede. Wanneer niet ontwikkeld; Disharmonie, onrust, stoornissen in lichaam en ziel.

Chakra 2, onderbuik/water chakra.Zuivere levenskracht, activiteiten. Wanneer niet ontwikkeld; Animale begeerte, doordrijven van de eigen wil.

Chakra 1, de wortel/aarde chakra.innerlijke kracht met zich zelf in het reine zijn. Wanneer niet ontwikkeld; machtshonger.

Op het fysieke vlak corresponderen de chakra’s met zenuwknopen, waar de activiteit van de zenuwen sterk geconcentreerd is, en met de endocriene klieren. Hoewel de chakra’s in wisselwerking staan met het zenuwstelsel en de endocriene klieren, mag je ze niet opvatten als onderdelen van het fysieke lichaam. Desondanks is hun inwerking op het fysieke lichaam bijzonder krachtig.

 

Invloeden van de chakra’s op het organische klierstelsel:

7) kruin-centrum; Pijnappelklier (epifyse)

6) voorhoofd-centrum; Hersenaanhangselklier(hypofyse)

5) keel-centrum; Schildklier en bijschildklier.

4) Hart-centrum; Thymus (zwezerik)

3) Navel-centrum; Zonnevlecht, buik speekselklier (maag)

2) Sacraal-centrum; Bijnieren

1) Wortel-centrum; geslachtsklieren van man (teelballen) en vrouw (eierstokken: follikelhormoon)

De drie funkties van de chakra’s zijn:

1 Organen voor het opnemen of ontvangen van de kosmische of goddelijke energie, dat het stoffelijke lichaam binnenstroomt in de vorm van de individuele levensenergie of levenskracht.

2 Organen voor het afgeven en verdelen van de energie; ze sturen en harmoniseren de energiestroom in de verschillende lichaamsdelen en organen.

3 Organen die bij de hoogontwikkelde mens zorgen voor het uitzenden van de spirituele trillingen naar andere wezens en de wereld in. Deze energie kan als het ware opgenomen worden om ze als het ware als een kanaal verder te leiden, of ze kunnen door persoonlijke ontwikkeling verkregen zijn.

Daar ziel-geest en niet zijn lichaam het wezen van de mens is, vormen de chakra’s de hen toegevoegde lichamelijke stuurorganen: de endocriene klieren. Dat zijn niet de uiteindelijke stuurmechanismen,deze worden aangestuurd door geesthouding en denkwijze. Kan de energie op dat punt niet vrij en ongehinderd stromen, dan is de werking van de klieren gestoord en lichamelijk of geestelijke ziekte is het gevolg.

 

Mazdaznan Klierkunde

Hier citeer ik Mr. Cornelis Sypkens en Stephanie Sypkens – van Andel:

In de eerste jaren van onze eeuw, toen dr.O.Z.A.Ha’nish zijn woonplaats van El-Kharman in het Midden-Oosten naar Chicago verlegde, leerde hij zijn leerlingen onder meer de oefeningen voor de endocriene klieren te doen. In 1924, toen ondergetekenden met hem kennis maakten, leerden ook zij iets van allerlei oefeningen, waarmee zij hun gezondheid, hun inzicht en hun begrip konden verbeteren. Van de liefde en de wijsheid, waar mee de lessen werden gegeven en van de offers die Dr.Ha’nish zich op lichamelijk gebied moest getroostten, had in die tijd vrijwel niemand enig begrip. Dat kwam pas later 10, 20, 30 jaar na zijn overlijden op hoge leeftijd in 1936. Het duurde jaren voor de oefeningen begonnen door te werken.

Dr.Ha’nish had van de staat California, toen hij zich in Los Angeles had gevestigd, het recht gekregen een school te stichten en Doctortitels te verlenen. Op 23 mei 1926, gaf hij aan ondergetekende de titel van Doctor in de Mazdaznan Wetenschap en Doctor in de Panopraktiek, toen hij had voldaan aan de eisen van het Medisch Departement van de Mazdaznan school, het geen hem het recht gaf aan zijn naam de titels M.D., Sc. D. toe te voegen. In Canada werden jaren geleden al oefeningen voor de endocriene klieren in ziekenhuizen gedaan; Mazdaznan artsen passen ze in hun sanatoria toe, leerkrachten onderwijzen ze in hun scholen. Mazdaznan leraren verzamelen hun leerlingen in cursussen en zo geven ondergetekenden met vreugde een tak van de Mazdaznan boodschap verder in dit boek, dat zijn tijd nu nog ver vooruit is. Amsterdam, 1 januari 1975. Mr.C.Sypkens en Mevr. S.Sypkens van Andel.

Boek: Mazdaznan Klierkunde

 

Mazdaznan bevordert de onafgebroken uitbreiding van de denkmogelijkheid, de verhoging van de levendigheid en de vibratie van de hersencellen door handelingen die men zelf in de hand heeft, namelijk de functies van de endocriene klieren te verlevendigen en in hoger trilling te brengen, ten gevolge waarvan de denkmogelijkheid in de hersencellen op natuurlijke manier wordt uitgebreid, eerst in de reeds levendige hersencellen en vervolgens in de nog ‘slapende’ hersencellen.

De verlevendiging en de hogere trillingen worden in de endocriene klieren door de samenwerking van de adem, de stem, de lichaamshouding, de bewegingen en de gerichte gedachte te voorschijn geroepen, aangewakkerd en voortdurend uitgebreid en tot harmonische samenwerking aangemoedigd, met het doel de hormonen en de etherische stoffen, nodig voor de verlevendiging van bloed, zenuw en hersenen, in voldoende mate en evenwicht te kunnen produceren.

Niet buiten, maar binnen in het lichaam van de mens met zijn hormonen ligt de macht tot ontplooiing van de denker, die de mens in wezen is. Alles wat hij nodig heeft, is al in hem aanwezig, het moet alleen nog in werking worden gebracht. Dat is mogelijk door middel van gerichte gedachten, zuivere leefwijze en geregelde oefeningen. Hiermee kan de mens niet alleen zijn denkwerk, maar zelfs zijn karaktereigenschappen verbeteren, bij voorbeeld agressie, die voornamelijk ontstaat door gebrek aan werking en samenwerking van de verschillende in het lichaam gereed liggende kliersystemen. Door aan de verbetering van de klierfuncties te werken ontstaat pas de harmonisch denkende mens, die de mensheid een stap verder op de weg naar de vervolmaking kan brengen.

 

"Ons lichaam moet een tempel van God worden.

Het moet zo worden gestemd dat harmonieën eruit opklinken"

Dr. Ha’nish

 

Harmonieleer in de zin van de Meestergedachte heeft betrekking op het gebruiken van klanken en tonen voor onze ontwikkeling.

Het zingen van klinkers brengt heilzame trillingen teweeg in bepaalde zenuwvlechten, alsmede langs de ruggengraat, in het ruggenmerg en in het hoofd. In het hoofd gaat het zowel om het gezicht als om de hersenen. Volgens Dr.Ha’nish kunnen de hersenen alleen met geluid worden "getraind"

Ons doel is training, ontwikkeling en verfijning van het zenuwgestel, waarbij de hersenen de eerste plaats innemen. Wij trachten de klinkers door ons gehele lichaam te laten trillen, van de kruin tot en met de voetzolen en tenen, handen en vingers. Iedere vocaal werkt in op een bepaald orgaan en een bepaald zenuwvlechtwerk. Verder werkt ieder vocaal in op een bepaald deel van de hersenen.

Ik zelf zie hier een verwantschap met de Mazdaznan Klierkunde, klankoefeningen van de harmonieleer, die op een zelfde wijze de endocriene klierstelsel bepaalde zenuwvlechten, langs ruggengraat en ruggenmerg en in het hoofd stimuleren. De klanken verhogen de werking.

Beoefening vande chakra leer en de leer van Mazdaznan kan men individueel toepassen beide zijn gericht op het vergroten van de lichamelijk en geestelijke harmonische en gezondheid bevorderende ontwikkeling. We zien hier een duidelijke verwantschap, die ieder op een eigen manier vanuit de oudheid zich heft ontwikkelt in het midden Oosten en in het Westen van de wereld. Beide zijn gericht op het ontwikkelen van een universeel besef.

 

Syncretisme

De 7 bollen behoren niet alleen tot de hogere bewustzijnstoestanden maar er is nog een voorbeeld dat aandacht verdient. Dat is het volgende: Syncretisme is een woord dat uit het Grieks stamt; over de oorsprong ervan is echter niets precies te bewijzen. In de praktijk betekent het zoveel als "religie-eenheid"; men vatte met dit woord het streven samen van de verschillende religieuze belijdenissen tot hun gemeenschappelijke oergrond te herleiden, met handhaving en inachtneming van alle plaatselijke eigen aard, om zodoende voor het universele vredesrijk op aarde de weg te effenen. Dit streven is oeroud en bestaat al sedert de deling van het blanke ras, toen het westwaarts trekkende Avesta-mensen en de zuidwaarts trekkende Veda-groepen, uit elkander gingen, hoewel het woord syncretisme zelf pas later is ontstaan. Alle grote wegbereiders hebben gepoogd deze kloof tussen groepen van dezelfde oorsprong te overbruggen.

Een ander voorbeeld is het volgende: "De openbaring van Johannes van Patmos" de weg naar vervolmaking, de wet van ontwikkeling, de 7 treden naar het hoogste menselijkheid, de boodschap aan de 7 gemeenten en het openen van de zeven zegels. In Azië ligt de oorsprong van de mensheid. Door de zarathustrische leringen ontstonden de mysterie- en inwijdingsscholen of tempels met hun geenzings-centra. De belangrijkste van deze kultuur-centra zijn de zeven gemeenten, waar Johannes zijn boodschappen aan zendt.

Dit zijn: Ephesos, Smyrna, Pergamus, Thyateira, Sardeis, Philadelpheia, en Laodikeia. Johannes vond alleen deze zeven steden belangrijk voor de geestelijke ontwikkeling van Klein Azië en de gehele wereld. Hij vergelijkt deze streden met de werktuigen van de 7 zenuwvlechten die langs de ruggengraat liggen. De lichamelijk/geestelijke werking van deze zenuwvlechtknopen of chakra’s zijn onontbeerlijk voor de zich ontplooiende mens. De organen van het lichaam hebben een geestelijke opdracht om mee te werken aan het bewustzijnsproces en de vervolmaking. De menselijke ontwikkeling hangt af van de toestand van zijn hersenen en de zenuwsystemen. Wat in de mens geschiedt, straalt vanzelf uit in de gemeenschap.

In dit grote universele beeld staat in de Zarathustrische leer de mens centraal. De mens gebonden aan hun plaats in de wereldorde, maar met hun hogere aspecten, goddelijke wezens die zich vanaf het begin zich bewegen en mengen en deel hebben aan de werkingen van het macrokosmische leven. Ahura Mazda is voor hen géén buitenstaander of op zich zelf staande schepper, maar één wiens voortbrengselen tot stand komen en vervolmaakt worden door de geestelijke kracht van mensen, die volgens de rechtvaardige Wet leven, hebben geleefd en zullen leven. Zo luidt een bekende hymne:

Het is door de zielen van deze mannen en vrouwen, dat de hemelen en aarden zich uitspreiden en in stand worden gehouden, door hen dat ‘de wateren stromen, de planten groeien, de winden waaien’ dat zon, maan en sterren hun schitterende wegen volgen, en door hen wordt het evenwicht bewaard tussen de aantrekkende krachten van de schepper-instandhouder en de afstotende krachten van de ontbinder-vernietiger. En in deze wereld zal tenslotte door het menselijke gedrag de harmonie tot stand worden gebracht en het kwaad worden omgezet in het goede, want hier op deze karshvar Hvaniratha wordt de grootste strijd gevoerd en ook het grootste goed volbracht.

 

Sleutels van ontwikkeling: ‘De ambrosia gedachte’

Wij bewegen ons onder Goddelijke leiding in een opwaartse richting. Naar het hoger geestelijke de Gods gedachte. Onderstaand beschrijf ik de eerste sleutel die een mens krijgt op zijn reis, naar een hogere ontwikkeling een geestesrijker en gezondleven.

Deze eerste sleutel staat voor: De Godsgedachte die zich in ons kenbaar maakt. Al ons handelen is in volkomen overeenstemming met Gods wil.

De tweede sleutel: Ons spreken bevat niets dan de waarheid; de mens manifesteert zich in het zuiver denken, systematisch, ordenend, en analyserend. Van waaruit gerechtigdheid, rechtvaardigheid en evenwicht in handelen voort komt.

De derde sleutel: deze derde sleutel ligt in onze intuïtie, in het eenheidsdenken, waarin schijnbare tegenstellingen worden overbrugd en verassende oplossingen zichtbaar worden. Deze sleutel ligt in het gehele universum verboden en is toegankelijk wanneer wij ons ervoor openstellen. Gods Rijk licht hierin verborgen, de openbaring ervan komt wanneer wij ons doel stellen.

De vierde sleutel: Hier nemen wij de verantwoordelijkheid voor onze gedachte woorden en daden. Hier nemen we de verantwoordelijkheid om onze talenten te ontplooien en te gebruiken.

De vijfde sleutel: In ons manifesteert zich overgave en toewijding aan de scheppende gedachte die zich voor ons wenst te openbaren.

De zesde sleutel: Dit is onze innerlijke stem, die ons maant tot gehoorzaamheid aan Gods wetten. Zelfdiscipline en concentratie, samentrekking van onze gaven en krachten in het hier en nu, telkens op één punt, tot datgene waar wij mee bezig zijn. Dit is de realisatie van de ware ‘Koninklijke kunst’

De zevende sleutel: In ons is dit de belofte van het eeuwige leven en het verlangen daarnaar. Het streven van volmaaktheid, naar nimmer aflatende groei en drang naar ruimte innerlijk en buiten ons.

www.universelevrede.nl
Auteur: Antoinette Meesters

 

 

 

zarathoestraadelaar.jpg

 

 

De leer van Zarathustra:

Onderzoekers uit deze religie in India. claimen dat de leer veel ouder is dan de Westerse onderzoekers aannemen (500v.Chr) De antieke geschiedschrijver Herodot, heeft gelijk. In latere tijde was "Zarathustra" en Zarathustrotemo tot titel geworden, vandaar de verwisseling tussen de oorspronkelijke Zarathustra en de latere drager van deze naam.

In het centrum van Zarathusra’s leer staat, Ahura Mazda ook wel omschreven als de Hoge zonnegeest. De betekenis van de naam, geeft een klaar begrip van Zarathustra’s diepe gedachten, over het Ene Wezen (God) Mazda is gevormd uit twee woorden maz-groot en da-weten, dus alwetend. Ook Ahura bestaat uit twee woorden: Ahu-zijn en ra-leven. Ahu met achtervoegsel ra betekend "wat is" of "wat leeft".

Ahura Mazda betekend dus "Alwetend zijn" of "Alwetend leven". Hoewel de Gatha’s de indruk wekken dat wij bij de woorden Ahura Mazda, Mazda, Ahura te maken hebben met een persoon, is er sprake van een Onpersoonlijk Beginsel (zo als het dit ook was voor Zarathustra) dat zich in vele en velerlei vormen openbaart, maar zeker geen persoon met bovenmenselijke eigenschappen, die naar willekeur de dingen "schept" en "regelt".

De schepper is ook volgens Zarathustra het Zijn, de schepping de vorm waarin het Zijn zich openbaart, het scheppen het proces volgens hetwelk het Zijn (het vormloze) vorm aanneemt.

In de Gatha’s is Ahura Mazda de ene grote oorzaak, de bron van al wat is, het begin en het einde, de "schepper" van alle zienlijke en onzienlijke dingen, de eeuwige, de allesomvattende, de alomvertegenwoordige en onveranderlijke, volstrekte liefde en rechtvaardigheid. Ahura is de eeuwige wet, die de mens geopenbaard word door de mathra-spenta, het heilige woord. Volgens deze wet wordt het heelal geschapen, en vanaf het beginvan de schepping van de mens openbaart het zich. Deze wet, de daena (een overeenkomstig met het dharma der hindoes is onmiskenbaar) omvat enerzijds alle natuurwetten, anderzijds alle gedragsregels.

Met daena wordt echter niet alleen de goddelijke wet bedoeld, maar ook die welke de geest van de mens beheerst naar de mate van de kennis waarmee hij zijn vrije daden wikt en regelt. Daena is het geweten, het begrip van plicht dat iedere mens eigen is, warme hij het verkeerde veroordeeld, en het goede toejuicht, dat hem afhoudt van het kwade en dat hem het goede doet verrichte. Zarathustra erkent naast Ahura Mazda geen andere macht. Het begrip van een kwade macht als eeuwige tegenstander van Ahura Mazda is hem volkomen vreemd.

Eerst latere geslachten hebben dit in zijn leringen ingevlochten. Daar vinden wij de idee van twee volkomen onafhankelijke geesten, de ene goed en de andere slecht, die eeuwig met elkaar in strijd zijn. Ook zelf spreekt hij daarvan, maar eerst wanneer hij en antwoord poogt te vinden op de vraag, hoe de onvolkomenheden van deze wereld te verzoenen zijn met de goedheid, de heiligheid en de gerechtigheid van God. Dan komt hij tot de oplossing dat er twee oerbeginselen bestaan, die hoewel onderscheiden, onverbrekelijk met elkaar zijn verbonden (heel tekenend noemt hij ze de "tweeling".

 

Zarathoestra

Zarathustra vereerde Ahoera-Mazda, (later samengetrokken tot Ormoezd), de Grote Zonnegeest. Achter het fysieke gelaat van de zon nam hij het bovenzinnelijke gelaat van het hoogste Goddelijke wezen waar. Zoals de uiterlijke zon haar levenwekkende stralen naar de aarde zendt, straalde dit wezen zijn eeuwige scheppende kracht naar de aarde uit, waarbij het een werkzame mensheid als werktuig voor zijn scheppingsdrang nodig had. De leer van Zarathustra moet door een grenzeloze verering en liefde voor de hoge zonnegeest bezield geweest zijn.

 

Toen de leer van Zarathustra, ongeveer in de zesde eeuw voor Christus, de oude zonneleer door de latere Zarathustra, vernieuwd werd neergeschreven in de gatha’s van de Zend Avesta, kreeg het dramatische beeld van Angramainjoesj ofwel Angra-Mainyu – later samengetrokken tot Ahriman- de tegenspeler van Ahura-Mazda, zijn vorm. De mens die op aarde haar levenstaak te volbrengen heeft, maakt zich steeds meer los van de zegendende krachten van de grote zonne-aura en raakt daardoor in nood. Totdat Ahura Mazda,( de Hogere zonnegeest, God), zelf, naar de aarde afdaald en een menselijke gestalte aanneemt om het geestelijke zaad van God de kiem van de verlossing in de aarde te planten (Jezus van Nazareth)

Zo gaat de leer van Zarathustra over in een groot Messiaans toekomstbeeld, dat in de tekst van de Avesta (19e Jasit) in de profeterende woorden tot uitdrukking komt. (vertaling Hermann Beckh in zijn Zarathustra, Stuttgart 1927, blz 110; Nederlands van J.C.Ebbinge Wubben.

 

Avesta (19e Jasit)

De machtige, de koninklijke, belofte behelzende Zonne-ether-aura,

de door God geschapene, vereren wij in het gebed, die over zal gaan op de triomferendste der Heilanden en op de anderen, zijn apostelen, die de wereld vooruitbrengt, Die haar laat overwinnen ouderdom en dood, ontbinding en bederf, die haar verschaft het eeuwige leven, het eeuwige gedijen, de vrije wil, wanneer de doden weer opstaan, wanneer de levende overwinnaar van de dood komt en door de wil de wereld vooruit wordt gebracht.

 

Zarathustra was zich tot zijn dertigste levensjaar niet bewust van zijn grote gave. Het was tijdens de lentennachtevening dat hij, om water te halen voor de Haoma-ceremonie de ‘Rivier van de Vier Stromen’ inliep en plotseling een figuur van licht voor zich zag staan op de oever van de rivier. De figuur riep hem tot zich en bracht hem in tegenwoordigheid van de gezegende onsterfelijken, en toen ook in de tegenwoordigheid van Ahura Mazda. Met het Licht van de Heer omgeven, werden hem de geheimen van het Zijn aan Zarathustra onthuld; van de schepping, de hemelse sferen, van het verleden, het heden en toekomst. Hij begreep zijn opdracht: Deze heilbrengende wijsheid aan alle wezens op aarde te brengen.

 

Na deze wonderbaarlijke ervaring reisde Zarathustra tien jaar lang door een groot gebied, maar bekeerde slechts enkelen. Op een dag kwam hij aan het hof van Koning Vishtaspa van Bactrië, bij het naderen van de monarch, plaatste Zarathustra in zijn handen een stralende vlam, die hem geen letsel toebracht. Vishtaspa was onder de indruk, maar meer door de woorden van de profeet. De hofpriesters, astrologen, geleerden en barden waren argwanend en vijandig. Ze grepen alle mogelijkheden aan om Zarathustra te verwarren, zijn uitspraken te weerleggen en hem te kleineren, en zorgden ervoor dat hij in de gevangenis belande. Maar Zarathustra onwankelbaar geloven in zijn innerlijke verbondenheid met Ahura Mazda. Op zekere dag werd hij bevrijd, nadat hij het zieke paard van de koninklijke familie, op wonderlijke wijze had genezen. Hij won de oprechte steun van de koninklijke familie, maar ook van de wijzen. Zijn leringen zouden zich in Iraan en ver daar buiten verspreiden.

 

Deze en vele andere symbolische verhalen over het leven van Zarathustra, vertellen over de verzoekingen en louteringen van wereldverlossers. Zarathustra was een ingewijde van hoge graad. Volgens de oosterse mysterietraditie combineerde hij bij zijn geboorte de drie elementen van een avatarische neerdaling: de khwarr, zijn hemelse glorie die, zoals men betuigd voor deze incarnatie neerdaalde vanuit de wereld van Licht naar de zon, naar de maan, de sterren, het haardvuur en in zijn toekomstige moeder. De fravashi, zijn beschermende en inspirerende ziel, die naar de aarde werd geleid, nadat deze als gelijke onder de Amesha Spenta’s had verkeerd. De tangohr, zijn zuivere fysieke substantie die tevoren was toevertrouwd aan de zorg van de heren van het water en van de planten. Deze drie kwamen tezamen, en hij werd uit menselijke ouders geboren.

 

De zelfbewuste mens, de Licht mens, wekt zich zelf op tot de strijd tegen de moeilijkheden ( de vernietigings gezinde geesten) en zij herinneren hem aan zijn geestelijk overwicht en richt zich zelf op door de vrijkomende positieve krachten van het hoger geestelijke. De onbewuste mens valt ten prooi aan de verleidingen en hij blijft op dezelfde trede van ontwikkeling staan als de zwarte machten van de duisternis en vermoeid zich steeds verder in de strijd ermee. Zodat zijn leven geen nutbrengende ontwikkeling oplevert, noch voor hemzelf, noch voor de gemeenschap. Maar deze mens kan op ieder moment tot inkeer komen en te allen tijde naar het licht opstijgen, waarmee hij de tijd waarin het boze werkzaam is kan bekorten, zodat ieder mens uiteindelijk kan zegevieren. In dit scheppingsproces wordt ook het ontwikkelingsproces van de individuele mens uitgebeeld. De creatief denkende mens moet alle twijfel opzij zetten en de positieve kant van de gedachten naar voren brengen. Daarna moet hij eventuele opkomende hindernissen overdenken, afwegen en wegruimen, zodat hij ten slotte zijn positieve gedachte met volledig succes kan verwezenlijken.

 

Wie in de tweede fase zich zelf heeft overwonnen, en zich ontwikkeld heeft tot een individueel denkend mens met een vrije wil, behoeft geen aansporing meer en bevindt zich nu helemaal in het Verbond met Ahoera Mazda, met de goede opbouwende schepping. Een middel vanwaar een grote kracht uitgaat in de strijd tegen het duister zijn de gebedsoefeningen, die het lichaam van alle belemmerende elementen bevrijden.

 

 

 

 

 

 

 

http://www.religionfacts.com/a-z-religion-index/images/zoro-temple-of-yazd-iran-wp-gfdl.jpg

 

 

Zoroastrianisme

Het Zoroastranisme is een oude religie die gesticht door Zarathoestra in het oude Aryan. Het Zoroastrianisme is de oudste beoefende monotheïstische godsdienst (geloven in God) De Zoroastrian geschriften zijn de Avesta.

De Zoroastrian geloofsbelijdenis zij aan het leven gebaseerde uitdragingen van: goede gedachte, goede woorden en goede daden.

De Zoroastrian opvattingen en wijsbegeerten zien de schepping als een gelijktijdig naast elkaar bestaande dualiteit.

 

Mainyu

het spirituele bestaan en Gaeta ( Gaethya ) het materiële of het fysieke bestaan.

Het spirituele is de basis voor het materiële bestaan

De Iraanse dichter Ferdausi’s (935 – 1020) schrijft zijn boek "Sjahannama ", boek der koningen, Zarathustra vertelt koning Vishtasp " Kijk op de hemelen en de aarde God, Ahoera Mazda creëerde ze niet met stof en water. Kijk naar het vuur en zie daarin hoe zij tot stand is gebracht". Vuur is een overgang tussen het spirituele en materiele bestaan.

De universele wetten Asha beheersen/regelen de orde in het spirituele en materiële bestaan.

De mens is samengesteld uit een zowel de geestelijke en materiele bestaan.

 

Asha

is beschikbaar, middels onze individuele keuze om orde op zaken te stellen middels onze gedachten, woorden en daden.

In de mens zijn morele en ethische tegenstellingen aanwezig van goed en slecht. De goede vormt dichotomie – elkaar uitsluitende tegenpolen die een keuze tussen het ene en de andere veroorzaken.

Deze ethische en morele tegenpolen zijn Asha ( principieel zijn, eerlijkheid, weldadig, in een natuurlijke volgorde, een geoorloofde levenshouding ) en Druj ( schadelijke, chaotische, onrechtmatig, leugenachtig, bedrieglijk )

De mens heeft het vermogen om te kiezen tussen deze twee polen, wanneer men een keuze maakt, kiest men voor een bepaalde weg in het leven, deze is de weergave van de geest.

Degene die door Ascha worden geroepen, zijn de Ashavan en degene die zich geroepen voelen door Druj zijn de Dregvant.

Het begrijpen van het verschil tussen dualiteit en het beslissen tussen de antwoorden in het dagelijks bestaan vereist een open geest. Door het opzoek gaan naar kennis, door te luisteren en het verkrijgen van wijshei, khrateush of khratu.

De juiste keuzes en beslissingen zijn met redenen omkleed, ratavo, zijn een keuzemerk voor producten van wijsheid.

Goede gedachten, woorden en daden voeren tot een natuurlijke, intuïtief resultaat. Goedheid is niet gestoeld op dogma’s, maar goedheid is een product gebaseerd op wijsheid.

Binnen de grenzen van omstandigheden, is het menselijk wezen begiftigd met de vrijheid om keuzes te maken. Het stelt ons in staat keuzes te maken in gedachten woorden en daden.

Ouders en verzorgers spelen een belangrijke rol bij het begeleiden van jongeren bij het maken van de fundamentele keuzes die zij maken, vooral voordat zij de leeftijd van de reden bereiken (15 jaar )

De spirituele componenten in de natuur en de mens

De mens is samengesteld uit zowel de materiële als ook de spirituele componenten.

Onze geest vormt en bepaalt de aard van onze houding, onze mentaliteit, en gedachten, woorden en daden.

Mainyu is het dubbele tegenovergestelde van het fysieke gaetha, het niet-fysieke of niet-materiële bestaan.

Mainyi is buiten onze zintuigen, zij het misschien niet buiten ons gevoel en intuïtie.

 

Spenta & Ahriman

Een heldere, positieve, weldadige geest, dat tot doel heeft de wijsheid te ontvangen is genaamd Spenta Mainy. Een donkere, negatieve, destructieve geest de nog onbewuste geest wordt genaamd Ahriman. Het Archtetype en belichaming van Ahriman heet Ahriman de vlees geworden duivel.

De fundamentele keuzes die wij maken is de aard van de geest en houding.

Omdat onze keuzes kunnen veranderen en omdat Spenta Manyu bijzonder is, moeten wij op gezette tijden en voortdurend een herbeoordeling en bevestiging van de geest nodig. Orthodoxe Zoroastrians gebruiken hiervoor het dagelijks gebed.

Onze fundamentele keuze bepaald de aard van ons karakter, dat het karakter is van onze ziel.

Afhankelijk van onze geest kiezen we ervoor om vrolijk of boos, opbouwend, of destructief, nuttig, of schadelijk, eerlijk of oneerlijk, trouw of ontrouw, gezond of ongezond, rustig of opgewonden, vreedzaam, of strijdlustig, holistisch of onevenwichtig.

Alle levende wezens hebben een ziel, urvan.

Een persoon wiens karakter en dat van de ziel is opgebouwd op de geest naar keuze, doormiddel van een vrije wil. Met de vrije wil en keuze komt verantwoordelijkheid en verantwoording. De mensen zijn verantwoordelijk voor hun keuze en dus verantwoording in en in het leven na de dood.

Het lot van de menselijke ziel, hangt van de richting der gedachten, woorden en daden.

De menselijke ziel ontvangt datgene in het hiernamaals wat zij heeft gegeven in dit leven.

De ziel maakt haar eigen hemel of hel, zijn beide een geestelijk bestaan en geen plaatsen.

Alle zielen komen van God Aan het einde van de tijd zullen alle zielen terug keren naar God.

 

Fravasi

Een ander spiritueel component die zich in de schepping manifesteert in al het levende en in niet levende is de Fravasi of farvaerd.

Een aspect van de fravasi wordt de ook wel de Godsvonk genoemd, geeft al het levende van de schepping van Asha, de wetten die gelden voor de geestelijke en materiële universum.

Dit aspect van de fravashi onderhoudt en helpt, begeleid het evolueren naar frasho-kereti, een ultieme en ideale toekomst. Het kan gezien worden als de hand van God in de schepping. Omdat Gods wet overal aanwezig is, in alles in alle delen en deeltjes van de schepping, woont het plan van God’s schepping, vanaf het allereerste begin.

In de mens, terwijl de ziel persoonlijk is, is de Fravasi universeel. De ziel blijft zolang de tijd bestaat, de fravashi is eeuwig.

De fravashi geeft de mens intuïtieve toegang tot de morele en ethische wetten van Asha, en biedt de mogelijkheid om als persoon inzichten in de aard van de evolutie te verkrijgen, doormiddel van introspectie.

Ook bekend als Arda Fravash, ( de Heilige Aartsengelen) Ieder mens wordt begeleid door een beschermengel, deze fungeert als een gids voor de gehele levensduur. Oorspronkelijk bewaakten zij de grenzen van de wallen van de hemel, maar zijn vrijwillig naar de aarde gedaald om de mens op hun pad tot het eind der dagen te begeleiden. Ahoera Mazda, adviseert Zarathoestra de Fravashis aan te roepen wanneer er onder zijn leiding en zorg voor mens en dier deze in gevaar verkeerde, omdat de boze Druj ze allemaal zou willen vernietigd. De Fravashis dienen ook als ideaal die de ziel heeft om te streven naar eenheid. Ze staat voor de energie van God, en het behoud van orde in de schepping.

 

Khvarenah/ khvarana/khwarnag

in Pahlavi: Khwarr of Khwarrah, in het oud Perzisch: Farnah.

De Khwarr is het archetype die de mens laat groeien tot de limiet van zijn of haar capaciteiten in genade, dit wil zeggen, in overeenstemming met de Fravashi. Een ander mogelijkheid is wanneer de mens er naar vraagt of wenst te groeien.

De Khwarr maakt dat de persoon uniek is en is verschillend voor elke persoon.

Als de mens zich van alle potentieel in genade bewust zou zijn, zal de wereld frasho-kereti bereiken, de ultieme en ideale toekomst van bestaan een universele vrede.

Doordat de mens zich beperkt, geldt dat men zijn/haar volledige potentieel of capaciteiten niet zal of kan bereiken.

Tot op zekere hoogte wordt de mens bepaald door geboorte en omstandigheden, maar kan ondank zware obstakels,en tegenspoed door de innerlijke wens en zich op het pad te begeven Khwarr bereiken. Dit zijn ware helden daden een held waardig.

Je zelf verliezen is het verliezen van Khwarr.

In de mythologie, is de Khwarr de vogel, zwevende boven een persoon, wanneer fatsoen vervangen wordt door een verachtelijk mens, groeien uit de schouders van de persoon slangen.( zie Sjanama – King Jamshid en Zahak )

De persoon die zij Khwarr realiseert heeft een halo, een helder licht rond zijn/haar hoofd. (zie het portret van Zarathustra) een fysieke representatie geestelijke ogen en zintuigen. Het tegenovergestelde van het licht is duisternis – als een donkere wolk boven iemand.

Khwarr en het daaruit voortvloeiende charisma maakt leiderschap die niet afhankelijk is van autoriteit.

 

Verenigd Fravashi

Een persoon waarin de spirituele componenten, de urvan (ziel), mainyu (geest), fravashi, en Khwarr samen komen is een verenigd fravashi.

Als de geest, ziel en khwarr in harmonie zijn met Asha, dan is er een verenigs fravashi. Als zij zich niet in harmonie bevinden met Asha, dan is er een scheiding van de fravashi in dit leven, en bij uitbreiding na dit leven.

De verenigde fravashi van rechtvaardigen zijn in staat Aartsengelen te worden.

 

Fravahar of Farohar

De in steen gegraveerde afbeelding van de Fravahar aan de rechterkant is een op steen gehouwen en met houtsnijwerk in opdracht van de Achaemenian koningen. Het beeld wordt meestal afgebeeld boven de afbeelding van een koning. De afbeelding van de koning, in de fravahar is identiek aan de koning. In 1925, JM Unvala, een Parsische geleerde ziet het beeld als een vertegenwoordiging van de fravashi (de fravahar van de koning of voorouder) en in 1928, Dr. Irach Taraporewala ziet het beeld als de vertegenwoordiging van de konings ravahar.

 

Spirituele Quest

Op basis van de hoofdstukken 30 en 48 in de hymnen van Zarathoestra – de Gatha’s ):

Een persoon die een zoektocht ondergaat naar spiritueel bewustzijn, of de realisatie is van een individuele zoektocht.

De weg naar spirituele realisatie, realiseert men doormiddel van een open geest, goede gedachten, woorden,daden, wijsheid, goedheid, sereniteit, zuiverheid.

Inzicht ontstaat vanuit een open geest, luisteren, introspectie, en vervolgens baant iedere persoon voor zich zelf zijn individuele pad naar spirituele realisatie.

Houd een open geest, luisteren betekent niet naar anderen. Blind vertrouwen leid tot bedrog. (Gatha 48,10)

 

Ushta & Armaiti

Het doel in het leven is te komen tot een Ushta, vrede en geluk. Een uiting van gezagsgetrouwe vrede en sereniteit of Armaiti. Uit het boek van Yasna, hoofdstukken 27, 28, en 29. Yasna is een van de Avesta boeken, de Zoroastian geschriften.

 

Ahoera Mazda

Op basis van Sad-o-Yak Nam-e-Khoda, de Honderd en Een Namen van God.

De Zoroastrian term voor God is Ahoera Mazda.

Er zijn geen Zoroastrian afbeeldingen of voorstellingen van God.

Het Zoroastrian concept van God is:

God in de taal van de oudere Zoroastrian geschriften is Ahoura Mazda.

Er zijn geen Zoroastrian afbeeldingen of voorstellingen van God

Het Zoroastrian consept van God is dat:

- Inzicht in de ware aard van God is het menselijk begrip (een-aiyafah)

- God is niet-antropomorfisch/mensachtig, God is vormloos, heeft geen menselijke zwakheden of emoties, God is geen voorstander voor boosheid, God kent geen boosheid.

- God is zonder dualiteit.

- God is zonder oorzaak ( een biochemie), God is de grote oorzaak van alle oorzaken en de kern van de gehele schepping.

God is zo goed als mogelijk begrepen, door middel van God’s transcendentale schepping gerelateerde attributen genaamd.

 

Amesha Spentas

Vohu Mano, de Goddelijke gedachte

Asha, kosmische orde en de universele wetten

Khshathra, Dominion/heerschappij

Armaiti, gelijkmoedigheid, sereniteit

Haurvatat, ultieme heelheid

Amertat, onsterfelijkheid

Deze Goddelijke attributen hebben een menselijk equivalent, het zijn idealen waarnaar mensen zich richten, het is een manier van leven.

Vohu Mano, is de goede geest van de mens

Asha is principieel zijn, eerlijkheid, weldadig zijn, gerechtigheid

Khshathra is het leven onder de heerschappij van soevereiniteit

Armaiti is sereniteit zuiverheid

Hauvatat het streven naar een holistische gezondheid

Amertat, transcenderen uit de stofflijke beperking door middel van het opbouwen van een in harmonie zijnde lichamelijke en geestelijke gezondheid. Hand in hand

gaand met de spirituele vlam Mainyu Athra, het opbouwen van een duurzame geest, ‘het verenigd Fravashi’.

( Een persoon waarin de spirituele componenten, de urvan (ziel), mainyu (geest), fravashi, en Khwarr samen komen is een verenigd fravashi)

Mainyu Athra, is de spirituele vlam in ons hart, Mainyu Athra en de ethische waarden van Asha: eerlijkheid, orde, liefdadigheid, rechtvaardigheid. De Symbolieke van de eeuwige vlam in het Zoroastrianisme kan worden vergeleken met de symboliek van de olympische vlam. Het symboliseert de fundamentele ethische waarden en principes.

 

In een verdere poging om God’s werk te begrijpen, zijn de zes kwaliteiten en kenmerken de Amesha Spentas gezien als Aartsengelen een abstracte uitbreiding van God elk gekoppeld aan een aspect van de schepping.

De Perzen bekeken uit het perspectief van de Grieken, aanbidden zij antropomorfisch De Grieken daarentegen aanbidden meerdere goden, tijdens Herodotus ca. 430 voor Christus. De Perzen hebben geen beelden van de goden, geen tempels of altaren, en het gebruik van ervan merkt men aan als een taken van dwaasheid. Men stelt dat het Griekse geloven dat goden dezelfde aard hebben als de mannen. 

 

Het Christendom beïnvloed door het Zoroastranisme 

Millennia lang stelt de mens zich de vraag: "waarom op aarde te zijn?". Het antwoord hierop vinden we in de vele verschijningsvormen van de religie.Momenteel zijn er ongeveer 750.000 Zoroastrians in het Westen te vinden, in India rond het Indiase Mubai (het vroegere Bombay) America, Canada, Frankrijk, België, Nederland, Duitsland, Zwitserland, Oostenrijk, Hongarije, Groot-Brittannië, etc. 

De naam Zoroaster, is maar bij weinig mensen bekend, waarbij ik mag concluderen dat dit belangrijke cultuur element dat eens de bakermat van onze beschaving was niet meer die invloed heeft, die in de tijd van de Assasians periode had. Deze Sumero-Akkadische beschaving was de laatste ooggetuige voordat de Arabieren een eind maakten met een van de peilers van de Perzische cultuur: het Zoroastrianisme. 

In het Westen kreeg het Zoroastrianisme geen kans zich te ontplooien. Desondanks mag de verbreiding van in het Romeinse Rijk populaira Mithras- cultus, een groot succes worden genoemd. Een intolerante houding van het Christendom, heeft uiteindelijk deze cultus weg gevaagd. 

 

Ook door de kruistochten getekende middeleeuwen, boden geen plaats voor het Perzische cultuurgoed. Sommige filosofern in de Renaissance vonden Zoroaster belangrijk genoeg om voor een breed publiek aandacht te vragen. Maar buiten Plato en Arestoteles bvleef Zoroaster een onbekend terein. Pas in de 18e eeuw heeft de Franse geleerde Anquetil Duperron, op basis van het oud- en middel-Perzisch, de teksten vertaald die gebundeld waren in het heilige boek van de Zoroastrians de "Avesta" waarna vele geleerden uit deze bron putte vaak zondder de bron te vermelden. Er ontstonden hevige discussies onder de Europese filosofen en schrijvers waaronder: Voltaire, Nietze, Grimme, Goethe, Kleist, Byron, Shelly, en Didderot. Mussici als: Mozart, met de opera Die Zauberflöte, Rameneau met zijn opera Zoroaster, Richard Straus met zijn symfonie Also sprach Zarathoestra, putte hier inspiratie uit. 

Deze bekende wereldse mensen, gebruikte gretig het onderwerp Zarathoestra aan, om een stelling in te nemen tegen het Christendom, die niet langer aanspraak kon maken op de waarheid, de leer van Zoroaster was zoveel eeuwen ouder. Deze bevindingen werden ondersteund door de filoloog Martin Haug die in 1861 zeventien hymnen wist te isoleren van de rest van de Avesta (essays on the sacred language London 1878) Deze met de Vedische taal overeenkomende geschreven hymnen, worden aan Zarathoestra zelf toegeschreven. Het doel van de opleving was om de Perzische cultuur een grotere rol in de westerse geschiedenis te laten spelen. 

Een van deze rollen zijn de overeenkomsten met het Christendom. En wel door het Bijbelboek de "Openbaringen van Johannes". Er zijn parallellen met het Zoroastrianisme aantoonbaar. 

 

Het Zoroastrianisme is de oudste overgeleverde wereldreligie. Die we terug vinden in de hoogvlakten van Tibet, waar ze waarschijnlijk door klimaatveranderingen op de vlucht zijn geraakt. De religie van de nomaden mag dan op dat moment geen Zoroastrianisme genoemd worden omdat deze pasorale samenleving een natuur religie is, in ontwikkeling. 

Deze Mazda cultuur "de Mazdayasians" kenden aan de elementen vuur en water grote belang toe. Niet alleen ten aanzien van levensbehoeften als het bereiden van voeding, maar ook ter bescherming tegen wilde dieren, en koude. Het water zorgde ervoor dat mens en dier niet van dorst omkwamen. Maar zij herkenden er ook hun goden in als Apas (water) en Atar (vuur) Zij herkenden ook hun goden in de zon, maan, sterren, de lucht en luchten,en de aarde. 

De nomadische natuur religie waar het Zoroastrianisme zijn wortels heeft was verre van primitief. De Indo_Europese nomaden kenden als eerste het concept van een hiernamaals. Dit vroege hiernamaals was in de pre-zoroastriasche periode voorbehouden aan de priesters, koningen, en helden, zij waren de mensen van betekenis, die het hiernamaals konden bereiken via een brug gelegen op de top van de berg Hara. Voor de gewone mens was dit onmogelijk.


Hun plaats was in de onderwereld, geregeerd door de mythische koning Yima, de eerste koning die de aarde had gekend Na het overlijden bracht de ziel van de overleden drie dagen op aarde door voordat deze de onderwereld kon betreden. Zodat de ziel kon aansterken en zich voorbereiden op haar reis naar de onderwereld. Later in de pre-Zoroastrische periode werd deze ziel voorheen Urvasn genoemd steeds bvaker als een gevleugelde vrouw de Faravahars voorgesteld. Deze apart van elkaar bestaande ideeën groeide langzaam naar elkaar toe. 

Met het toenemende geloof in het hiernamaals, als bijvoorbeeld gradaties als: onderwereld en paradijs, ontstond ook het geloof in de wederopstanding van het lichaam. Nadat het lichaam zich ontdaan te hebben van het sterfelijke lichaam, bij de geest in het hiernamaals voegen. Om dit proces te versnellen werd het dode lichaam verbrand. Maar door de steeds grotere rol die het vuur in de religie ging spelen verdween deze manier zich te ontdoen van het dode lichaam. 

Een andere manier werd gevonden door in het aan zonlicht en roofvogels blootstellen van de dode lichamen in hoge torens, de zogeheten "stiltetorens". De resterende botten werden begraven om zich spoedig bij de geest te voegen. 

Het idee van reinheid , het niet willen bevuilen ligt waarschijnlijk hier ten grondslag.

Zo had de pre-zoroastrische religie een eigen kosmologie met slechte en goede goden bij wie de verantwoordelijkheid voor de schepping werd gelegd.Zo vormden volgelingen een gemeenschap met eigen tradities en gebruiken op het gebied van gebeden en reinheid. Deze elementen zouden de basis gaan vormen en zijn nog steeds te herkennen in het geloof dat de oer-profeet Zarathoestra in zijn leer verkondigt. 

 

Er zijn vele overeenkomsten te herkennen tussen her Zoroastrianisme en andere heilige geschriften. Daarbij beperk ik mij tot de Openbaringen van Johannes, waarin het thema de eindstrijd een wezenlijke rol in de theologie van het Zoroastrianisme speelt. In ieder geval heeft in de mondelinge traditie dit verhaal altijd een belangrijke rol gespeeld. 

Het opdelen van tijd vindt men in de bijbelboeken Daniel, Ezra, Enoch en Openbaring, en is hier een beïnvloeding van het Zoroastrianisme te herkennen. De drie delen van drie- of vierduizend jaar zou8den allen aan het eind, een Sösyant, een heiland zien. De laatste van deze heilanden zou de belangrijkste en machtigste zijn en het is deze heiland die zich het beste met Jezus van Nazareth doet vergelijken bij het christendom. Deze laatste heiland staat vooraan in de laatste dag –Frashegrid- in de strijd tegen goed en kwaad. 

De Söysyant en Jezus op elkaar omdat beide voorop gaan in de strijd tegen het kwaad, maar ook zijn beide uit een maagd geboren. Jezus wordt uit de maagd Maria geboren en de Söysyant wordt geboren uit een maagd die baadt in het meer fan Hamun in Iran. Dit meer herbergt al duizenden jaren het zaad van de profeet Zoroaster tot de tijd daar is. 

De strijd wordtr gekenmerkt door de wederopstanding. De meest rechtschapene mensen worden het eerst uit de dood opgewekt. Zij zijn het elite korps van de heiland in de strijd tegen het kwaad. 

De personificaties van het kwaad Ahriman en de duivel, bedienen zich van de zelfde instrumenten om de strijd naar hun hand te zetten: Drauga, leugen.. In Openbaring van Johannes wordt het woord leugen zelfs opvallend vaak gebruikt. (Openbaring 14,5; 20,8; 21,8.27; 22,15) 

 

Natuurluk zullen Ahoera Mazda en God, Ahriman uiteindelijk overwinnen, waarna de mensen op hun daden worden beoordeeld en er voor sommige een tweede dood volgt. In het Zoroastrianisme zullen de goden Airyaman en Atar alle metalen in de bergen op aarde doen smelten. Het gesmolten metaal zal de hel in stromen en de wereld verlossen van al het kwaad. Deze voorstelling vertoont overeenkomsten met de poel van vuur en zwfek uit Openbaring alleen is deze eeuwig. 

Het kwaad wist de wereld te beinvloeden, maar na afloop van de strijd zal het kwaad zijn verslagen en zal een nieuwe aarde het paradijs zijn. In de bijbel is dit een nieuwe aarde in het universum, terwijl in het zoroastrianisme deze arde na het wegstromen van de rivier van metaal een nieuwe aarde wordt. In beide religies vestigt God zich eeuwig onder de mensen. 

De beinvloeding van het Zoroastrianisme op het christendom vinden we vooral in de Openbaring van Jophannes, de auteur zelf heeft het over het eiland Patmos in het westen van Klein-Azie. Daarnaast hebben de Grieken een belangrijke bijdrage geleverd aan de verspreiding van het christendom. Een derde belangrijk gegeven is dat westelijk Klein-Azie vanaf de eerste Ionische opstand een bron van strijd is geweest tussen Perzen en Grieken. Door het Perzische rijk in de greep te krijgen. Ook Alexander heeft lange tijd het gebied en enkele aangrenzende gebieden geregeerd. 

De steden aan de kust waren smeltkroezen van verschillende culturen. De auteur van het bijbelboek Openbaringen, moet genoeg mogelijkheden hebben gehad om kennis te nemen van de Zoroastrische religieuze traditie. Aangezien hij tot dezelfde sociale en intellectuele elite behoorde als veel door Diodenes genoemde filosofen. Hij gebruikte zijn kennis van het zoroastrisme bewust of onbewust als model in zijn werk.

 www.universelevrede.nl
Auteur: Antoinette Meesters

 

 

 

 

 

 

ondergaandezon.jpg

 

 

Conclussie:

Hoofdtema: De waarheid achterhalen van het Haoma

Deze kon niet zonder de geschiedenis van het Zoroatrisme, de legendes van de pre-zorastrische periode, de overeenkomsten met de Rig-veda, gerealiseerd worden en de leer van Zarathoestra. Alles is gesitueerd rond het thema dat we terug vinden in de filosofie van het Zoroastrisme en in de vele oefeningen ten bate van wederopstanding. Het ontwikkelen van het hogere vermogen van de mens.

 

Woordenlijst

Ahoena Vairya het ‘onze vader’ van het zoroastrisme.

Ahoera Mazda ‘Heer van wijsheid’

Ahriman of

Angro Mainyoes goddelijke personificatie van het kwaad

Airyaman godheid (yazata) van vriendschap en genezing, die aan het einde der tijden samen met Atar alle metalen in de bergen op aarde doet smelten.

Amesha Spienta een van de zes belangrijkste godheden na Ahoera Mazda. De Amesha Spienta’s zijn: Khshathra Vairya, Spenta Armaiti, Haurvatat, Amertat, Vohu Manah en Asha Vahista

Apaaosha demon in de gedaante van een zwarte hengst. Apaosha dient verslagen te worden, zodat er nieuwe leven over de aarde kan komen (lente)

Apas godinnen, nimfen van het water

Asha ‘orde’ gerechtigheid’ of ‘waarheid’. Als principe strijdig met Drauga..

Atar god van het vuur. Atar manifesteert zich in vuur.

Avesta de heilige boeken van het Zoroastrisme

Drauga wanorde, onrecht, leugen. Als principe strijdig met Asha.

Frashokereti of Frashegird het einde der tijden, de laatste dag.

Faravahar mens in menog vorm.

Gatha’s hymnen gecomponeerd door Zarathoestra.

Gayomard de eerste man of eerste sterfelijke voorouder in de Zoroastrian mythologie. Gayomard komt van het oud-Perzische ‘gayo’ wat leven betekent, en ‘maretan’ wat sterfelijk betekent. Gayomard is daarmee ook de personificatie van het sterfelijk leven.

Getig vaste vorm

Hamazor ceremonie waarbij volgelingen van het geloof van Zarathoestra de handen van elkaar vasthouden om de cohesie in de gemeenschap te benadrukken.

Humata goede gedachten

Hukhta goede woorden

Hvarshta goede daden.

Karshvars zeven afzonderlijke gebieden in het wereldbeeld van de nomaden uit de pre-Zoroastrische tijd.

Khavaniratha het grootste gebied uit het wereldbeeld van de nomaden uit de pre-Zoroastrische tijd.

Kusti een koord dat door de zoroastrian, na initiatie tot het geloof, drie keer om het middel wordt gebonden. Het wordt gebruikt bij het bidden.

Mithra god van de afspraak en waarheid in de pre-Zoroastrische religie. Daarna, in het zoroastrisme, vaak god van het licht genoemd. De cultus van Mithra

werd als ‘Mithras-cultus’ erg populair in de Late Oudheid.

Menog spirituele vorm.

Noeruz nieuwe dag, het Nieuwjaarsvestival voor de aanhangers van de religie van Zoroaster. Vandaag de dag een algemeen Iraanse feestdag.

Sösyant heiland die de gelovigen aanvoert en de arde van het kwaad verlost aan het eind der tijden.

Tishtrya godheid uit de pre-zoroastrische periode die het tot taak heeft de demon Apaosha te verslaan en daarmee te zorgen voor nieuw leven.

Ushta Te, begroeting: gelukzaligheid is met u

Varuna god die presideerde over een eed.

Vaedemna degene die weet (heeft)

Vourukasha de zee in het pre-zoroastrische wereld beeld die de ‘boom van alle zaden’ herbergt.

Yasna een collectie van liturgische geschriften binnen de Avesta en tevens de benaming het offeren voor Ahoera Mazda

Yazata latere godheden die uit de Amesha Spienta’s zijn voortgekomen

Yima de eerste koning op aarde in de mythologie van de pre-zoroastrische nomaden

Zurvanisme sterk dualistisch geloof.

 

Bronnen:

Beckh, Hermann. In zijn Zarathustra, Stuttgart 1927, blz 110

In het Nederlands van J.C.Ebbinge Wubben

Boyce, N.E.M. Atas-Zohr and Ab-Zohr

Boyce, N.E.M. Zoroastrianisme, its Antiquity

Boyce, N.E.M The Haoma ritual

Clark, P. Zoroastrianisme

Hart, Eloise. Sunrice

Hulsman, Arnout. Eindstrijd en Eindtijd, Zoroastrische beinvloeding van de Eschatologie van het christendom

Mazdaznan, Nederland

Moll, Dr.W.A.W,Auteur The Haoma – Soma Problem

Aanbevolen literatuur:

Anquetill du perron, A.H. Zend Avesta (1771)

Darmesteter. J. Zend Avesta 1892 - 1893

Einstein & Zoroastrianisme. Over goden en bestaan

Ferdowsi’s. Shanama

Haug, M. Essays on the saecred language of the Parsis 1878

Herodotus. The histories 1920 – 1924 over de Perzen

Plato Alcibiades

Strabo. groot historicus

Post klassieke westerse schrijvers:

- Barnabe Brisson (1531-91)

- Pietro della Valle (1620)

- Henry Lord (1620)

- Mandelson (1658)

- Tavernier 1678)

- Jean Baptiste hardin (1721)

In 1633 is een kopie van de Yasna een boek van de Avesta neergelegd in Canterburry.

Web-sites

Avesta – Zoroastrian Archives 2005,http://www.avesta.org/

The Zend Avesta Internet sacred text Archives, 2008,

Url:http://www.sacred-text.com

Holy Zend Avesta, 1998 Englisch translation by C.Darmesteter

http://www.avesta.org

Haoma Ritual ( The Circle of Ancient Iranian Studies, CAIS) Iranian Religions:

Zoroastrian, Mary Boyce. 1998–2008:

Url:

http://www.cais- soas.com

Haoma, Dieter Taillieu encyclopedia Iranica

Url: http://www.iranica.com

Jeroen Vuurboom (1999) Zarathoestra. Herders en nomaden.

Url:

http://www.xs4all.nl/`jeroenvu/gwv/zarathoestra.htm

Moll. W.A.W.Zoroaster de vergeten profeet? Topic: Wat is wetenschap 28-05-2007 Marokk0.nl Virtual Community’s.Moll.Warnar A.W.Redacteur Marokko nieuws.Url://forums.marokko.nl/

Zorostrianisme, A Universal Religion: Good Thougts, Good Words, Good Deeds

Url:http://www.zoroastrianism.cc/universal_religion.html

Khosroh Khazai (Pardis) Europees Centrum

Url:

http://www.gatha.org

K.E.Eduljee, Heritage Institute, 2007 & 2008 Zoroastrianism

Url:

http://www.heritageinstitute.com/zoroastrianism

Zoroastrian. A universal religion. Miami USA

Url: http//www.zoroastrianism.cc/index.html

 

www.universelevrede.nl
Auteur: Antoinette Meesters